Kiezen tussen PvdA-dijk of CDA-sluis

Vandaag beginnen de waterschapsverkiezingen. Voor het eerst nemen ook politieke partijen deel. Maar leent waterbeheer zich wel voor het bedrijven van politiek?

Achter het raam bij de ingang van de Bethelkerk in Scheveningen hangt een spandoek van het CDA. Een hoek is losgeschoten, de C hangt verstopt in een plooi. In een zaaltje, verstopt achter een grote trap, houdt de partij een bijeenkomst voor de waterschapsverkiezingen.

Een voor een komen vier CDA-kandidaten voor het Hoogheemraadschap van Delfland binnen. Zij houden een werkbezoek. Geïnteresseerde kiezers kunnen zich aansluiten. Maar ze komen niet.

Waterschappen. De oudste bestuurslaag van Nederland, de wieg van de polderdemocratie. Maar het is ook een bestuurslaag waar de kiezer al jaren nauwelijks interesse voor heeft. Bij de verkiezingen in 2004 bracht 23 procent van de kiesgerechtigden zijn stem uit. Voor critici is dit sinds jaar en dag een argument om het waterschap als bestuurslaag op te heffen.

Niet doen, zeggen voorstanders. Wie de taken van het waterschap onderbrengt bij een ander bestuur – de provincie wordt vaak genoemd – loopt het risico dat waterbeheer, een zaak van lange adem, moet concurreren met belangen die op korte termijn meer aandacht en dus geld krijgen.

Om interesse te wekken voor de waterschapsverkiezingen, die vandaag beginnen, is voor het eerst deelname van partijen toegestaan. Tot nu toe konden alleen individuen zich kandidaat stellen. Voor de meeste kiezers was een brochure waarin onbekenden in drie regels vertelden waarom juist zíj in het waterschapsbestuur terecht moesten komen, de eerste en enige kennismaking met kandidaten. Nu krijgen veel kandidaten een partijnaam bij hun verhaaltje. Zo kunnen kiezers zich op meer baseren dan de wervende tekst in de verkiezingsfolder. Of, zoals het Hoogheemraadschap Delfland schrijft: „Het voordeel van deze vernieuwing is dat u als kiezers nu beter weet voor welke belangen een partij of groep staat.” Want elke Nederlander kent de ideologische verschillen tussen, zeg, CDA en PvdA. Het zou stemmen bij de waterschapsverkiezingen aantrekkelijker moeten maken.

Is toelating van partijen inderdaad de manier om de kiezer te interesseren? Wat betekenen ideologische verschillen voor het waterschapsbestuur? Kan je een socialistische dijk bouwen, een christelijke sluis?

„Michael Sijbom, bij het CDA campagneleider voor de waterschapsverkiezingen: „Op een aantal punten lijken de partijen op elkaar, maar we kunnen ons onderscheiden door de manier waarop je je verhaal brengt, en door de mensen die het brengen.”

CDA-leden zijn traditioneel sterk vertegenwoordigd in waterschapsbesturen. Op het partijbureau werkt een campagneteam van zeven man met een begroting van 100.000 euro en één slogan – Veilig, Betaalbaar, CDA – aan het klaarstomen van CDA-kandidaten. Ze helpen met het opstellen van een profielschets, het inschrijven als kandidaat en het opstellen van een lokaal verkiezingsprogramma. Het doel? „We hebben geen beeld van wat onze natuurlijke grootte is, maar we hopen overal nummer één te zijn.”

Hoewel de PvdA voor afschaffing van waterschappen heeft gepleit, kan de partij „niet afzijdig blijven”, meldt haar watermanifest. „We moeten volop meedoen”, aldus voorzitter Lilliane Ploumen.

„Verschillen tussen de partijen zijn moeilijk te vinden”, zegt Michael Juffermans van het PvdA-campagneteam. „Wel accentverschillen”, vult campagnemanager (budget 20.000 euro) Simone van Geest aan. „Het CDA behartigt de belangen van boeren, daar zijn onze kiezers niet te vinden, wij zullen meer aandacht geven aan de mensen in de steden. De VVD gaat voor het bedrijfsleven.”

Waterschapsonderwerpen lenen zich niet makkelijk voor politieke strijd, zeggen de PvdA’ers. Van Geest: „En de mensen die bij de waterschappen zaten, waren er voor deze verkiezingen ook niet mee bezig.” De PvdA-kandidaten krijgen dan ook trainingen om ze te helpen „de goede woorden te vinden om hun boodschappen politiek te formuleren”.

Beide partijen zetten landelijke politici in als stemmentrekker. Alle regeringspartijen kunnen hun ministers op pad sturen. Oppositiepartij VVD – slogan: Zorg dat je waterschapsbelasting goed wordt besteed – schakelt partijleider Mark Rutte in.

Partijen benadrukken dat de inzet van hun prominenten niet betekent dat je de waterschapsverkiezingen als een referendum over hun functioneren kan zien. De opkomst is immers laag en er ontbreken veel landelijke partijen. ChristenUnie – slogan: Wij zijn water – en de SGP doen wel mee, maar SP, GroenLinks en D66 laten verstek gaan. De socialisten uit principe, zij vinden dat waterschappen „geen politiek orgaan moeten worden”. GroenLinks en D66 hebben steun uitgesproken voor de vereniging Water Natuurlijk, opgericht door verschillende natuur- en recreatieorganisaties om mee te kunnen doen aan de verkiezingen. Onder de kandidaten van deze vereniging bevinden zich ook GroenLinks- en D66-leden.

Herbert-Jan Hiep, campagneleider voor Water Natuurlijk, is ervan overtuigd dat beslissingen van het waterschap soms wel degelijk van ideologie afhangen. Voor bedrijven en boeren is een laag waterpeil handiger, voor natuurontwikkeling een hoog peil. Wil je dat laatste, dan moet je niet op de VVD stemmen, bedoelt hij maar.

Dat omgaan met water voor alle burgers belangrijk is, daar is iedereen het over eens. Dat er van het waterschapsbestuur politiek te maken is, daar zien de partijen wel mogelijkheden toe. Of de kiezers daardoor toestromen en waterschappen aan democratische legitimiteit winnen, is minder zeker.

„Het is een illusie dat je met een paar acties vlak voor de verkiezingen aandacht weet te trekken”, zegt CDA’er Sijbom. Er is wel interesse, zegt Hiep, maar „dat animo zie je vooral bij nichegroepen”.