Waardevol land dankzij agrariërs

Verfraaiing van het platteland kan het best gebeuren door boeren daarvoor te betalen, vindt de commissie-Rinnooy Kan. En met wat creativiteit is het geld ook wel te vinden.

De boeren moeten als beheerders van het platteland in staat worden gesteld het landschap te verfraaien, aldus een advies van de Taskforce Financiering Landschap, onder voorzitterschap van SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan.

U stelt de boeren in uw advies centraal. Waarom?

„We hebben het over cultuurlandschappen die hun waarde danken aan de wijze waarop agrariërs deze landschappen altijd met succes hebben geëxploiteerd. Het gaat niet om bos of hei. En ook niet om groen in de grote steden. Veel mensen maken zich zorgen om de kwaliteit van de agrarische landschappen. Wij nemen die zorgen serieus. Daarom stellen wij voor de ondernemers in staat te stellen ook additionele diensten voor het landschap te leveren.”

Kost bescherming van het landschap 600 miljoen euro per jaar?

„Dat cijfer komt uit een eerdere, vlugge analyse, mede gebaseerd op hoeveel het kost als je zoveel kilometer houtwal en fietspad aanlegt. Die totale kosten zijn nog niet duidelijk, dat moeten de provincies uitzoeken. Wellicht kan het Centraal Planbureau helpen. Ook is het aan de provincies na te gaan waar de spanningen in waardevolle gebieden liggen en welke maatregelen nodig zijn. Zij moeten het voortouw nemen en onderhandelen met betrokkenen, vooral boeren die grondeigenaar zijn.”

Kan je boeren niet vragen altijd zó te werken dat het landschap niet wordt geschaad? Nederlanders zien graag een koe in de wei.

„Dat kun je als samenleving niet van agrarische ondernemers vragen. De sector heeft een eigen bedrijfseconomische verantwoordelijkheid en heeft een wereldmarkt te bedienen.”

Wie moet de maatregelen betalen?

Er zijn veel lokale private partijen die uit nobele motieven geld in beheer van landschap steken. Maar wij denken wel dat de overheid aanvullende steun moet verlenen. Daarmee volgen we een eerder SER-advies daarover. We hopen dat Europese landbouwsubsidies een kant opgaan die steun voor landschapsbeheer verder mogelijk maakt. De overheid kan een aantal kansrijke financiële arrangementen inzetten om het geld bijeen te krijgen.”

Welke arrangementen maken een kans? U stelt onder meer een planbatenheffing voor.

„Het is in Nederland gebruikelijk dat mensen vergoedingen krijgen voor planschade, schade als gevolg van overheidsbeleid. Het omgekeerde is ook mogelijk. Wij zouden het als commissie niet vreemd vinden als mensen ook iets betalen als zij profiteren van overheidsbeleid. Als voorbeeld noemen wij een besluit van de overheid om permanente bewoning toe te staan in recreatiewoningen.”

Is zo’n heffing politiek haalbaar?

„Het is lastig aan te tonen dat waardestijging is toe te schrijven aan een overheidsbesluit. Maar in dit specifieke geval is het op z’n minst het onderzoeken waard.”

U suggereert ook een algemene landschapsheffing in te voeren.

„Je kunt winsten uit bouwactiviteiten gebruiken om landschap op te knappen. Dat gebeurt al. Men vindt daarbij over het algemeen dat dit geld in de eigen omgeving moet worden besteed, en niet heel ver weg. Om dat probleem te ondervangen, zou je een generieke, nationale heffing kunnen instellen. Die hoeft niet zo hoog te zijn. Maar daarmee geef je wel aan dat waardevol agrarisch cultuurlandschap ons aan het hart gaat, dat we dat willen behouden.”

Vindt u dat dat geld voor natuur besteed moet worden aan landschap?

„Nee. Wij hebben in ons advies alleen opgemerkt dat natuur die verloren gaat door de aanleg van infrastructuur in Nederland wordt gecompenseerd met natuur elders. Wij zeggen: dat zou je ook best eens voor het verlies aan landschap kunnen doen.”