'Alle banken accepteren lastiger leningen, wij ook'

Voor het eerst leed ING een verlies. Bestuursvoorzitter Tilmant verwacht nog meer problemen en een wijziging in de werkwijze van de financiële sector.

Bestuursvoorzitter Michel Tilmant van ING wil één ding gezegd hebben. Met de onderliggende cijfers van zijn bank is niets mis. Natuurlijk, er is verlies geleden, maar ING doet wat het moet doen: functioneren als olie in de maatschappij.

Wat is de belangrijkste reden voor dit verlies?

„De marktomstandigheden waren heel erg slecht het afgelopen kwartaal. Het is duidelijk dat wij daar ook door geraakt zijn, we hebben 1,5 miljard euro moeten afschrijven. We zijn geraakt door de aanhoudende problemen op de Amerikaanse huizenmarkt, maar ook door problemen bij de zakenbank Lehman Brothers en Washington Mutual en de IJslandse bank Landsbanki.”

Voelt u zich verantwoordelijk voor dit verlies?

„Het is natuurlijk pijnlijk om verlies te lijden. We hebben ons afgevraagd wat we hadden kunnen doen om dit te voorkomen. Maar onze eerste twee kwartalen waren goed, ons risicomanagement is op orde. Dit is echt het gevolg van de marktomstandigheden.”

Heeft de kapitaalsinjectie van 10 miljard euro die u op 19 oktober van de overheid kreeg ING geholpen?

„Het heeft onze stabiliteit vergroot, en onze solvabiliteit. En het is een helder signaal aan de klanten geweest. De onderliggende cijfers zijn nog steeds sterk, maar de perceptie was dat ING in de problemen zat. Dat hebben we ondervangen met de kapitaalinjectie.”

Hoe vertaalt zich dat in de dagelijkse bedrijfsvoering?

„We krijgen zeer veel spaargeld binnen van onze klanten. Dit kwartaal ruim 12 miljard van particulieren en bedrijven. Dat is een teken van onze stabiliteit. We verschaffen de olie aan de maatschappij door dat geld weer uit te lenen. Onze eerste prioriteit zijn de klanten aan beide kanten van de balans: de spaarders en de leners.”

Betekent dat dat u weer geld uitleent en kunt lenen van anderen?

„Ja, dat heeft altijd gekund. Maar zonder de kapitaalinjectie denk ik dat we nog strenger waren geworden in het verschaffen van geld. Banken zijn voorzichtiger geworden met hun solvabiliteit, ze accepteren lastiger leningen. Dat geldt ook voor ons, we kijken goed naar hoe de klanten aan wie we geld lenen ervoor staan. En de kosten zijn omhoog gegaan.”

De ECB meldde deze week dat lenen nog steeds erg duur is. Banken zouden niet de Europese rente als maatstaf hanteren, maar de veel hogere kosten van het aantrekken van geld. Hoe doet ING dat nu?

„We doen het op de manier waarop we het moeten doen. De interbancaire markt op korte termijn is weer wat verbeterd de laatste weken. De liquiditeit is langzaam maar zeker aan het terugkomen daar. De markt voor de langeretermijnleningen is nog lastig, maar daar hebben wij niet veel problemen, omdat we niet zoveel op lange termijn hoeven te lenen.”

De staat heeft ook 200 miljard euro klaarstaan om interbancaire leningen te garanderen. Maakt u daar gebruik van?

„We overwegen het, maar tot nu toe was het nog niet nodig.”

Bent u door de crisis en de problemen van ING anders gaan denken over de rol die banken hebben in de maatschappij?

„Voor de klanten is er weinig veranderd. Wij moeten geld aan ze lenen als ze dat willen en zij moeten hun spaargeld veilig bij ons kunnen stallen als zij dat willen. De manier waarop er met complexe producten is omgesprongen de afgelopen jaren vergt echter wel een wijziging. Dat heeft veel schommelingen op de markten gecreëerd. Daar was een bepaalde asymmetrie ontstaan omdat financiële instellingen met heel veel geleend geld hebben belegd. Ze hanteerden een grote hefboom. Dat zal omlaag gaan, hoewel het beleggen met geleend geld de kern zal blijven van de banken.”