Vechten om de gunst van de lokale bevolking

Door de gespannen relaties tussen Amerika en Venezuela kan het nabijgelegen Curaçao rekenen op de belangstelling van de VS. En de Russen beginnen vandaag met een oefening.

De commandant van de Amerikaanse luchtmachtbasis op Curaçao kan een verzuchting niet weerstaan. „Sinds Venezuela anderhalf jaar geleden besloot om niet meer mee te doen met ons drugsbestrijdingprogramma, hebben we de drugssmokkel daar enorm zien toenemen”, zegt luitenant-kolonel Otto Habedank.

Zijn in 2001 opgezette basis – een zogenoemde Forward Operating Location (FOL) – mag alleen voor drugsbestrijding worden ingezet, zoals met de Antillen en Nederland is afgesproken. Maar het is niet de enige Amerikaanse militaire aanwezigheid op Curaçao. Regelmatig komen Amerikaanse marineschepen naar het eiland. Vorige maand nog legde de USS Kearsarge voor vijf dagen aan in de Curaçaose hoofdstad Willemstad. Het oorlogsschip wordt momenteel ingezet voor het humanitaire programma Continuing Promise 2008 van de in juli gereactiveerde Amerikaanse Vierde Vloot, speciaal gericht op het Caraïbisch gebied en Latijns-Amerika.

Het zuidelijk Caraïbisch gebied, waar Curaçao op een kleine 65 kilometer ligt van Venezuela, kan rekenen op groeiende belangstelling van wereldmachten. De openlijke vete tussen de Venezolaanse president Hugo Chávez en de Amerikaanse president George Bush heeft de aandacht voor de regio de afgelopen jaren alleen maar groter gemaakt. Chávez kondigde onlangs aan een grootscheepse marinebasis te bouwen op het Venezolaanse toeristeneiland Isla Margarita. Vandaag begint een militaire oefening van een week van Venezuela en Rusland, dat het Latijns-Amerikaanse land voor miljarden euro’s aan wapens leverde.

„We maken ons geen zorgen”, zegt Joe ‘Myers’ Vasquez, woordvoerder van de Vierde Vloot, telefonisch vanuit Florida. „De Russen komen op uitnodiging van Venezuela, wij kiezen voor een passieve benadering.”

De Vierde Vloot, in 1943 opgericht en in 1950 gedeactiveerd, werd dit jaar nieuw leven ingeblazen. Volgens Vasquez was dat vooral een organisatorische kwestie. „Doordat we nu als vloot opereren kunnen we makkelijker over materieel beschikken én we willen de regio ons engagement tonen.”

Meer nog dan om strategisch-militaire belangen lijkt de strijd in het Caraïbisch gebied en Zuid-Amerika te gaan om de gunst van de lokale bevolking. Waar Chávez de armen in de regio al langer aan zich bindt door gratis medische zorg en goedkope olie, bestaat de missie van de Vierde Vloot op papier voornamelijk uit humanitaire acties, rampenbestrijding en marine-oefeningen. Zo stoomt de USS Kearsarge, na orkaanpuin te hebben geruimd in Haïti en belangeloos armlastige oogpatiënten van medische zorg te hebben voorzien op Curaçao, momenteel voor humanitaire hulp op naar Trinidad & Tobago en het naast Suriname gelegen Guyana.

Ook op de FOL-basis kan commandant Habedank niet genoeg benadrukken dat zijn personeel zich in de vrije tijd inzet voor de Curaçaose gemeenschap: schoonmaken van koraalriffen, schilderen van scholen, aanleggen van voetbalveldjes. Maar de belangrijkste activiteit blijft drugsbestrijding.

Om vijf uur ’s ochtends komt een reusachtig militair AWACS-vliegtuig terug naar de FOL-basis gevlogen. De 25-koppige bemanning, inclusief radiotechnici en vertalers in het ruim onder een grote radarschotel, heeft er een vlucht van 14 uur opzitten. Waarheen de reis deze nacht heeft gevoerd, blijft geheim. „We willen transparant zijn”, aldus Habedank, „maar tegelijkertijd niet prijsgeven wat we doen en waar.” AWACS-toestellen voeren ter bestrijding van de drugshandel jaarlijks circa 800 vluchten uit boven de Caraïbische Zee en delen van Zuid-Amerika. Op veel vluchten is een vertegenwoordiger (host nation rider) aan boord uit het land waarover wordt gevlogen, veelal uit Ecuador of Colombia.

De twee AWACS die momenteel de vluchten uitvoeren, zijn afkomstig van een luchtmachtbasis uit het Amerikaanse Oklahoma. Op de Curaçaose FOL zelf wisselen vliegtuigen en bemanning iedere paar weken. Habedank: „Een tijdje geleden hadden we hier nog honderd Britten met eigen vliegtuigen, en daarvoor Fransen en Schotten.”

Sommige Curaçaoënaars zien in de FOL veel meer dan een basis voor drugsbestrijding. „Je hoeft de lampen maar aan te knippen en je hebt daar een volwaardige militaire basis”, zegt een betrokkene. Maar Habedank lacht om die veronderstelling; niet alleen zou dat in strijd zijn met afspraken gemaakt met de Antillen en Nederland, maar op de FOL liggen geen raketten of munitie. En het gebruik van de basis voor spionagedoeleinden zou ook tegen de regels zijn, zegt Habedank. Hij benadrukt dat de vluchten deel uitmaken van een internationaal project dat vanuit Florida wordt gecoördineerd. Tot medio 2007 nam ook Venezuela deel aan die samenwerking „Maar ja, zij zijn nu niet zo vriendelijk meer.”