Incasseren in IJsland

Welk belang is algemener? Dat van de 120.000 individuele Nederlanders die een spaarrekening bij een IJslandse bank hadden lopen? Of dat van bijvoorbeeld de provincie Noord-Holland en haar inwoners die voor 78 miljoen het schip in dreigt te gaan? Omdat de IJslandse bank niet meer over dit spaargeld beschikt en het dus ook niet meer van de rekening is te halen. Lastige vraag, die tot een fiks en onverkwikkelijk conflict heeft geleid tussen de rijksoverheid en een aantal decentrale overheden: provincies, gemeenten, een waterschap.

Om bij Noord-Holland te blijven: die provincie heeft in diverse landen beslag laten leggen op bezittingen van de bank in kwestie, Landsbanki. Om deze conservatoire maatregelen uit te voeren is een procedure nodig, die Noord-Holland wil doorzetten. Het kabinet vindt echter dat daarmee een regeling voor alle Nederlandse crediteuren wordt doorkruist. Dat is in strijd met het algemeen belang, meent het kabinet. Daarom werd vrijdag een besluit van de provincie Noord-Holland dat het eigen beslag op IJslandse tegoeden wilde incasseren, vernietigd. Bos liet na de ministerraad weten dat hij niet met IJsland kan onderhandelen als andere Nederlandse overheden intussen gelijktijdig verhaal halen op IJsland. Daar zit een onontkoombare logica in. Nederland, van oorsprong niet meer dan ‘Verenigde Provinciën’ zou in tijden van crisis toch een buitenlands beleid moeten kunnen voeren, waar ook het provinciehuis in Haarlem achter staat. Al was het maar omdat naar verluidt Nederland samen met Engeland een IMF-lening aan IJsland tegenhouden om zo druk op de ketel te houden.

In het binnenland zit het kabinet vast aan zijn belofte aan de individuele spaarders die samen 1,6 miljard in IJsland onderbrachten, dat zij per persoon maximaal 100.000 euro van hun tegoed terugkrijgen. IJsland neemt de eerste 20.887 euro voor zijn rekening, maar dat gebeurt dankzij een lening van de Nederlandse overheid die bij De Nederlandsche Bank (DNB) staat geparkeerd. Daarmee was het kabinet zeer coulant voor deze spaarders die wisten, of konden weten dat de kredietgarantie ten hoogste 38.000 euro bedroeg. De 23 overheden die geld bij de IJslandse bank hadden uitstaan (in totaal 400 miljoen euro) komen niet in acute financiële problemen als zij naast dit bedrag grijpen.

Het is mede daarom evident dat bij acties richting IJsland de centrale regie in handen hoort van minister Bos (Financiën, PvdA). Lagere overheden dienen daar niet doorheen te marcheren. Het valt provincies en gemeenten niet kwalijk te nemen dat zij voor hun eigen belang c.q. dat van hun inwoners opkomen. Provinciale Staten kunnen ook beroep aantekenen tegen de vernietiging van hun besluit door het kabinet. Ze kunnen zich daarbij gesterkt voelen door het stempel van goedkeuring dat Landsbanki van DNB had gekregen. Maar die fase is voorbij. Nu is eenheid gewenst. De rijksoverheid moet niet alleen individuele spaarders van royale garanties voorzien, maar zich ook bekommeren om de decentrale overheden. Vroeger heetten die ‘lagere overheden’. Daar zit nog steeds een kern van waarheid in.