Een avond vol willekeurig en swingend en saai ballet

Dans

Giubileo door dansgroep Krisztina de Châtel.

Tournee t/m 21/12. Inl: dechatel.nl ***

Al dertig jaar is Krisztina de Châtel de ongekroonde koningin van de Nederlandse dans. De half Nederlandse, half Hongaarse choreografe De Châtel (1943) is al drie decennia de onophoudelijk doorzoekende kunstenaar. Dus kreeg ze haar jubileumprogramma, Giubileo, dat tegelijk een afscheidsfeestje is, want Dansgroep Krisztina de Châtel verandert door de samenwerking met choreograaf Itzik Galili volgend jaar in Dansgroep Amsterdam.

Haar nieuwe werk Kalota is min of meer een sentimental journey naar het land waar ze opgroeide: Hongarije. Op pianomuziek van György Ligeti heeft ze folkloristische danselementen gestileerd in wat ook lijkt op een soldatesk tafereel. Aan de zijlijn staat een (Trojaans?) paard en de massa ‘soldaten’ blijkt – ongebruikelijk voor De Châtel – onderworpen aan kronkelende lust en verleidelijke erotiek. Om daarna snel weer in de verspringende passen te springen. Het oogt wat willekeurig zonder Châtels gebruikelijke strengheid.

Voorts nieuw werk van de Italiaan Michele Pogliani (The Arena Love) en de Amerikaan Stephen Shropshire (Worth). Pogliani maakt het meest swingende ballet van de avond, met een fusie van hiphop en moderne dans op technomuziek en barok van Vivaldi. De scherpe lichtwisselingen zijn bijzonder effectief, maar uiteindelijk komt de choreografie toch neer op sierlijk turnen met een hoop clichématige bewegingen.

Shropshire, per januari de nieuwe artistiek leider van de groep Noord Nederlandse Dans, doet wat hij vaker doet: fijne muziekballetten maken die kundig in elkaar steken, maar niet boven zichzelf uitstijgen. Elke noot van de cellomuziek van Eric Moe wordt braaf ingevuld met een beweging. Prettig zeker, niet verrassend. Saai eigenlijk. Het opmerkelijkst zijn nog Krisztina de Châtels ijzersterke dansers die nog geboren moesten worden toen zij de Nederlandse dans aan wereldfaam hielp.

Ingrid van Frankenhuyzen