De kleurplaat van Rotterdam-Zuid

Hoe kijken jongeren in Rotterdam-Zuid aan tegen hun dagelijkse omgeving?

VPRO’s Tegenlicht gaf acht jeugdgroepen een camera. Het resultaat is vanavond te zien.

Zuid bruist, Zuid tintelt, Zuid prikkelt. In het Rotterdamse stadhuis aan de Coolsingel, en dus aan de noordoever van de Nieuwe Maas, vallen die woorden met enige regelmaat op te tekenen. Zeker wanneer wethouder Dominic Schrijer (Grotestedenbeleid, PvdA) op de praatstoel zit. Hij, de enthousiaste aanjager van de wederopbouw van Rotterdam-Zuid (het zogeheten Pact op Zuid), woont zelf ‘op’ Zuid en laat geen gelegenheid onbenut om de potentie van het zo vaak verguisde gebiedsdeel te benadrukken.

Maar dat is, alle goede bedoelingen ten spijt, de opbeurende taal van een politicus die in het Rotterdam bezuiden de rivier doorgaans schouderophalend wordt aangehoord. Zuid mag de donkere jaren weliswaar achter zich hebben gelaten – de criminaliteitscijfers vertonen een dalende lijn – nog altijd ademen grote delen van het gebied (circa 200.000 inwoners) een deprimerende troosteloosheid uit. Hier staan eindeloze rijen met kleine en dicht op elkaar gebouwde arbeiderswoninkjes, die niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd.

Zie je daar als jongere maar eens te vermaken. VPRO’s Tegenlicht besloot de werkelijkheid van Zuid te toetsen aan de hand van de jeugdige inwoners zelf. Gewapend met een camera brachten acht groepen hun leefomgeving de voorbije weken in beeld. Het resultaat van de zelfstudie, vanavond te zien vanaf 21.00 uur op Nederland 2, houdt het midden tussen een schrille aanklacht tegen het gebrek aan begrip en voorzieningen enerzijds, en een onverholen trots op het vaak zo verfoeide stadsdeel anderzijds.

Daarmee tonen de jongeren van Zuid zich onvervalste Rotterdammers: hardop mopperen over – de vermeende tekortkomingen van en in – hun stad, maar wee diegene die hetzelfde doet. Die krijgt een veeg uit de pan. Dat paradoxale gedrag zit diep verankerd in de Rotterdamse genen. Feyenoordsupporters zijn daarvan vermoedelijk het beste voorbeeld.

Wat verder opvalt in de compilatie is dat geen van de jongeren van de gelegenheid gebruik maakt om de verantwoordelijke bestuurders voor de camera te confronteren met hun noden. Ook enige vorm van zelfkritiek laat lang op zich wachten. Pas tegen het einde van de uitzending wordt een blik in de spiegel geworpen. „Hun hebben een kleurplaat van ons gemaakt, van jullie zijn zo en zo, en wij kleuren die ook zo in”, constateert rapper Laïd ‘Kaascouse’ Attiaoui uit de wijk Bloemhof. Met andere woorden: de jeugd van Zuid zou wat meer het heft in eigen handen kunnen nemen. „Wij moeten onze eigen kleurplaat maken”, meent Attiaoui.

Ook op de suggestie dat Zuid één grote betonnen woestenij is, zonder enige vorm van vermaak, valt wel wat af te dingen. Afgelopen donderdag nog deed de gemeente een handreiking ter waarde van 11 miljoen euro. Met miniem verschil (22 stemmen vóór, 21 tegen) besloot de raad om de Maassilo de komende maanden om te bouwen tot een centrum voor de grootstedelijke jongerencultuur. Dit zogenoemde Urban Culture Podium fungeert komend jaar, wanneer Rotterdam zichzelf heeft uitgeroepen tot Europese Jongerenhoofdstad, als de thuisbasis van de organisatie.

Bovendien: wie wat wil, kan aan de slag in Zuid, zoals de ‘gebouwenspringers’ uit IJsselmonde demonstreren met hun acrobatische hoogstandjes. Want ook dat is Rotterdam: de stad waar de sleetse volkswijsheid ‘geen woorden maar daden’ nog altijd zeggingskracht heeft.

Carel van Hees (1954) is geen jongere meer en woont bovendien op de noordoever, maar de filmmaker voelt feilloos de pijn aan van Rotterdam-Zuid. Begin dit jaar verscheen zijn fascinerende tijdsdocument 2KM2. Over de twee vierkante kilometer stad op de kop van Rotterdam-Zuid waar heden en verleden langs elkaar heen schuren: jong en oud, allochtoon en autochtoon, oude en nieuwe economie. Met zijn meesterwerkje greep Van Hees twee maanden geleden bij het Nederlands Filmfestival maar net naast een Gouden Kalf.

Wie Zuid wil begrijpen, en dus het decor van de jongeren, moet vooral Van Hees’ stadsportret bekijken.