Tenniskalender?

Nummer 1 van de wereld Rafael Nadal ontbreekt door een blessure bij de Masters Cup (‘WK tennis’) en klaagt over de drukke speelkalender. Terecht?

Jacco Eltingh, voormalig proftennisser, oud-bestuurslid spelersvakbond ATP: „De competitie is harder geworden, maar het argument van de drukke speelkalender veeg ik van tafel. Misschien hebben de spelers mij daarom weggeveegd bij de ATP. Tennissers spelen niet meer dan vroeger. Toppers spelen honderd wedstrijden per jaar, schat ik. Ik speelde 80 singles en 80 dubbels. Nadal heeft het in eigen hand; misschien moet hij niet zoveel achter het startgeld aanlopen. Er is een aantal verplichte toernooien: 4 grandslams, 8 Masters, en 4 van de 11 toernooien in de ‘500’-serie. Bij de 500-toernooien kunnen ze kiezen. Ze hebben de verplichte ATP-toernooien nodig, want die bepalen je ranking en hoeveel startgeld je elders kunt krijgen. Alles daarbuiten is extra voor de portemonnee. Dat kun je zelf indelen. Je moet prioriteiten stellen. Maar toppers spelen vaak nog exhibitiewedstrijden. Het zijn broodspelers; er is druk van managers die kijken wat goed is voor de portemonnee.’’

Tjerk Bogtstra, oud-captain Davis-Cupteam: „De discussie over de drukke, overvolle speelkalender speelt al jaren. Je ziet vaak aan het eind van het jaar spelers afhaken wegens vermoeidheid. Het is niet goed voor het tennis dat het WK nu wordt gespeeld zonder de nummer 1. De toppers moeten verplicht een aantal toernooien spelen en spelen dan vijf wedstrijden per week. Anderzijds verkeren ze ook in de positie dat ze buiten de verplichte toernooien zelf kunnen bepalen minder te spelen. Een goede planning is heel belangrijk. Toppers moeten bij wijze van spreken niet ergens hun startgeld gaan ophalen. Maar dat doen Nadal en Federer niet. Ze willen altijd winnen. Als ze spelen, weten ze te pieken.’’

Jan Siemerink, oud-proftennisser, captain Nederlands Davis-Cupteam: „De speelkalender was al druk en is niet veel veranderd. Tennissers moeten het hele jaar presteren om genoeg ATP-punten te halen om aan grote toernooien te kunnen blijven deelnemen. Veel vliegen, tijdsverschillen en verschillende ondergronden: zo’n lang seizoen levert druk op. En Nadal moet het hebben van zijn fysiek, wat het extra zwaar maakt. Zijn blessure komt doordat hij dit jaar te veel heeft gespeeld, ook bij de Olympische Spelen en in de Davis Cup. Hij is gewoon op. Het is een jonge gast die de juiste balans in zijn speelkalender nog moet vinden. Oud-toppers als Sampras en Agassi sneden in hun programma door mindere toernooien over te slaan. Nadal wil ook zijn gezicht laten zien in zijn geboorteland of in de Davis Cup. Door overal te verschijnen leg je jezelf druk op. Anderzijds heb je ‘het overal willen presteren’ nodig om te kunnen blijven presteren.’’

Jesse Huta Galung, tennisprof, 170ste op de wereldranglijst: „De toernooikalender is pittig. Zo’n 85 procent van de spelers heeft aan het eind van het seizoen last van vermoeidheid. Ik ben dit jaar drie weken eerder gestopt omdat het ‘potje’ gewoon leeg was. Maar ik hoef ook geen extra toernooien te spelen om punten te halen om binnen de top-100 te blijven. Nadal heeft een waanzinnig jaar gehad. Hij heeft veel gespeeld omdat hij altijd de halve finale of finale van een toernooi bereikt. Dat betekent een extra belasting. En spelers uit de top-10 worden overal gevraagd. Bovendien vergt zijn speelwijze veel lichamelijke kracht. Op een gegeven moment gaat het lichaam opspelen.’’

John van Lottum, voormalig proftennisser: „Het is druk voor Nadal, omdat hij altijd ver komt in een toernooi en men hem overal wil zien spelen. Hij is een publiekstrekker; er wordt veel van hem gevraagd. En Nadal moet het van zijn kracht hebben. Iemand als Federer zal minder snel overbelast raken. Maar het is Nadals eigen keuze, want hij hoeft niet alles te spelen. Als een topper een toernooi speelt waar hij niet hoeft te verschijnen en een half miljoen startgeld krijgt, hoef je daar geen medelijden mee te hebben. We moeten ook weer niet overdrijven met de drukke speelkalender. Toptennis is een kwestie van je programma zelf indelen en af en toe concessies doen door een commercieel interessant toernooi te laten schieten.’’