Rust roest

Vader Rijks liefhebberde in paarden, zijn elegante Hackneys waren destijds een begrip. Zoon Jaap werd op zijn vijfde op een groot paard gehesen, pony’s trokken de karren van handwerklieden en boeren. Had de daaropvolgende jaren een grote variëteit aan paarden onder het zadel, kreeg les en reed regionale en landelijke wedstrijden. Ploegde crosscountry door de modder. Maakte in smetteloos jacquet en met hoge hoed hoofse gebaren naar de dames van de Arnhemsche Carrousel Sociëteit. Sprong over hindernissen en nam – in tegenstelling tot wat te doen gebruikelijk was (en is) in paardenland – gretig kennis van andere levensvormen en sportdisciplines: voetballen, boksen, biljarten en – nog steeds – tennis en golf. Bereed hij een winnaar, dan werd die subiet door zijn vader verkocht. Want het paardenspul, beter bekend als Circus Rijks, kostte handenvol geld. Na de oorlog vertrok Jaap voor een lange periode naar Zuid-Afrika en krikte daar en passant het peil van de hippische sport op. De lokale blanke ruiters reden en de zwarten fungeerden als grooms. Werd tweemaal Neder-lands kampioen, won de veteranenwedstrijd van Jumping Amsterdam en bekleedde talloze bestuursfuncties. Beklimt wekelijks op zijn 89ste via een trapje een groot paard, een dertien jaar oude Ier genaamd Maikel. Die dol is op Jaaps meegenomen pepermuntjes, die, na afloop van de rit door de Doornse bossen, krakend worden vermaald.

Dit is de zesde aflevering van een serie over sporten op leeftijd.