Na de euforie nu de realiteit

De uitzinnige menigte ging naar het Witte Huis. Ik was daar. Een bijna religieuze vreugde maakte zich meester van de Amerikanen die massaal voor Barack Hussein Obama hebben gekozen. De apartheid en de burgeroorlog van eeuwen geleden behoren nu definitief tot de geschiedenis.

‘Change’ was het parool van Barack Obama. En er is onmiskenbaar veel veranderd. Deze verkiezingen brachten fundamentele veranderingen aan in de Amerikaanse verhoudingen. Bij de opsomming van deze veranderingen baseer ik mij met name op de objectieve analyse van Gerald Seib in The Wall Street Journal.

Ten eerste was dit de langste campagne voor presidentsverkiezingen ooit. De eerste en eveneens intense campagne ging tussen Obama en Clinton. Een lange periode van onzekerheid betrof een keuze tussen twee bijzondere personen: een vrouwelijke kandidaat versus een zwarte politicus. Beiden representeerden twee groepen die voor de eerste keer in de Amerikaanse geschiedenis het presidentschap claimden.

Ten tweede bracht de strijd om het presidentschap vier serieuze en bijzondere kandidaten voort: Barack Obama als vertegenwoordiger van Afro-Amerikanen, Hillary Clinton als vertegenwoordiger van de vrouwen, de mormoon Mitt Romney en een serieuze latino in de figuur van Bill Richardson. Wie goed naar dit lijstje kijkt, ziet de voltooiing van een lange emancipatiestrijd in de Verenigde Staten van Amerika. Indien we het erover eens zijn dat burgerschap het wezen van de politiek is, dan moeten we constateren dat de serieuze deelname van alle soorten minderheden aan de politiek de verhoudingen definitief heeft veranderd.

Het geëmancipeerde Amerika loopt weer voorop in de westerse wereld. Dit is eigenlijk wat alle westerse landen te wachten staat: de evolutie van democratie en gelijkheid. Tot voor kort stond vast welk type mens met de zwaarste bevoegdheden mag worden belast. Dat waren in ieder geval niet de zwarten, latino’s en vrouwen.

Maar is dit alles zonder gevaar? Nee. Want een nieuwe politieke toestand die nog geen wortel heeft geschoten in de traditie, zal ook tot problemen en soms ook tot rampen kunnen leiden. Het waren juist de Amerikanen die in de afgelopen eeuwen wisten hoe de destructieve krachten van elke vernieuwing voorkomen konden worden. Hoe? Ze bleken in de moderne westerse geschiedenis in staat te zijn om de veranderingen én de nieuwe situaties in te bedden in een reeds bestaande traditie. De traditie moest de Amerikanen beschermen tegen de gevaren die zich heimelijk schuil houden in de nieuwe toestanden.

De veranderingen zijn mooi, maar ook gevaarlijk. Ook nu zullen de Amerikanen deze veranderingen omheinen met hun traditie. De innerlijke verbinding tussen traditie en vernieuwingen maakt de Amerikanen zo bijzonder en verschaft hun de kracht die het oude Europa mist.

De derde tendens betreft de mensen met hogere inkomens. We zagen dat in de afgelopen periode velen met hoge inkomens voor de Democraten hebben gekozen. Ik heb met eigen ogen de Obama-bordjes in de voortuinen van miljonairs gezien. Dit is heel bijzonder. En niet alleen de miljonairs, ook de middenklasse schaarde zich achter de Democraten. Volgens The Wall Street Journal van 3 november zou 51 procent van de mensen met een inkomen hoger dan 75.000 dollar op Obama gaan stemmen. Willen ze dan meer belastingen betalen? Of geloven ze dat Obama voor hen de minste schade zou kunnen veroorzaken?

Hier zien we de gevolgen van de neoconservatieve veranderingen in Amerika: de Republikeinen zijn de internationalisten geworden met een serieus kosmopolitisch programma. De ‘neocons’ hebben van de Republikeinen een internationalistische club gemaakt. Die komt niet alleen op voor de belangen van Amerika, maar wil ook democratie en mensenrechten verspreiden en is bereid daarvoor de Amerikaanse macht aan te wenden. En dit kostte de Amerikanen veel geld. De mensen met hogere inkomens zijn niet langer bereid om die kosten op te brengen. Ze straffen de Republikeinen.

Zou Obama aan de aan hem gestelde verwachtingen kunnen voldoen? Als hij daaraan voldoet, kiest Amerika voor een isolationistische politiek. Ja, als de Amerikanen zich niet meer inspannen voor de veiligheid van Europa en de islamitische wereld, dan zou dat de Amerikaanse belastingbetalers miljarden schelen. Maar dit beleid zou rampzalig zijn voor onze economie en ook voor die van China, omdat de Amerikanen in dit geval hun eigen arbeidsmarkt zouden willen beschermen te nadele van andere volkeren. Obama’s politiek betekent dan: ‘eigen volk eerst’.

Kan Obama anders gaan handelen? Hij kan besluiten zijn verkiezingsbeloftes niet na te komen. Omdat er ondertussen ook nog sprake is van een financiële crisis met alle gevolgen van dien. Om een gedeelte van zijn beloftes na te kunnen komen, moet Obama de Amerikaanse arbeidsmarkt gaan beschermen. Tegen die tijd zou ik een kopje koffie willen drinken met de linkse fans van Obama in Europa: hoe beter Obama Amerika beschermt, des te slechter is dat voor Europa.

Maar wie de president van Amerika ook is, hij kan twee belangrijke dossiers niet veronachtzamen: Iran en Irak. Een totale en snelle terugtrekking uit Irak betekent chaos en de machtsovername door de fundamentalisten. Dit kan Amerika zich niet veroorloven. Het Iraanse probleem is nog ingewikkelder: het islamitische Iran mag niet beschikken over een kernbom. En de enige manier om dit te voorkomen, is waarschijnlijk de dreiging met geweld. Maar dit alles kost veel geld en leidt vermoedelijk tot mondiale ontwrichting. Zodra het islamitische Iran over kernwapens beschikt, leven we in een totaal andere wereld. Andere landen zoals Saoedi-Arabië, Egypte, Syrië, Brazilië, Mexico en Venezuela zullen het voorbeeld van Iran volgen. Bijbelkenners noemen dit een apocalyptische toestand.

Zo ver hoeft het niet te komen. Amerika kan niet ontkomen aan haar eigen lot: Amerika was en is een supermacht. En Obama zal hieraan vermoedelijk weinig veranderen.

Reageren kan op nrc.nl/ellian (Reacties worden openbaar na goedkeuring door de redactie.)