India en Europa: band van eeuwen

Met ruim tachtig evenementen op allerlei gebied besteedt het India Festival in Amsterdam aandacht aan een ver land, waarmee al heel lang handelsrelaties bestaan.

Kasper Jansen

Hoe exotisch, vreemd en ver weg India ook mag lijken, wie met Ben Meulenbeld in het Amsterdamse Tropenmuseum door de afdeling India loopt, ziet vooral hoe sterk India en Europa al eeuwen met elkaar zijn verbonden. Soms lijken India en Europa zelfs geheel met elkaar verweven.

„Dat een belangrijk deel van de vroege Hollandse koloniale geschiedenis in India ligt, is nauwelijks bekend”, zegt Meulenbeld. „De VOC had in Sri Lanka en in heel India talloze forten, aan de kust en in het binnenland. In 17de eeuw was er met India veel handel in textiel. Holland was daar actiever dan de Britten, aan wie we India uiteindelijk moesten afstaan.”

We bekijken de India-afdeling die Meulenbeld een paar maanden geleden opnieuw heeft ingericht. Terwijl woensdag in Amsterdam een drie weken durend India Festival begint, staat deze expositie zeker tien jaar vast in het Tropenmuseum. Wie een van de ruim tachtig evenementen van het festival bezoekt – muziek, dans, film, mode, theater en beeldende kunst – zou ook naar het Tropenmuseum moeten gaan. Niet alleen voor een blik op het verleden, maar ook op het hedendaagse India.

Met enthousiasme en strooiend met opmerkelijke feiten vertelt Meulenbeld over de eeuwenoude relaties tussen Oost en West. Tweeduizend jaar geleden was er al sprake van globalisering en het idee ‘One World’. „Reeds in de Romeinse tijd was India beroemd om textiel en de handel daarin gaat door tot vandaag. De VOC ontdekte in India kleurechte katoen en bracht veel meer textiel naar Europa dan peper, kruidnagels en andere specerijen.” Meulenbeld trekt een la open met textiel uit de 14de eeuw, afkomstig uit Egypte en gemaakt in India.

„De Indonesiërs in de VOC-tijd wilden worden betaald in Indiase textiel. Een schip kon mokka halen uit Jemen, die verkopen in Perzië tegen zilver, daarmee textiel kopen in India, die doorverkopen in Japan tegen hertenvellen, waarmee in Thailand harnassen werden bekleed. Japans koper ging naar de zuidkust van India, textiel ging naar Indonesië om er peper van van te kopen, die deels werd verkocht in India. Hollandse schippers voeren soms tien jaar heen en weer voor ze weer naar huis gingen.”

De Indiase textieltechnologie werd ook in Europa ingevoerd. „Sits – glanskatoen – werd vanaf 1675 in Holland gemaakt met een verbeterd procedé, vooral in Leiden en Haarlem. Vlisco in Helmond exporteert nog steeds katoenen stoffen naar West-Afrika. Een dekbedovertrek van de Hema komt uit Zuidoost-India.”

De India-expositie vertelt aan de hand van voorwerpen en beelden tal van verhalen over het land van hindoes en moslims, die soms samen een zelfde godheid vereren. „De eendracht die er in de politiek niet is, bestaat op een ander niveau wel. De moslimtombe Taj Mahal is hét icoon van het het hindoeland India.”

Opvallend is een meters hoog draagbaar mausoleum van bamboe en zilverpapier. Meulenbeld heeft het laten maken, net zoals sjiitische moslims dat doen voor hun grote feest. „Die mausoleums worden tien dagen vereerd, er wordt mee rond gehost en op de laatste dag worden ze begraven, helemaal in elkaar gedrukt. Deze weegt maar vijftien kilo.”

Het westen en het oosten vloeien in India in elkaar over. De Sunlight-zeep van Unilever wordt aangeprezen door de hindoezonnegod. Eind jaren zestig gingen de Beatles naar de Maharishi, de sitarspeler Ravi Shankar speelde met violist Yehudi Menuhin, de Hare Krisjna-aanhangers dansten op straat in Europese steden. Ben Meulenbeld (57), opgeleid als archeoloog, reisde in de flowerpowertijd naar India. „Ik had toen één zekerheid: in deze gore puinhoop kom ik nooit meer terug. Toch was ik geïntrigeerd en studeerde Indiase kunstgeschiedenis.

„India was vroeger derde wereld, maar is nu deels modern, eigentijds, welvarend. In India leven 1,1 miljard van de ruim zes miljard op aarde. De callcenters en boekhouders bedienen het Westen, Tata kocht Landrover, Jaguar en Corus-Hoogovens.”

Maar het oude India van het kastenstelsel is er in de praktijk ook nog deels en dat is moeilijk te rijmen met het moderne India.

Meulenbeld: „Het kastenstelsel is geïntroduceerd door priesters. Zijzelf bovenaan, daaronder de adel, die hen in leven moest houden. Daar weer onder: boeren, kooplieden, middenstanders, dan de veroverden. En dan nog de paria’s, de onaanraakbaren, outcasts, ‘kinderen Gods’ volgens Ghandi.

„Er was het gebod van rituele reinheid. In Kerala mocht de schaduw van een lagere kaste niet de schaduw van een hogere kaste kruisen. Dan verontreinigde hij de ander. Officieel bestaat het kastenstelsel niet meer. We tonen een filmpje van een paria die professor is en studenten heeft van een hogere kaste. De vorige president van India was een paria.

„Maar in Bihar bestaat nog grootgrondbezit en lijfeigenschap. Mensen hebben schulden en werken voor niks. Zelfs ongeboren kinderen kunnen schulden hebben. Met die rituele reinheid, waarbij ‘hoog’ niets van ‘laag’ aanpakt, kun je nu niet meer leven. Mensen hebben elkaar nodig.”

Tropenmuseum Amsterdam: dagelijks 10-17u. Inl: tropenmuseum.nl. India Festival: 12 t/m 30/11. Inl: www.indiafestival.nl