Heuler Obama

Amerika is verlost. NuLeon de Winter nog.

‘Ik ben de meest apolitieke figuur die ik ken’, schreef Edmund White vorige week in de Britse zondagskrant The Observer, ‘maar zelfs ik kon me niet afsluiten voor de deprimerende effecten van twee termijnen George W. Bush op de Amerikaanse cultuur.’ White was éen van de zeven Amerikaanse schrijvers die door The Observer waren uitgenodigd om terug te blikken op het presidentschap van Bush junior. Juist omdat die zeven zelden van zich laten horen in politieke commentaren, maakten hun weerzin tegen en schaamte voor de ambtstermijn van George W. Bush indruk. Neem Tobias Wolff. Al jaren schrijft Wolff prachtige verhalenbundels, maar nooit eerder las ik iets van hem over de Amerikaanse politiek. In The Observer hekelde Wolff de beide regeringen-Bush wegens de ‘incompetentie, de stupiditeit, corruptie, leugenachtigheid, harteloosheid, schijnheiligheid en hufterigheid’. De anderen zeiden het Wolff in iets andere bewoordingen unisono na. De twee woorden die de zeven het vaakst gebruikten: ‘schaamte’ en ‘catastrofaal’.

Twee uitspraken ben ik bij Amerikaanse schrijvers die zich mengden in het verkiezingsdebat niet tegengekomen. Eén: in het buitenlandbeleid moeten de Verenigde Staten een vermorzeling van de Palestijnen steunen. En twee: Barack Obama sympathiseerde een aantal jaar geleden nog met academici die er antisemitische sympathieën op na houden.

Beide uitspraken komen voor rekening van een Nederlandse schrijver die uitweek naar Los Angeles: Leon de Winter. Vorige week beweerde De Winter in de Volkskrant dat hij het erg vindt om te moeten concluderen, maar dat Israël om te overleven geleid zou moeten worden ‘door een dictator die vermorzelt’.

Hoe Leon de Winter denkt over mensen die zich niet kunnen vinden in het vermorzelen door Israël van Palestijnen en andere vijanden, bleek vorig jaar, bij de aanbieding van een petitie waarin werd opgeroepen tot ‘een doorbreking van de impasse in het Midden-Oosten’. De 52 ondertekenaars menen dat Israël en de Palestijnen elkaar gevangen houden in ‘een vicieuze cirkel van geweld en wedergeweld die beide samenlevingen teistert’. Men riep op tot een ‘druk op beide partijen [die] nodig is om die vicieuze cirkel te doorbreken’.

Ik behoorde tot de ondertekenaars van die petitie, die verder was getekend door onder anderen oud-bewindslieden als Hans Dijkstal (VVD), Hans van den Broek (CDA), Hans van Mierlo (D’66) en Joris Voorhoeve (VVD).

Doordat de ondertekenaars een andere oplossing dan vermorzeling van de Palestijnse bevolking voorstonden, bekenden zij zich volgens Leon de Winter in Elsevier tot het ‘heulen met antisemieten’. Ook vroeg hij zich af hoe de ondertekenaars zouden hebben gereageerd als er bij het conflict géén Joden zouden zijn betrokken. Die laatste overdenking suggereert dat de ondertekenaars niet slechts ‘collaboreerden met antisemieten’, maar dat zij zelf óók waren geïnfecteerd met antisemitisme.

In Pauw & Witteman zei De Winter kortgeleden dat hij was gestopt met het schrijven van politieke commentaren omdat het een obsessie was geworden. Door naar de VS te vertrekken hoopte hij te worden verlost van die obsessie.

Die verlossing heeft nog niet plaatsgehad, bleek uit een interview met De Winter in een uitzending van de conservatieve Amerikaanse radiozender www.townhall.com. In die uitzending beschuldigde De Winter Barack Obama er óók al van te heulen met antisemieten.

Wat wil het geval? Een aantal jaar geleden woonde Obama het afscheid bij van een oud-collega van hem van de Universiteit van Chicago, de hoogleraar Rashid Khalidi. De Winter portretteert deze Khalidi als een radicale Palestijn die door middel van een crypto-antisemitisme de Amerikaanse samenleving vervuilt. Afshin Ellian deed er op de Nederlandse radiozender BNR nog een schepje bovenop: Rashid Khalidi is volgens hem een „verdachte Palestijnse terrorist”. „Of zoiets”, want kennelijk was Ellian niet helemaal zeker van zijn zaak.

In werkelijkheid is Khalidi een geboren en getogen Amerikaan. Zijn vader was een Palestijnse moslim die voor de Verenigde Naties werkte en zijn moeder een Libanees-Amerikaanse christen. Khalidi is hoofd van Midden-Oosten Instituut van Columbia University en geeft sinds jaren les aan die universiteit. Van 1987 tot 1993 was Khalidi professor aan de universiteit van Chicago, en was daar collega van Obama. Khalidi geldt als een aanhanger van een dialoog tussen Israël en de Palestijnen; de Newyorkse rabbijn Rolando Matalon van de synagoge B’nai Jeshurun memoreerde in The New York Times Khalidi’s jarenlange pogingen om die dialoog tot stand te brengen. In 2006 stond in het boekenkatern een bespreking van Khalidi’s boek ‘The Iron Cage’. De recensent schreef dat Khalidi in het boek de vraag stelt hoe het komt dat de Palestijnse pleitbezorgers voor een onafhankelijke Palestijnse staat vaak falen. ‘The answers are not very comforting to Palestinians’, aldus de recensent. Khalidi constateert dat de Palestijnse politieke leiders vaak foute beslissingen namen en zich te vaak hulden in een slachtofferrol.

Met deze hoogleraar en publicist had Barack Obama van Leon de Winter dus nooit mogen spreken. Binnen de bezette gebieden moeten Palestijnen van Leon de Winter worden vermorzeld, en daarbuiten mag je niet met iemand met Palestijnse achtergrond spreken, want dan luidt de beschuldiging dat je je encanailleert met antisemieten.

De Amerikanen hebben zichzelf met Barack Obama verlost van het tijdperk George W. Bush. Nu maar hopen dat Obama als president zó zal overtuigen dat Leon de Winter zich op zijn beurt kan verlossen van zijn ‘obsessies’.

Joost Zwagerman