Hart en ziel

Wat een verkokerde bewering dat we gezien de huidige stand van de wetenschap moeten aannemen dat het hart slechts een pomp is en geen bezieling kent. Dick Swaab schrijft dit in zijn column `Hart en ziel` over harttransplantatie (Zaterdag &cetera, 1 november).

In de eerste plaats bespeur ik enige tunnelvisie omdat de column suggereert dat zaken die niet wetenschappelijk bewezen kunnen worden, niet zouden bestaan. Dit plaatst de wetenschap boven alles, terwijl wetenschap ook maar door mensen bedacht is, net als religie of kunst. Voor praktische doeleinden is de wetenschap een zeer geschikt middel. Maar laten wetenschappers zich niet bemoeien met zaken die hart en ziel aangaan.

Ten tweede haalt de heer Swaab het karakter en de ziel door elkaar. Volgens Swaab herbergen de hersenen onze karaktereigenschappen. De harttransplantatiepatiënten ontvangen van hun donors echter zaken die de ziel aangaan, bijvoorbeeld hun muzieksmaak. Onder de ziel versta ik datgene wat een persoon uniek maakt. Ten slotte is de functie die hij toekent aan het zenuwstelsel buiten proporties. De hersenen en de zenuwen zijn zeker een zeer ingenieuze uitvinding van de natuur. Volgens Swaab zouden de zenuwverbindingen de structuren zijn waarlangs de persoonlijke informatie over de donor wordt overgebracht. Maar wie zegt dat dit zo is? Zou deze informatie niet via een heel ander, voor de wetenschap ondoorgrondelijk systeem worden vervoerd?