'Duitsland zal hard worden getroffen'

Van Amerika is geen conjunctuurstimulans te verwachten en kanselier Merkel is met haar stimuleringsprogramma te vroeg, zegt de Duitse econoom Hans-Werner Sinn.

Duitsland, doceert Hans-Werner Sinn, zal door de kredietcrisis hard worden getroffen. „Onze export zal inzakken, en de investeringen zullen teruglopen. Beide zaken hebben ook nog eens met elkaar te maken omdat Duitsland veel investeringsgoederen exporteert. Tot eind van dit jaar zal het meevallen. De orderboeken zijn nog gevuld, maar het probleem is: er komt niet zo veel meer bij. In 2009 gaan we de gevolgen van de kredietcrisis voelen.”

Prof. dr. Hans-Werner Sinn is een van de meest gezaghebbende economen van Duitsland. Hij geniet ook in het buitenland aanzien. Sinn is voorzitter van het Institut für Wirtschaftsforschung (Ifo) in München, een economische denktank die in Duitsland maandelijks een conjunctuurindex publiceert, de gerenommeerde ‘Ifo Geschäftsklimaindex’.

Sinn is regelmatig voor lezingen en adviezen in Berlijn, waar ook dit gesprek met hem plaatsheeft: in de portrettenkamer van restaurant Kanzlereck midden in het Berlijnse regeringscentrum. Aan de muur hangen de portretten van de bondskanseliers: van Konrad Adenauer tot en met Gerhard Schröder. Sinn kijkt af en toe peinzend naar Ludwig Erhard – schuin tegenover hem – kanselier van 1963 tot 1966, en onder Adenauer minister van Economische Zaken en ‘vader’ van het West-Duitse model voor de sociale markteconomie, waarmee het Wirtschaftswunder in de Bondsrepubliek van de jaren ’50 en ’60 werd aangestuurd.

Heeft Erhards sociale markteconomie weer de toekomst?

„Ja. De sociale markteconomie is een heel goed model. Altijd geweest. Het is de consequente doorontwikkeling van wat we in Duitsland het Ordoliberalismus noemen. Dat is gematigd marktliberalisme waarin de staat de markt van een ordeningsraamwerk voorziet, alleen in het economisch proces ingrijpt als dat nodig is en als verdeler optreedt: van rijk naar arm, maar met mate en altijd met de juiste instrumenten, om sociale gerechtigheid te garanderen. Het Ordoliberalismus is de Duitse variant van het neoliberalisme.”

Heeft de vrijemarkteconomie in haar zuivere Angelsaksische vorm afgedaan?

„Veel mensen denken dat een vrijemarkteconomie gelijk is aan anarchie; een systeem waarin iedereen doet wat hij wil. Maar dat is niet het geval. Een markteconomie heeft strenge regels nodig. Dat is precies wat Ludwig Erhard voor zijn model van de sociale markteconomie altijd heeft onderstreept. Het is net als bij voetballen: als er geen regels zijn, gaan de spelers met elkaar op de vuist. Een mooi spel heeft strenge regels nodig, plus een scheidsrechter die ervoor zorgt dat de spelers zich aan die regels houden. De vrije markt als anarchie heeft afgedaan. Het is duidelijk dat het daar de afgelopen tijd fout is gegaan. Daar moeten we ingrijpen.”

Is de kredietcrisis te vergelijken met andere, eerdere crises?

„We hebben de Aziëcrisis gehad, de crisis in Japan, de Savings- and loancrisis in Amerika. Dat zijn vergelijkbare voorbeelden. Maar zo erg als het in de depressietijd van 1929 tot 1932 was, zal het nu niet worden. De regeringen hebben daarvan geleerd, en het achter elkaar omvallen van banken is door de staatsingrepen van de laatste weken adequaat verhinderd. Maar als men niets had gedaan, had de kredietcrisis net zo erg uit de hand kunnen lopen als destijds, in de jaren van de depressie. Met massawerkloosheid en alle bijkomende ellende: het Duitse scenario van krap tachtig jaar geleden.”

Is nu een recessie nabij?

„In veel West-Europese landen groeit de economie al drie kwartalen niet meer. Dan spreek je van een recessie. Alleen in Duitsland zijn we nog niet zo ver. Hier staan we aan de rand van een recessie. Maar weet u, recessie is een technisch begrip. Nu is van de gevolgen van de kredietcrisis nog weinig te merken. We meten de recessie wel, maar we voelen haar nog niet. De werkloosheid is in vijftien jaar niet zo laag geweest, er wordt nog steeds flink geconsumeerd. Maar dat zal volgend jaar veranderen. De trend in de Duitse werkloosheid was tot nu toe dalend, maar zal ongetwijfeld omhooggaan. Hoe lang deze crisis duurt, is moeilijk te zeggen. Ik denk dat we er over een jaar nog niet vanaf zijn.”

Wat ging er precies fout?

„De kredietcrisis is een crisis van onderkapitalisatie bij de banken. Die hebben hun zaken afgewikkeld met te weinig eigen kapitaal. Ze hebben zich ertoe laten verleiden om financieel riskante transacties aan te gaan. De risico’s waren te groot, de luchtbel is gebarsten.”

De banken waren misschien uit op winstmaximalisatie? Wat is er mis met het streven naar hogere winst?

„Op zichzelf is daar niets mis mee, maar daarachter kan de bereidheid steken om grote risico’s te nemen – dat is het probleem. Echt hoge rendementen, van 25 procent en meer, zijn door banken alleen te behalen als ze op het scherp van de snede opereren. De prijs van een steeds hoger rendement is een steeds groter risico. We weten nu wat dat voor gevolgen kan hebben. De mentaliteit van uiterste winstmaximalisatie heeft ons de crisis in gedreven.”

Wat is voor banken een aanvaardbaar rendement?

„Op die vraag kun je geen exact antwoord geven, maar als je veilig wilt ondernemen en toch geld wilt verdienen, zou ik zeggen: 10 tot 15 procent.”

De staat is ineens overal terug, als redder in nood. Is er meer staat nodig in de Duitse economie?

„Nee. We hebben bijvoorbeeld absoluut geen staatsbanken nodig. De banken die in Duitsland de afgelopen maanden de grootste verliezen hebben geleden, zijn staatsbanken – de zogeheten Landesbanken, die in handen zijn van de deelstaten. Maar we hebben de staat wel nodig als hoge instantie die ordenend en regulerend optreedt. De staat moet de spelregels opstellen, wat in het geval van de banken de afgelopen jaren is nagelaten. De kredietcrisis kon ontstaan doordat de staat faalde als regelgever en toezichthouder. En als de staat faalt, faalt ook de markt.”

Wat moet er gebeuren?

„Eén ding is duidelijk: concurrentie in regelgeving werkt niet. Dat leidt tot steeds lossere regels. Landen gaan elkaar onderbieden om bankzaken aan te trekken en uiteindelijk houd je helemaal geen regels meer over. Ik ben ervan overtuigd dat ook de Angelsaksische landen hun losse houding in dezen onder druk van de omstandigheden zullen laten varen.

„We hebben strenge regelgeving voor de banken en de financiële markten nodig, onder internationaal toezicht. Hier is een rol voor het Internationaal Monetair Fonds weggelegd. Maar ook de centrale banken zullen hun zaken op het gebied van toezicht met elkaar moeten afstemmen. Er moet harmonisatie komen; een eenheidsregeling.”

Wat vindt u van de maatregelen die de regering-Merkel heeft genomen?

„Het reddingsfonds [van 500 miljard euro, red.] voor onze banken is zeer snel tot stand gekomen en heeft effect gesorteerd. Er zijn geen banken meer waarvoor een acuut faillissement dreigt. Snelheid was zonder meer geboden, de regering heeft er goed aan gedaan om druk op de ketel te zetten. De garantie die de bondskanselier eerder aan de spaarders had gegeven – dat hun tegoeden veilig zijn – was eigenlijk een bevestiging van iets wat in Duitsland sowieso al geldt: spaargeld is door de staat gegarandeerd. Het was in feite een politiek gebaar, ter geruststelling van de burgers, maar verstandig was het zeker.”

Wat moet er gebeuren met de Duitse probleemgevallen, de Landesbanken?

„De Landesbanken hebben een nieuw zakenmodel nodig. Ze zullen zichzelf eigenlijk opnieuw moeten uitvinden. Ze moeten niet met elkaar fuseren, zoals nu gebeurt, maar met andere partners. De spaarbanken bijvoorbeeld.”

In hoeverre is Amerika verantwoordelijk voor de kredietcrisis? En kan een weer groeiende Amerikaanse economie Europa uit de penarie halen?

„De Verenigde Staten hebben een begrotingstekort van 600 miljard dollar. Ze hebben op de pof geleefd, werden gefinancierd door China, en ook door ons, Duitsland. De zakenbanken en huiseigenaren werden gokkers, die veel te grote risico’s hebben genomen. Wie een huis kocht, kreeg het helemaal gefinancierd. Niets kon zogenaamd misgaan, tot het misging. Ik zie de Amerikaanse economie voorlopig niet groeien. Ook de VS zijn in zwaar weer geraakt. De Amerikanen, vooral de Republikeinen, dragen in zoverre verantwoordelijkheid voor de kredietcrisis dat zij ons wilden doen geloven dat een markteconomie zichzelf reguleert. Aan die waanvoorstelling is nu een eind gekomen.”

De Duitse regering is met een zogeheten conjunctuurprogramma gekomen ter bestrijding van een recessie. Wat vindt u daarvan?

„Merkels conjunctuurprogramma komt volgens mij te vroeg. Conjunctuurprogramma’s zijn strovuren om de grote eiken blokken aan het branden te krijgen. Maar dat laatste is nu nog niet aan de orde. De economie van Duitsland zal tot het eind van het jaar redelijk goed blijven draaien. Waarom zou ik mijn stro nu al verstoken als ik het dadelijk harder nodig heb? De maatregelen hadden wat mij betreft in 2009 mogen komen, als we de recessie echt gaan merken. De staat investeert en stimuleert voor de korte termijn, vooral om de arbeidsmarkt veilig te stellen. Het is een strovuur – maar het zal ons vermoedelijk wel warm houden tot de Bondsdagverkiezingen van volgend najaar.”

De links-populistische en invloedrijke politicus Oskar Lafontaine zei in de Bondsdag dat de kredietcrisis een crisis van de democratie en van het sociaal-economische systeem is. Hij krijgt veel handen op elkaar. Wat vindt u?

„De kredietcrisis is koren op de molen van ultralinks in Duitsland. Lafontaine wil een ander politiek systeem, in plaats van het huidige marginaal te toetsen op fouten en die te corrigeren zodat we in de toekomst van een dergelijke crisis verschoond blijven. Maar Duitsland heeft helemaal geen ander politiek systeem nodig. Daar ligt de oorzaak van de kredietcrisis niet; die komt ondubbelzinnig door het ontbreken van afdoende regels en toezicht op de financiële markten. Dat zullen we moeten aanpakken. De rest kan maar beter blijven zoals het is.”