Barack Obama: een uitnodiging tot bezielde politiek zonder streken

De doe-maar-gewoon-reflex voert alweer de boventoon in Nederland. Die Obama moet niet denken dat wij in bijzondere mensen geloven. Natuurlijk heeft hij handig campagne gevoerd. Maar zonder kredietcrisis was hij het niet geworden. De vraag is vooral wanneer de eerste teleurstellingen volgen. Leve het maaiveld.

Realisme kan nooit kwaad, maar we kunnen ook te snel onze verwachtingen matigen. Dat zeg ik niet omdat hij dinsdagnacht zo’n aardige e-mail stuurde. Hij bedankte de zeven miljoen anderen op zijn verzendlijst voor een campagne die hij niet had kunnen winnen zonder al die mensen die op deuren hadden geklopt om buren en familieleden over te halen op hem te stemmen.

Stel dat hij het meende. Zoals al die perfect geformuleerde, attente e-mails. En die foutloze debatten, waarin de aanvallen van opponent John McCain hem een kans boden iets opbouwends te zeggen. Stel dat hij ook als president een stem wil blijven geven aan die miljoenen in binnen- en buitenland die zich genegeerd voelden door de regering-Bush en het ultrakapitalisme?

Als ik mij niet vergis is Barack Obama een van die uiterst zeldzame figuren die eigenschappen combineren die politiek inspirerend maken, die op een niet-belerende manier verantwoordelijkheden leggen waar zij horen: grotendeels bij mensen zelf, waar het nodig is bij gekozen bestuurders. Hij heeft niet zomaar de gave van het woord, hij bezit een uniek talent zichzelf te zijn voor het oog van miljoenen, om die miljoenen kracht te geven.

Toen hij maandagavond de laatste toespraak hield van 21 maanden campagne voeren, kwam hij ruim anderhalf uur te laat. De misschien wel 100.000 mensen die waren toegestroomd op het kermisterrein van Manassas in het noorden van Virginia was aangeraden een uur of drie van te voren te komen. De meesten stonden zonder klagen al vierenhalf uur in de vochtige kou toen de slanke man uit het donker opeens op het podium stapte. Kindjes sliepen al lang op de schouders van hun ouders. (Voor een samenvatting, zie: http://uk.youtube.com/watch?v=REYssyYD5RQ).

In een half uur voerde Obama zijn merendeels jonge gehoor langs bekende thema’s van zijn campagne. Met een goedmoedigheid en ernst die iedere vergelijking met een popidool onzinnig maakt. In het voorbijgaan legde hij gewoon uit waarom hij te laat was, een file in de lucht, en hij verpakte het overlijden een dag eerder van de oma die hem opvoedde in een compliment aan zijn tegenstander McCain. Het ritme was ontspannen, alsof hij bijpraatte met een oude vriend. Voor honderdduizend mensen.

Pas tegen het eind kwam het tempo er in, met een perfect getimede anekdote, een raar verhaal met meer dan een vleugje zelfspot over een vrouw, die bijkluste als privédetective en hem had gelokt naar het dorpshuis in Greenwood, South Carolina, waar op een klamme januari-ochtend twintig mensen op hem wachtten. Zij „stole his thunder”, zoals hij zei, door steeds maar door hem heen te roepen: „Fired up! Ready to go!” Die miserabele ochtend zet hij sindsdien om in een campagne die een heel volk en miljoenen in de wereld in vuur en vlam heeft gezet.

Amerikaanse partijen hebben geen programma’s, het is een televisiedemocratie. Zeker. Wat een opluchting kan dat zijn. Het is een van de geheimen van de Amerikaanse democratie dat een werkelijk nieuwe inspiratiebron binnen een paar jaar kan doordringen tot het Witte Huis. Waar in de meeste West-Europese landen partijen, die in een andere tijd zijn uitgevonden, met het heden worstelen, kan in dat oppervlakkige Amerika iemand met een werkelijk nieuw verhaal en een organisatie, die de test van maanden intensieve aandacht heeft doorstaan, aan de slag.

Verstandig populisme kan een bron van vernieuwing zijn. Er is natuurlijk wel verschil tussen het één-onderwerppopulisme van Geert Wilders en het Palinpopulisme van Rita Verdonk. In Nederland bestaat zo’n wantrouwen tegen redenaarskunst, dat mensen met ideeën er meestal niet aan beginnen zich daar in te scholen. Polderoverleg heeft nut als minderheden met felle standpunten zich moeten verzoenen, maar zoveel werkelijk onverzoenbare verschillen van mening zijn er niet in Nederland, of Europa.

Nederlandse politieke campagnes hebben vaak zo’n valse klank omdat polderaars een paar weken doen of zij mannen zijn. Een paar krachtige standpunten, snijdende typeringen van de tegenstanders. Om de avond van de verkiezingen al weer vaag te worden met het oog op coalitiebesprekingen. Kiezers die dat een paar keer hebben aangezien geloven die flinke campagneweken op den duur ook niet meer. Zodat politieke retoriek nog meer in diskrediet raakt.

Zou het niet kunnen in dit land, helder en wervend spreken over heden en toekomst? Het bijzondere van Barack Obama is dat hij betrekkelijk weinig loze beloftes heeft gedaan en regelmatig zegt waar het op staat, dat sociaal of moreel onrecht aangepakt moet worden, hoe hij dat wil doen, maar dat het niet snel of makkelijk zal zijn. Anders dan John McCain, wiens genereuze afscheidstoespraak alom werd geprezen, heeft Obama laten zien dat je jezelf niet hoeft te forceren tot eindeloze persoonlijke aanvallen om te winnen.

Realistische, geïnspireerde politiek zonder streken. Dat is waar de wereld naar snakt. Vergelijk het eens met de ijdeltuiterijen, smoesjes en uitstelkunstjes waar burgers in veel politieke systemen noodgedwongen aan gewend zijn geraakt. Omdat het onvermijdelijk is in een tv-democratie. Het blijkt niet waar te zijn.

Natuurlijk moet blijken of Obama ook als het er op aankomt, kans ziet de pijnlijke keuzes die hij moet maken uit te leggen. In media wereldwijd zie je dat Obama politici en burgers inspireert. Zij voelen dat deze postraciale president nieuwe verhoudingen tussen mensen en landen belichaamt, begrijpt dat het koude-oorlogsomgangsmodel uitgeput is, dat – letterlijk – nieuwe energie de enige weg voorwaarts is. Cynisme is moe. De meeste mensen zijn fired up en ready to go.

Wilt u reageren? Schrijf de auteur: opklaringen@nrc.nl of neem online deel aan de discussie op www.nrc.nl/chavannes