Arm Georgië

DSC00472_5.JPGGisteren stond ik op de Roestaveli-boulevard in Tbilisi om over de protestdemonstratie van de Georgische oppositie te schrijven (zie NRC Handelsblad van vandaag voor een uitvoerig verslag). De zon scheen, maar de menigte ontevredenen was klein. Volgens mijn eigen schatting waren er zo’n 7.000 mensen komen opdagen, volgens de persbureaus meer dan 10.000. En dat terwijl de oppositie toch op minstens 50.000 man had gerekend.Het protest was vooral bedoeld als een herdenking van het neerslaan van de demonstratie van 7 november van vorig jaar. Maar tegelijkertijd wilde de oppositie van de gelegenheid gebruik maken om, ook net als vorig jaar, het opstappen van Saakasjvili te eisen. En hoe meer mensen, hoe groter de druk.

Van de oppositiepartijen namen gisteren de Christendemocraten en de Republikeinse Partij niet deel aan de betoging. En precies daarin ligt een deel van de oorzaak van die lage opkomst. Want de Republikeinen en Christendemocraten deden niet mee omdat ze bang waren voor een escalatie, omdat volgens hen de Russen daarvan zouden kunnen profiteren. De nationale eenheid ging voor.

Dat dreigen met een nieuwe actie van de kant van Rusland was volgens mijn bronnen de afgelopen weken ook voortdurend door de regering op de staatstelevisie gedaan. En aangezien die staatstelevisie net als in Rusland het politieke klimaat in het hele land bepaalt, om de eenvoudige reden dat die als enige overal is te ontvangen, zat het voor de regering dus wel goed. Uit recente oppiniepeilingen blijkt trouwens dat een grote meerderheid van de Georgiërs nog altijd bang is voor een nieuwe Russische actie.  

Maar je kunt ook andere verklaringen aanvoeren voor die lage opkomst. ,,De mensen zijn bang dat de oproerpolitie er net als vorig jaar weer op slaat”, zei bijvoorbeeld een van de demonstranten. Nu was die oproerpolitie nergens te bekennen en leek die vrees dus ongegrond, maar van tevoren weet je het natuurlijk nooit.  Zo hoorde ik vanmiddag van een westerse diplomaat dat Saakasjvili en paar dagen geleden legereenheden elders uit het land naar kazernes aan de rand van Tbilisi had gedirigeerd, voor het geval dat. 

De demonstratie eindigde gistermiddag voor het paleis van de president, die maar niet afkomende  kolos van glas en staal. Onder het raam van de presidentiële werkvertrekken werd geschreeuwd, al zat Saakasjvili volgens een welingelichte bron elders in de stad in een restaurant.

Afgelopen donderdag, mijn eerste dag hier, maakte ik mijn gebruikelijke bezoeken aan mijn Georgische vrienden. Dat zijn er onderhand nogal wat, want de Georgische gastvrijheid is legendarisch en als je eenmaal ergens binnen bent laten ze je niet meer gaan.

Bij de hoofdredacteur van de Engelstalige krant The Messenger, Zaza Gatsjetsjiladze, bracht ik medicijnen langs, die in Georgië niet te krijgen zijn en in Moskou nog net wel. Vervolgens bespraken we de politiek. En terwijl ik daar op de thee zat, ontwikkelde zich langzamerhand een deprimerend beeld van de nabije toekomst van Georgië.

,,Het Westen is niet meer geïnteresseerd in ons land”, zei Zaza. ,,De oorlog is voorbij, de Russen zijn het land uit en de EU-monitoren houden toezicht op naleving van het staakt-het-vurenverdag.” Niets aan de hand, zou je op het eerste gezicht denken. Maar toen kwam het.  ,,Met de winter in zicht dreigt nog altijd een humanitaire ramp, want het aantal noodwoningen dat buiten Tbilisi wordt gebouwd is niet voldoende om alle ontheemden op te vangen. Ook is de economie nog verder ingestort en ziet het niet naar uit dat de buitenlandse investeerders terugkomen.”

Ineens moest ik denken aan de skeletten van de talloze torenflats in aanbouw die ik die ochtend aan de rand van Tbilisi had gezien. Anders dan eerder dit jaar was er geen bouwvakker te zien. En ook zag ik ineens weer die absurd hoge huur- en koopprijzen van die huizen voor me.

En dan de oppositie. Die was volgens Zaza nog altijd verdeeld. Een maand geleden hadden de oppositiepartijen weliswaar openbare verhoren georganiseerd om regeringsfunctionarissen aan de tand te kunnen voelen over hun handelen in de oorlogsdagen, maar die verhoren hebben vooralsnog niets opgeleverd. ,,Wat wil je”, zei Zaza. ,,Het grootste deel wordt op de staatstelevisie uitgezonden en daar ga je natuurlijk niet je baas afvallen. Het enige dat misschien nog iets oplevert zijn de verhoren die op verzoek van de ondervraagden achter gesloten deuren plaatsvinden.”

Over zo’n tien weken zullen we het weten, want dan moet de commissie met zijn rapport komen. ,,Alleen nog maar hopen dat de voorzitter niet te vaak naar het buitenland moet, want daardoor worden de verhoren voortdurend uitgesteld”, zei Zaza cynisch.

Duidelijk was volgens hem dat Saakasjvili voorlopig nog wel zal aanblijven. ,,Hij is weer met alles weggekomen. Mijn enige hoop is dat president Obama hem zal dwingen dat als er in de nabije toekomst weer verkiezingen worden gehouden die echt vrij zijn. Want alleen dan is er een kans dat hij verliest.”

Vanmiddag werd die mogelijkheid nog eens bevestigd. Volgens een van mijn informanten had Saakasjvili een groot feest georganiseerd om de overwinning van zijn dikke vriend McCain te vieren, die kind aan huis bij hem is. Toen Obama als winnaar naar voren kwam werd dat feest meteen afgezegd.

Voor Georgië vrees ik alleen dat Obama de komende tijd wel iets anders aan zijn hoofd heeft dan een klein landje op de Kaukasus.