Uitstroom werknemers moet worden gestopt

Morgen kiest Nieuw-Zeeland een nieuwe regering. Labour regeert al bijna tien jaar, en ondanks economische meewind daalde het inkomen.

De regering heeft gefaald. Het inkomen van de bevolking is niet zoveel gestegen dat het land bij de ‘bovenste’ vijftien OESO-landen terechtkwam – het doel van de Labourregering toen zij bijna tien jaar geleden aan de macht kwam.

De Nieuw-Zeelandse oppositieleider John Key (47) hamert in de campagne voor de parlementsverkiezingen van morgen op het ‘economisch falen’ van Labour. „In plaats daarvan zijn we van de twintigste naar tweeëntwintigste plaats gezakt.” Het nettoloon is nu 38 procent lager dan dat van de Australiërs, in 1999 was dat nog 22 procent. „Labour heeft de mogelijkheden van een decennium met goede economische condities verkwanseld”, zegt Key.

Key en zijn Nationale Partij (NP) staan volgens de laatste peilingen voor op Labour. De Labourpartij van minister-president Helen Clark (58) hoopt echter met kleine coalitiepartners een regering te kunnen vormen.

Clark, die sinds 1999 aan de macht is, heeft de verregaande economische liberalisering van de jaren tachtig en negentig teruggedraaid. De spoorwegen zijn opnieuw genationaliseerd en de staat heeft weer een meerderheidsbelang in de nationale luchtvaartmaatschappij Air New Zealand. De overheid heeft ook een nieuwe bank die met succes met Australische concurrenten om de gunst van de klanten strijdt.

De NP ziet niets in deze maatregelen. „Labours vloedgolf van ineffectieve regulering zal worden teruggedraaid”, zegt Bill English, economisch woordvoerder van de NP. De partij van English wil het welvaartsgat met Australië dichten, waar Nieuw-Zeelanders zich vrij kunnen vestigen. Een kwart van alle Nieuw-Zeelanders met een universitair diploma woont in het buitenland, voor een belangrijk deel in Australië. Ook technisch personeel vertrekt op grote schaal naar het buurland.

Of het inkomen van Nieuw-Zeelanders snel zou stijgen onder een centrum-rechtse regering, betwijfelt Darran Gibbs, Chief Economist van Deutsche Bank in Auckland. „Eigenlijk is het land alleen in de landbouw wereldleider.” En dat moet het blijven. Daarom waarschuwt Gibbs tegen doorschieten in de bezuinigingen die de NP voorstelt. „Ook de subsidies voor nieuwe innovatieve landbouwtechnologie worden in hun plannen verwijderd.” Volgens Gibbs zal de vraag naar hoogwaardige Nieuw-Zeelandse landbouwproducten juist stijgen met de opkomst van India en China.

Een ander probleem zijn de strenge regels voor emissie van broeikasgassen. De helft daarvan zijn afkomstig van methaan producerende koeien en schapen, en die zullen vanaf 2011 ook onder deze regels vallen. Omdat tweederde van de productie voor export bestemd is, zijn agrarische leiders zeer verontrust. „De maatregelen gaan ons land veel geld kosten en zullen weinig effect hebben op de wereldwijde doelen die de regering nastreeft”, zegt Don Nicholson, voorzitter van de boerenbelangenorganisatie Federated Farmers. De NP is het met hem eens. Key: „We willen op dit terrein een ‘snelle volger’ zijn in plaats van een wereldleider.”