Staat rekent op dividend van ING en Aegon

Minister Bos (Financiën, PvdA) acht het onwaarschijnlijk dat banken en verzekeraars de komende twee à drie jaar geen dividend zullen uitkeren.

Volgens de minister zullen de financiële instellingen zich dat niet kunnen permitteren ten opzichte van hun aandeelhouders. ING en Aegon zijn bijvoorbeeld van plan zo veel mogelijk vast te houden aan hun bestaande beleid van winstuitkeringen.

De uitspraken, die Bos gisteren in een debat met de Tweede Kamer deed, betekenen dat de minister ervan uitgaat dat de kapitaalinjecties bij ING en Aegon de staat de komende jaren op zijn minst 1 miljard per jaar aan reguliere inkomsten opleveren. Vanmiddag zou in de ministerraad een voorstel van Bos worden besproken hoe zulke inkomsten in de begroting behandeld dienen te worden. Op aandringen van het CDA wil hij de begrotingsregels aanpassen.

Het ministerie van Financiën overweegt een aparte eenheid op te zetten om de banken aan te sturen waarvan het (gedeeltelijk) eigenaar is geworden. Volgens minister Bos is destijds in Zweden ook een aparte club opgezet nadat de overheid diverse financiële instellingen te hulp was geschoten.

Bos zei dat de overheid bij de hulp aan Aegon geen extra risico’s loopt door de verzekeraar niet rechtstreeks te steunen maar via de bevriende beleggingsmaatschappij Vereniging Aegon. Doordat de staat 3 miljard euro aan de Vereniging Aegon verstrekt die het op haar beurt aan de beursgenoteerde verzekeraar geeft, heeft de overheid niet het juridisch eigendom van de effecten die Aegon hier in ruil voor heeft verstrekt. „Wij hebben het economisch eigendom en het juridisch pandrecht. Extra risico’s zijn er niet.”

De hulp aan Aegon noemde Bos een pre-emptive strike. Hij zei dat verzekeraars weliswaar minder kwetsbaar zijn dan banken voor de snelheid waarmee klanten geld kunnen weghalen, maar dat de kapitaalinjectie nodig was om te voorkomen dat Aegon een lager oordeel van kredietbeoordelaars zou krijgen. Het rapportcijfer dat ondernemingen voor hun kredietwaardigheid krijgen bepaalt in hoge mate het tarief en de voorwaarden waartegen zij kunnen lenen. Bij een lager oordeel zou volgens Bos de financiering moeilijker worden en de koers kunnen dalen.