Ook in Utrecht verschijnt een lokaal weekblad

Na Den Haag en Rotterdam krijgt ook Utrecht een nieuw weekblad. Althans, er is een eerste proefnummer van De Utrechter, want beoogd uitgever Wegener haakte drie weken geleden af wegens de kredietcrisis.

De initiatiefgroep van het „kwaliteitsblad” zoekt nu naar andere manieren om het te financieren. Gisteren werd het eerste exemplaar van De Utrechter onder grote belangstelling aangeboden aan burgemeester Aleid Wolfsen.

De fusie van het Utrechts Nieuwsblad met het AD in 2005 heeft volgens hoofdredacteur Twan Geurts een gat in de lokale berichtgeving achtergelaten. Het weekblad wil dat vullen. „Het is vooral bedoeld voor hoger opgeleiden die naast hun landelijke dagblad over de stad geïnformeerd willen worden. We brengen grote reportages, achtergronden, duiding en opinie.”

De initiatiefgroep, met daarin onder anderen ex-voorzitter van Leefbaar Utrecht Broos Schnetz, gelooft dat er veel behoefte is aan een dergelijk blad in de stad, maar verbindt ook een lezersonderzoek aan de lancering van het proefnummer. Geurts: „We willen weten of onze aanname klopt. Dat maakt het ook makkelijker om financiers te vinden.” Dat is nodig na het afhaken van Wegener. De geraamde kosten voor het blad bedragen ongeveer 1 miljoen euro per jaar.

Onder andere de gemeente Utrecht, de Rabobank en de Hogeschool Utrecht hebben geld gestoken in het eerste nummer. Volgens Geurts willen die partijen graag dat er een journalistiek goed blad komt in de stad. „Zij hebben baat bij goed geïnformeerde burgers of werknemers. We bekijken of we het blad deels kunnen financieren met zogenoemde institutionele abonnementen, waarbij bedrijven of instellingen elke week een aantal bladen afnemen in ruil voor advertenties. Ik vrees daarbij niet voor onze onafhankelijkheid, zij snappen ook wel dat het alleen functioneert met een volstrekt onafhankelijke redactie.” Ook een gratis blad wordt niet uitgesloten, maar dit heeft niet de voorkeur van de groep.

De 40.000 exemplaren van het proefnummer worden verspreid op strategische plekken en in de „betere wijken” van Utrecht, voornamelijk in het oosten en het centrum van de stad. „Omdat we denken dat daar veel publiek zit voor dit blad”, zegt Geurts. „Die wonen ook in andere wijken, zoals Leidsche Rijn, maar helaas kunnen we nu nog niet in de hele stad verspreiden.”

Het blad wordt 32 pagina’s dik. Het coververhaal van het eerste nummer is ‘Utrecht groeit (nog)’ over het economisch succes van de stad.