Sorry voor Bush, maar we komen terug

De slechte positie van de Republikeinen biedt ook kansen, meent Jeff Flake. Mits we bereid zijn onze domheid toe te geven, maar vast te houden aan het ideaal van de vrije markt.

We hebben als Republikeinen zojuist geschiedenis geschreven. Niet het soort geschiedenis dat we wilden schrijven natuurlijk, maar toch geschiedenis. We zijn niet alleen het Witte Huis kwijt, maar na het verlies in 2006 van onze meerderheid in het Huis van Afgevaardigden en de Senaat, hebben we dinsdagavond nóg zwaardere verliezen in het Congres geleden.

In januari zal de Democratische meerderheid in het Congres een omvang aannemen die sinds de jaren zeventig niet meer is vertoond. Laten we reëel zijn: wij Republikeinen zijn in alle eerlijkheid bezien diep in de politieke wildernis beland.

De Republikeinse leden van het Congres zullen nu in de verleiding komen om in de rol te vervallen van de Republikeinen na Watergate in 1974 en de minderheidspositie als blijvend te aanvaarden. Het terrein is voor ons immers nog moeilijker begaanbaar dan in 1992. Toen werd het Republicanisme nog grotendeels bepaald door de Reagan-jaren. Nu wordt het gezicht van de partij voor het publiek bepaald door het presidentschap van Bush. We moeten een steile heuvel beklimmen.

De manoeuvres achter de schermen en de speculaties in de media zullen zich de komende weken richten op mogelijke nieuwe vaandeldragers voor de partij. Dit is belangrijk, en na een tweede regelrecht pak slaag zou de Republikeinse leiding in het Huis van Afgevaardigden vervangen moeten worden. Maar nog veel kritieker is de taak om vast te stellen wélk vaandel deze nieuwe leiders zullen dragen.

Wat te doen? Ten eerste een hernieuwde keuze voor een beperkte overheid. Na acht jaar ongebreidelde bestedingen en hoog oplopende tekorten, is het te begrijpen dat de kiezers niet meer weten dat een beperkte overheid voor de Republikeinen lang het eerste geloofsartikel is geweest.

De ongeremde bestedingen zijn grotendeels het product van de Republikeinse revolutie midden jaren negentig en het is geen verrassing dat een aantal van de vurigste ‘potverteerders’ dinsdag door de kiezers met pensioen is gestuurd. Weinig Amerikanen zullen de Republikeinse toespraken over de beperkte overheid ernstig nemen als wij Republikeinen ons niet weten te distantiëren van deze verraderlijke praktijk. Maar als we schoon schip kunnen maken, zal dit een schril contrast bieden met de Democraten, wier eigen bestedingsfabriek na twee jaar training ook al op volle toeren draait.

In de tweede plaats moeten we weer kiezen voor ons geloof in economische vrijheid. The Wealth of Nations van Adam Smith mag dit jaar met korting in de winkels liggen, maar de vrije markt is nog altijd het doelmatigste middel om kapitaal en arbeid in een economie toe te delen en de Amerikanen weten dat. Nu we de overheid diep in de particuliere sector hebben laten doordringen door banken en bedrijven op te kopen, zal de overheid in de verleiding komen om de verdeling van middelen in dienst van politieke doeleinden te stellen. Een vervanging van economische prikkels door politieke is niet het recept voor economisch herstel.

De meeste Republikeinen in het Huis van Afgevaardigden waren tegen de grote reddingsoperatie en zullen sterk staan als ze voor economische vrijheid in plaats van centrale sturing pleiten terwijl de regering-Obama van bedrijfstak naar bedrijfstak strompelt in een poging te bepalen welke klein genoeg is om failliet te mogen gaan en welke niet. Omdat tijdschema’s in de mode zullen zijn, kunnen de Republikeinen misschien zelfs op een tijdschema aandringen om de overheid weer uit de particuliere sector te krijgen.

Natuurlijk zijn er nog andere pijlers voor het Republikeinse vaandel – een sterke defensie, steun aan traditionele waarden en het recht op zelfverdediging – maar dit zijn geen terreinen waarop de kiezers Republikeinse betrouwbaarheid in twijfel trekken. In elk geval – zoals we de afgelopen maanden hebben gezien – overschaduwt economische ellende meestal alle andere zorgen. Wij mogen niet klagen. We kunnen nu onze sterkste troef uitspelen.

In sommige opzichten heeft de afstraffing van afgelopen dinsdag een nieuwe lijn vergemakkelijkt. De Republikeinse partij is niet meer gebonden aan de beloften die haar presidentskandidaat in dit verkiezingsjaar heeft gedaan. En minstens zo belangrijk is dat de partij eindelijk verlost is van het wezensvreemde en onwerkbare conservatisme van de grote overheid, kenmerkend voor de regering-Bush.

Maar de overgang zal niet makkelijk zijn. De Republikeinen in het Congres hebben zich in een poging om aan de macht te blijven in de loop der jaren een aantal onaantrekkelijke gewoonten eigen gemaakt. Of het nu ging om de voordelige herindeling van kiesdistricten of andere vormen van cliëntelisme door wetgeving, deze gewoonten en stempatronen zullen moeilijk te doorbreken zijn.

Maar er is voor de Republikeinen ook reden om optimisme te zijn. Politiek gesproken blijft Amerika een centrum-rechts land en Amerika houdt van een gekastijde en berouwvolle zondaar. Even zeker als de zon opkomt in het oosten, zullen de Democraten hun hand overspelen.

Zolang wij Republikeinen bereid zijn om onze domheid toe te geven, terug te keren naar onze grondbeginselen en rustig af te wachten, hebben we ze precies waar we ze willen hebben.

Jeff Flake is Republikein en vertegenwoordiger in het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden namens Arizona.