Ik heb geen spijt, en zal dit land blijven dienen

Ik heb gefaald, niet u, zei John McCain bij de erkenning van zijn verlies.

Vrienden, we zijn aan het eind gekomen van een lange reis. Ik heb zojuist senator Barack Obama gebeld om hem te feliciteren met zijn verkiezing tot de volgende president van het land dat wij beiden liefhebben.

Na een strijd die zo lang en zwaar is geweest als deze, dwingt alleen al zijn succes mijn respect af voor zijn prestatie en doorzettingsvermogen. Maar dat hij heeft weten te winnen door een beroep te doen op de hoop van vele miljoenen Amerikanen, die ooit ten onrechte geloofden dat zij weinig invloed hadden op de verkiezing van een Amerikaanse president, is iets dat ik ten zeerste bewonder.

Dit waren historische verkiezingen, en ik erken de speciale betekenis ervan voor Afro-Amerikanen en de trots die zij vanavond moeten voelen.

Ik heb altijd geloofd dat Amerika kansen biedt aan iedereen die de ijver en de wil bezit om die kansen te grijpen. Senator Obama deelt dat geloof. Maar ook al hebben we nog zoveel afstand genomen van het oude onrecht, dat ooit de reputatie van ons land bezoedelde en sommige Amerikanen het volledige genot van het Amerikaanse burgerschap ontzegde, we zien allebei in dat de herinnering daaraan nog steeds levend is.

Een eeuw geleden nodigde president Theodore Roosevelt Booker T. Washington uit om op het Witte Huis te komen dineren. Dat werd in veel kringen als een schandaal ervaren. Het Amerika van tegenwoordig is mijlenver verwijderd van de wrede en angstaanjagende onverdraagzaamheid uit die tijd. Daar bestaat geen beter bewijs voor dan de verkiezing van een Afro-Amerikaan tot president van de Verenigde Staten. Moge er nu geen enkele reden meer zijn voor welke Amerikaan dan ook om niet blij te zijn met het burgerschap van dit grootste land ter wereld.

Dit zijn moeilijke tijden voor ons land. En ik beloof senator Obama vanavond dat ik alles zal doen wat ik kan om hem te helpen door de vele problemen die op onze weg liggen. Ik dring er bij alle Amerikanen die mij hebben gesteund op aan om hem niet alleen – zoals ik – te feliciteren, maar ook onze bereidheid en inzet te tonen om op zoek te gaan naar manieren om samen de noodzakelijke compromissen te sluiten en onze verschillen te overbruggen, onze voorspoed te helpen herstellen, onze veiligheid in een gevaarlijke wereld te verdedigen, en onze kinderen en kleinkinderen een sterker, beter land na te laten dan we hebben geërfd.

Wat onze verschillen ook mogen zijn, we zijn allemaal Amerikanen. En geloof me alstublieft als ik zeg dat niets ooit meer voor mij heeft betekend dan die verbondenheid.

Het is logisch dat we vanavond teleurgesteld zijn. Maar morgen moeten we dat gevoel overwinnen en samenwerken om ons land weer in beweging te krijgen. We hebben zo hard gevochten als we maar konden. En hoewel we tekort geschoten zijn, ben ik degene die heeft gefaald, en niet u.

Ik weet niet wat we nog meer hadden kunnen doen om deze verkiezingen te winnen. Ik laat het aan anderen over om daar iets over te zeggen. Iedere kandidaat maakt fouten, en ik ben er zeker van dat ik er vele heb gemaakt. Maar in de toekomst zal ik geen moment betreuren wat misschien geweest had kunnen zijn. Ik zou Amerika niet waardig zijn als ik spijt zou hebben van een lot, dat me het buitengewone voorrecht heeft geschonken dit land een halve eeuw te dienen.

Vandaag heb ik kandidaat gestaan voor het hoogste ambt in dit land, waarvan ik zo veel houd. En dat land blijf ik dienen.