Gewokte witlof

Voor 2 personen:2 grote struikjes witlof1 grote peer (circa 300 gram)3 eetlepels olijfolie extra vergine1 eetlepel fijngesneden gemberwortel1½ eetlepel citroensapzout en zwarte peperkorrelsroquefort (facultatief)

Dit is een fris en snel gemaakt gerechtje om van te genieten als de honger klein is en de lust tot koken gereduceerd tot vrijwel nul. Voor drie personen voldoet het ook als voorgerecht. Misschien wat ongebruikelijk maar wel erg lekker.

Bereiding: Verwijder het buitenste blad van de lofstruikjes en halveer ze over de lengte; snijd het onderste deel van de harde kern als een wigje uit het gehalveerde struikje. Leg de halve struikjes op hun platte kant en snijd ze over de lengte in smalle repen.

Schil de peer, snijd hem in kwarten en verwijder het klokhuis; snijd de kwarten overdwars in plakjes van ½ cm dik. Verhit de wok op een hoge vlam, draai het vuur halfhoog, voeg de olie toe en laat die even ronddraaien in de hete wok. Voeg de lange repen witlof, de stukjes peer en de fijngesneden gemberwortel toe en roerbak alles gedurende 2 minuten, of tot de witlof vrij soepel is geworden maar nog veel beet heeft; hier en daar krijgen de reepjes zelfs een gouden randje evenals de plakjes peer.

Blus de pan af met het citroensap, draai het vuur uit onder de wok en breng het gerecht op smaak met zout en versgemalen peper. Serveer direct op grote platte borden en leg naast iedere portie een plakje roquefort. De peer kan ook wel eens vervangen worden door zoetzure appel en het citroensap door een eetlepel kersen- of frambozenazijn.

Florine Boucher

Morgen: Wontonsoep