Vleesetende T-rex kon opvallend goed ruiken

Een spannende scène uit de film Jurassic Park: twee snelle, vleesetende dinosaurussen dringen de keuken binnen waar twee kinderen zich hebben verstopt. De ‘raptors’ merken meteen dat hun prooi nabij is – ze lijken zoogdiervlees te ruiken.

Dat is geen gek idee, staat in een artikel in het wetenschappelijke tijdschrift Proceedings of the Royal Society B. De ‘raptors’, en ook Tyrannosaurus rex en zijn verwanten, hadden een opvallend goed reukvermogen, blijkt uit metingen aan de schedels van de dieren. In vergelijking met hun hele brein was het reukcentrum groot, maten paleontologen uit Canada en Japan. Van alle vleeseters en primitieve vogels die ze onderzochten, konden de ‘raptors’ en de T-rex de sappige kindertjes waarschijnlijk het best ruiken.

Maar wat deden de dino’s in de praktijk met zo’n scherpe neus? Het grote reukcentrum van de Tyrannosaurus was tien jaar geleden ook al eens gezien. Toen voedde dat het idee dat de machtige vleeseter geen jager, maar een aaseter was.

Zo ver gaan Darla Zelenitsky (Universiteit van Calgary) en haar collega’s niet. Zo’n verhoudingsgewijs groot reukcentrum kan net zo goed betekenen dat ze ’s nachts of in de schemering actief waren, of dat ze in een groot gebied voedsel zochten.

Eigenlijk ging het de paleontologen helemaal niet om de vraag hoe een Tyrannosaurus de dag door kwam. Ze wilden vooral reconstrueren hoe het reukvermogen van dino’s en vogels geëvolueerd is. De meeste moderne vogels blinken er niet in uit – tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw was zelfs breed aanvaard dat vogels helemaal niet kunnen ruiken.

Wanneer ging het bergafwaarts met het reukvermogen, vroegen de onderzoekers zich af. Ze ontdekten dat de meeste dino’s en een primitieve vogel als Archaeopteryx een reukcentrum van normaal formaat hadden. Dat vogels slechter gingen ruiken – en beter zien – kwam dus later.

Bekijk de keukenscène uit ‘Jurassic Park’ via nrcnext.nl/links