Nederlandse banken willen garantie voor spaarder verlagen

Amsterdam. Nederlandse banken willen een einde maken aan het huidige garantiestelsel, dat klanten van banken compensatie biedt bij faillissementen. In een brief, eind vorige week aan het ministerie van Financiën, dringt de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) er op aan het huidige ”omslagprincipe per direct buiten werking te stellen”.

NVB-directeur Wim Mijs wil toe naar een Europees stelsel waarbij het plafond op 50.000 euro moet komen te liggen, met een eigen risico voor klanten van 10 procent. In het huidige depositogarantiestelsel krijgen klanten tot 100.000 euro volledig vergoed wanneer hun bank failliet gaat. De kosten ervan worden gedragen door de andere commerciële banken, naar rato van hun aandeel op de spaarmarkt. Over wie de rekening in de toekomst zou moeten betalen geeft de NVB nog geen duidelijkheid. Rabobank-topman Bert Heemskerk pleitte gisterochtend in Het Financieele Dagblad voor een soort verzekeringsstelsel, waarbij spaarders tegen een bepaalde premie hun tegoeden kunnen verzekeren.

Directeur Mijs van de NVB zegt dat het stelsel met het huidige plafond van 100.000 euro ”niet langer voldoet”. ”Het stelsel is 40 jaar geleden ingevoerd om het omvallen van kleine banken op te vangen. Inmiddels gaat het over grotere banken en dus over veel grotere bedragen. De betaalbaarheid van het systeem staat ter discussie.” Het ministerie van Financiën zegt de brief van de NVB te bestuderen, maar noemt het ”absoluut niet verstandig om nu te gaan tornen aan de zekerheid van spaarders”.

Na het echec van de IJslandse spaarbank Icesave vorige maand, verhoogde minister Bos van Financiën het bestaande plafond van 40.000 euro (met een eigen risico van 10 procent over de tweede 20.000 euro) tijdelijk tot 100.000 euro. De commerciële banken, met name marktleider Rabobank, lieten al verschillende malen horen het niet eens te zijn met deze stap van de minister.