'Mensen zeggen: kan ik deze overheid wel vertrouwen?'

De fouten van Justitie zorgen voor frustratie bij de burger, zegt Fred Teeven (VVD). Dat geldt ook voor te lage straffen. „Het is nu tijd voor de bescherming van slachtoffers.”

Het kwijtraken van strafdossiers en het feit dat een rechter van de Holleeder-zaak is afgehaald wegens familiebanden met een getuige; dat soort gebeurtenissen is pas schadelijk voor het vertrouwen in de rechtstaat, zegt Kamerlid Fred Teeven (VVD). „En geloof me, er zijn twee gevallen in de media bekend, maar als oud-officier weet ik dat het vaker gebeurt. Mensen zeggen, wat is dit voor een bedrijf, kan ik deze overheid wel vertrouwen?”

Justitie is heel goed in „de kleine dingen”, zegt Teeven. „Het lukt ze perfect miljoenen boetes voor zes kilometer te hard rijden in de brievenbus te laten glijden.” Maar de grote dingen gaan mis, zegt het Kamerlid. „Dat levert irritatie en wantrouwen op.”

Diezelfde gevoelens van onvrede ontstaan als straffen te laag zijn, zegt Teeven. „Zoals taakstraffen voor geweldsmisdrijven of te lage straffen voor pedofilie. Het geeft slachtoffers en samenleving het gevoel dat ze niet serieus genomen worden.” Het Kamerlid ziet het als zijn taak om daar iets aan te doen. „Iemand moet dat gevoel van onvrede verwoorden, anders verandert er nooit wat.”

Dat neemt niet weg dat Teeven natuurlijk ook ziet dat er veel goed gaat. „Bij een bijeenkomst gisteren klaagde iemand over de grote hoeveelheid vormfouten. Dan vertel ik dat dat best wel meevalt.”

Dat bestrijding en bestraffing steeds vaker buiten de strafrechter om gaat is volgens Teeven een goede zaak. Het is goedkoper, en het leidt vaak ook nog tot betere straffen. „Bewaar het strafrecht voor geweldsmisdrijven en drugszaken, waar het echt voor bedoeld is en waar je een voorbeeld wilt stellen. Milieudelicten, belasting- of steunfraude, die kan je ook prima via het bestuursrecht aanpakken.”

Zorgen over de toenemende bevoegdheden voor overheden voor de bestrijding van misstanden in de samenleving, maakt Teeven zich niet. „Wat mij betreft geldt: je moet het vooral makkelijk doen als het makkelijk kan.” Dat geldt ook voor een instrument als de wet Bibob, waarmee gemeenten een ondernemer een vergunning kunnen weigeren als ze aan zijn integriteit twijfelen. „Gemeenten moeten die mogelijkheid hebben. Dat er bij Bibob omkering van bewijslast is, deert mij niet. Een ondernemer die te goeder trouw is, heeft geen probleem.”

„Ik maak me niet zo’n zorgen dat de burger niet goed genoeg beschermd wordt tegen de overheid. We hebben vijftig jaar aandacht gehad voor de bescherming van de verdachte, nu is het tijd voor het slachtoffer.”