Spaanse bouwers namen te groot risico

Veel Spaanse bedrijven hebben zich op het hoogtepunt van de krediethausse aan riskante gokken gewaagd. Maar het adembenemendst waren misschien wel de raids op nutsbedrijven van drie van de grootste bouwondernemingen in het land. Tijdens een periode van drie weken in de herfst van 2006 staken ze miljarden in aandelenpakketten van Repsol, Endesa en Iberdrola. De aankopen werden grotendeels gefinancierd met behulp van leningen, die door de aandelen zelf werden gedekt. Deze constructie leek destijds slim.

Maar na de enorme koersdaling van energieaandelen is dat niet langer zo. Het meest extreme geval is Sacyr, dat tegen een gemiddelde koers van 26,70 euro een bijna geheel met schulden gefinancierd belang van 20 procent nam in Repsol. Destijds zei topman Luis del Rivero dat hij ze „onder geen voorwaarde” weer van de hand zou doen.

Maar nu Repsol op minder dan 15 euro per aandeel wordt verhandeld, ziet Del Rivero zich gedwongen daarop terug te komen. Sacyr heeft een schuldenlast van 5,1 miljard euro, gedekt door een aandelenpakket met een waarde van 3,6 miljard euro. Om tegemoet te komen aan de eisen voor meer onderpand, heeft het concern voor 1,3 miljard euro aan aandelen in zijn vastgoedbedrijf Testa moeten inzetten.

De crisis heeft Sacyr gedwongen een aantal bezittingen te koop aan te bieden, waaronder het belang in Repsol en de tolwegbeheerder Itinere. Als Itinere, een kernactiviteit, wordt verkocht, zal Sacyr zich in de ongelukkige positie bevinden van een gokker die zijn meubels moest verkopen om zijn schulden te betalen.

ACS en Acciona, de andere twee bouwbedrijven die zich op het overnamepad waagden, staan er beter voor, hoewel ook hier de leningen die zij moesten opnemen ter financiering van hun acquisities, zwaar wegen.

ACS heeft 12,4 procent van Iberdrola gekocht, in de vorm van zowel directe als indirecte belangen – gefinancierd met geleend geld. De afgelopen vier maanden heeft het concern 940 miljoen euro van die lening moeten herfinancieren. Maar dankzij een aantal verkopen van bezittingen, waaronder een belang van 10 procent in Union Fenosa, beschikt ACS over 3 miljard euro aan middelen om, indien noodzakelijk, nog meer eisen tot verhoging van het onderpand in te willigen.

Acciona, dat een belang van 25 procent in Endesa nam, is bezig met de onderhandelingen over de herfinanciering van de lening daarvoor, niet in de laatste plaats omdat de kleine hoeveelheid aandelen van Endesa die op de beurs wordt verhandeld de koers heftig op en neer doet bewegen.

Acciona heeft een schuldenlast van 9,1 miljard euro, die wordt gedekt door een belang dat momenteel 6,5 miljard euro waard is. Het concern weet zijn banken misschien nog wel te overtuigen, omdat het een optie heeft om zijn belang tegen een hoge koers te verkopen aan het Italiaanse energiebedrijf Enel, de partner waarmee het Endesa vorig jaar overnam.

De bouwondernemingen voeren ter verdediging van hun roekeloze gedrag aan dat niemand de huidige onrust op de markten had kunnen voorspellen. De banken, die de kredieten ter beschikking stelden, zeggen hetzelfde. Maar zelfs destijds leidden deze met veel geleend geld gefinancierde gokken al tot een hoop gefronste wenkbrauwen – en terecht.

Fiona Maharg-Bravo

Vertaling Menno Grootveld

Voor meer commentaaruit Londen:www.breakingviews.com