Prachtbaan

Al maanden erger ik me rot aan alle zwerfafval in de brede strook groen tussen mijn huis en het spoor.
Op een morgen zie ik twee mannen in oranje overall met daarop Roteb, ieder met een zak en een prikstok.
Systematisch werken ze de strook af en wordt het brandschoon.
Als ik langs ze loop zeg ik: „Bravo, jullie hebben een prachtbaan.”
„’t Is geen baan”, zegt de een. „Dat is het wel” zeg ik, „het is eerlijk en dankbaar werk en de buurt knapt er enorm van op. Als dit geen prachtbaan is wat is het dan wel?”
„Werkstraf”, zegt de ander.

Will Seignette