In 'Closer' gaan de liefde en de waarheid niet samen

Theater Closer van Patrick Marber door De Paardenkathedraal. T/m 13 dec in de Paardenkathedraal, Utrecht. ****

„Ik was niet verliefd op hem, ik besloot het te worden”, bekent Alice, een stripteasedanseres. Zojuist heeft ze een journalist ontmoet, Danny, die leeft van het schrijven van in memoriams. Andermans dood biedt hem inkomen. Meteen al in de eerste scène van het overspeldrama Closer van Patrick Marber komen ze samen: de dood en het meisje.

Het is geen wonder dat Closer een succesformule blijkt: het is een seksueel geladen zedenkomedie zoals Marivaux die in de achttiende eeuw schreef, zonder de pikanterie van toen, aangepast aan de grimmige eenzaamheidswetten van nu. In de liefde is iedereen een lone wolf.

Toneelgroep Amsterdam voerde het stuk als eerste in Nederland op, daarna volgde de verfilming van Mike Nichols, en de versie van het Nationale Toneel met Daan Schuurmans. In de nieuwe versie van De Paardenkathedraal regisseert Paula Bangels een sterke cast met Katrien de Becker als fotografe. Mike Libanon vertolkt de arts, Eva van de Wijdeven is Alice en de schrijver van doodsberichten is David Cantens. Net zoals in Pinters Bedrog – Marbers grote voorbeeld - schept ontwerper André Joosten een tijdloze ruimte met strak meubilair, verrijdbare schermen, witte wanden. De kille sfeer past bij de regie van Bangels, waarin de personages niet zozeer tegen elkaar vechten – Marber is geen August Strindberg – maar vooral tegen zichzelf.

De onbaatzuchtige, liefdevolle Alice probeert zich de koelheid van de gedistantieerde fotografe aan te meten. Plaatst Anna tussen zichzelf en de anderen het onverbiddelijke oog van de camera, Alice glorieert bij de naaktheid van haar lichaam. De journalist zou willen zijn zoals de arts die heerst over leven en dood; en de arts zou over meer gewetenloosheid willen beschikken, zoals de schrijver eigen is. Dit levert een speelstijl op waarin de vier acteurs volkomen gelijkwaardig zijn, met nu eens Libanon als de sterkere, dan weer De Becker als een actrice die emoties verbergt achter een strakke mimiek.

De emoties om wederzijds verraad en bedrog laaien steeds hoger op. Mike Libanon neemt de trouweloze fotografe in een wurggreep, Danny slaat de weerloze Alice, ondertussen stamelend: „Het spijt me”. Wat een leugen.

En dan komen we terecht bij de kern: liegen als levensvoorwaarde. Uitroepen als: „Waarom lieg je niet zoals iedereen?” en: „Die zogenaamde openheid leidt tot niets!” vliegen over en weer. Spelers en regisseur vinden bij deze anti-moraal een passende speelstijl: zonder opsmuk, naturel. Ze hoeven ook niks. Ten diepste eenzaam waren ze al in het begin.

Kester Freriks