Wie redt het Poolse voetbal? En wie het EK van 2012?

Oud-stervoetballer Grzegorz Lato moet, als nieuwe voorzitter van de voetbalbond, het Poolse voetbal redden. Erg tactisch is hij niet.

Hij is het pas sinds donderdag: voorzitter van de Poolse voetbalbond. Maar Grzegorz Lato heeft nu al kleerscheuren opgelopen. En iedereen houdt zijn adem in, want dit is de man die het Poolse voetbal en, belangrijker, het EK van 2012 moet redden.

Lato (58) is een voetballegende: hij werd in 1972 olympisch kampioen met Polen en won in 1974 de Gouden Schoen, als topscorer van Europa. Maar aan zijn talent als manager wordt getwijfeld. En dát in de tot nu toe moeizame aanloop naar het door Polen en Oekraïne georganiseerde EK.

Zijn eerste faux pas maakte hij vlak na zijn verkiezing. Toen Lato om een reactie werd gevraagd op het nieuws dat tachtig procent van de EK-projecten in Oekraïne stilligt door de bankencrisis, zei hij: „Als ze het niet bolwerken, organiseren we het EK gewoon met Duitsland.” Oekraïne ontplofte.

Gebrek aan diplomatie is het allerlaatste wat de Poolse voetbalbond (PZPN) nu kan gebruiken. De afgelopen maanden woedde een felle strijd met de Poolse regering, die vindt dat de bond de corruptie in het Poolse voetbal veel te slap aanpakt. De minister van Sport, Miroslaw Drzewiecki, stelde zelfs een curator aan bij de PZPN om orde op zaken te stellen.

Drzewiecki haalde drie weken geleden bakzeil toen de FIFA en de UEFA dreigden om het nationale elftal van bondscoach Leo Beenhakker uit te sluiten van kwalificatiematches – deze overkoepelende bonden zijn tegen politieke bemoeienis met nationale bonden. „Chantage”, schreeuwden de media, die het onbegrijpelijk vinden dat de PZPN de hand boven het hoofd wordt gehouden.

In totaal zijn nu bijna 160 mensen gearresteerd naar aanleiding van corruptieschandalen die zich vooral tussen 2000 en 2006 hebben afgespeeld. Deze week werd opnieuw een corrupte scheidsrechter aangehouden. Vorige week woensdag werd oud-bondscoach Janusz Wójcik gearresteerd. In 2003 en 2004 gaf hij leiding aan Swit Nowy Dwór Mazowiecki, een club die toen opmerkelijk succesvol was. Te succesvol, zegt justitie nu.

Tegelijk met Wójcik werd ook een wedstrijdwaarnemer van de PZPN aangehouden. En onlangs diende het openbaar ministerie ook een aanklacht in tegen een van Lato’s tegenkandidaten in de verkiezingen, Zdzislaw Krecina (54), de schatbewaarder van de PZPN. Krecina zou in 2006 honderdduizenden zloty’s, waarop de belastingdienst beslag had laten leggen, toch naar een andere rekening hebben gesluisd.

De PZPN is een van de weinige instituties die na de val van het communisme, in 1989, niet op de schop werd genomen. Het is, zeggen critici, na al die jaren nog steeds een gesloten kliek, zonder interne controlemechanismen. Voetbalbonden in de rest van Europa zijn doorgaans niet erg democratisch, maar in Polen komt daar vijftig jaar communisme bij.

„Het is een maffia”, zei Artur Brzozowski, verslaggever van Gazeta Wyborcza, deze week op tv. „En niet omdat ik dat zeg. Rechters zeggen het.” Wat de situatie verergert is het gebrek aan goed voetbal in Polen. Brzozowski: „In andere landen praten ze over geweldige voetballers. Wij hebben het steeds over die PZPN.”

Dat de dogma’s van de FIFA en de UEFA de aanpak van die maffia in de weg staan, lijken de bonden zelf nu ook te beseffen. Want donderdag deed de UEFA wat het de Poolse regering eerder had verboden: het probeerde de PZPN te beïnvloeden.

In een toespraak voorafgaand aan de geheime stemming voerde Grigoriy Surkis, baas van de Oekraïense voetbalbond én lid van het UEFA-bestuur, expliciet campagne tegen Lato en Krecina en vóór oud-international Zbigniew Boniek, de publiekslieveling die de voorkeur van de Poolse regering geniet.

De dynamische en vlotgebekte Boniek (52) was in het verleden ook actief in de PZPN, maar geldt toch als een buitenstaander, al is het maar omdat hij buitenlandse talen spreekt. Boniek wordt gezien als een vernieuwer. Lato lijkt dat zelf ook te beseffen: hij bood zijn rivaal naar verluidt nog voor de stemming een mooie positie als vicevoorzitter aan, in de beste, stroperige PZPN-traditie. Maar Boniek bedankte voor die eer.

In zijn toespraak viel Surkis vooral uit tegen Krecina. Als hij gekozen wordt is dat „een tragedie” voor de PZPN. De toespraak viel compleet verkeerd. „Niemand vertelt ons wat we moeten doen”, riepen de leden van de PZPN in koor. Boniek kreeg van de 113 aanwezige gedelegeerden uiteindelijk negentien stemmen, zelfs minder dan de omstreden Krecina, die 36 stemmen kreeg. Op Lato werd 57 keer gestemd. Een krant concludeerde gisteren: „Het voetbalbeton blijft voorlopig in het zadel.”