Franse vogels broeden noordelijker maar klimaat haalt hen in

De gemiddelde vogel schuift zijn leefgebied snel op door de klimaatverandering, maar toch ligt hij achter: de achterstand is nu precies 182 kilometer. Dat concluderen onderzoekers die de situatie in Frankrijk analyseerden met een nieuwe benadering (Proceedings of the Royal Society B, december 2008).

Het is lastig om betrouwbare cijfers te verbinden aan de verschuivingen in het verspreidingsgebied van vogels – de willekeur regeert. Onderzoekers van de European Bird Census Council in Parijs introduceren een simpel model om veranderingen vast te leggen aan de hand van de CTI ofwel community temperature index. Elke plaatselijke vogelgemeenschap kan ermee gekarakteriseerd worden, aan de hand van de gemiddelde voorkeurstemperatuur van de soorten. De CTI geeft zo een balans weer, tussen grofweg het aantal warmtezoekende soorten en het aantal warmtemijdende soorten.

Uit de gegevens over Franse broedvogels destilleerden de onderzoekers een sterke toename in CTI tussen 1989 en 2006. Die toename is te vertalen in een noordwaartse verschuiving in soortensamenstelling met 91 kilometer. Verrassend snel, gezien vroegere voorspellingen.

Maar de temperatuur zelf was sneller. In die achttien jaar steeg de temperatuur in Frankrijk stevig (gemeten van maart t/m augustus). Ook dat kan in kilometers uitgedrukt worden: in Europa daalt de zomertemperatuur zo’n halve graad Celsius per honderd kilometer naar het noorden. De zomerse temperatuurstijging in Frankrijk kwam overeen met een noordwaartse verschuiving van 273 km. De rekensom is snel gemaakt: de veranderingen in avifauna lopen dus 182 km achter. Tien kilometer per jaar, en de Franse ornithologen vinden dat zorgwekkend. Ze vermoeden dat vogels al aan hun hoogste snelheid zitten, en niettemin achterlopen.

Er zitten haken en ogen aan de benadering. Zo werkt het Franse landschap met zijn heuvels en bergen niet mee aan het creëren van een overzichtelijk beeld. Vogels zoeken de relatieve koelte ook hogerop, in plaats van noordwaarts: ze schuiven hun territoria langs hellingen omhoog.

Maar het totaalbeeld van de klimaatmigratie wordt daar niet te zeer door verstoord, vinden de onderzoekers. De CTI-benadering biedt stof voor veelsoortige vergelijking tussen gebieden en soortengroepen – mogelijk bestaat er nu een betrouwbare maat voor schuivende vogels en hun klimaat. Frans van der Helm