Een vreemde match

In het boek The Yiddish Policemen’s Union van Michael Chabon, waarin de moderne geschiedenis iets anders is verlopen dan in ons universum, verliest Jan Timman in 1980 een match om het wereldkampioenschap van Melekh Gaystick, een inwoner van het autonome Joodse district Sitka in Alaska.

Vandaag is het 15 jaar geleden dat Timman in ons universum een echte match om het wereldkampioenschap van de FIDE verloor van Anatoli Karpov. Het was een rare match.

Karpov en Timman zouden eerst 12 partijen in Nederland spelen en dan 12 in Oman. Samen zouden Nederland en Oman een mooi prijzengeld van 4 miljoen Zwitserse frank opbrengen.

Dat was de bedoeling, maar het ging anders. Na 10 partijen in Nederland bleek dat er hier geen cent aan prijzengeld was en dat Oman nooit echt van plan was geweest om iets te doen. De spelers stonden met lege handen.

In deze droevige situatie was het begrijpelijk dat Karpov Timman in zijn hotel opzocht en ongeveer het volgende zei: ‘Beste Jan, ik sta twee punten voor in de match en ik wil natuurlijk geen partij verliezen. Aan de andere kant wil ik ook niet winnen, want als ik drie punten voor sta wil niemand meer die tweede helft voor ons organiseren. Wat zullen we doen?’

Er viel weinig tegenin te brengen. Timman en Karpov spraken af dat hun laatste twee partijen in Amsterdam remise zouden worden. Later werd de tweede helft van hun match in Jakarta gespeeld en FIDE-president Campomanes wist nog ergens een miljoen frank voor hen te vinden.

Timman-Karpov, Londen 1984. Zwart begint en wint.