Balans tussen prikkel en straf

De Britten werden bejubeld om hun reddingsplan voor de financiële sector. Maar de onduidelijkheid over wat Britse banken mogen met hun dividendbeleid leidt nu tot kritiek.

De Britse regering moet beter nadenken over de vraag wat zij wil met haar bankensector. Zij kreeg applaus van de hele wereld, omdat zij de eerste was die in actie kwam om de financiering en de herkapitalisering te garanderen van haar ongelukkige financiële instellingen.

Maar velen in de City hebben nu het gevoel dat het Britse plan te draconisch is in vergelijking met soortgelijke plannen in Nederland en Zwitserland. De Britse minister van Financiën, Alistair Darling, moet een duidelijk evenwicht aanbrengen tussen prikkel en straf.

De herkapitaliseringsplannen in de wereld hebben vier verschillende doelen. Het eerste daarvan is het stabiliseren van de banken. Het tweede is het veiligstellen van het belastinggeld dat is gebruikt om die stabilisatie te bewerkstelligen en, waar mogelijk, het verwezenlijken van een rendement. Het derde is het bestraffen van banken en hun aandeelhouders voor de slecht doordachte strategieën van recente jaren – overheidsgeld mag niet worden gebruikt om de zaken op dezelfde voet te laten doorgaan. Het vierde is het opbouwen van een concurrerende bankensector, zonder de noodzaak van overheidshulp op de langere termijn.

Maar sommige doelstellingen zijn in strijd met elkaar. Het beschermen van de belastingbetaler en het bestraffen van de slechteriken, kan het moeilijker maken om banken weer gezond te krijgen. De regering dwingt deelnemende instellingen om 9 miljard pond aan preferente aandelen uit te geven, die een looptijd hebben van vijf jaar en een niet te versmaden couponrente van 12 procent opleveren. Zij kan ook voor 28 miljard pond aan gewone aandelen in bezit krijgen, als de aandeelhouders van Royal Bank of Scotland, HBOS en anderen die niet van haar willen overnemen.

Het punt is dat deze banken geen dividend mogen uitkeren totdat ze de preferente aandelen allemaal hebben teruggekocht. Tegelijkertijd zegt de regering dat zij wil dat banken hetzelfde bedrag aan hypotheken verstrekken als in 2007 en kleine bedrijven steunen. De regering bepaalt wat de banken wel en niet mogen doen met hun kasstroom.

Britse politici en belastingbetalers vinden dit wellicht eerlijk. De banken zijn nu sterk gemotiveerd om die lastige preferente aandelen zo snel mogelijk terug te kopen, en de belastingbetaler heeft de genoegdoening dat de banken, die de crisis hebben veroorzaakt, het zwaar te verduren krijgen. Maar er bestaat een gevaar dat beleggers Londen gaan negeren. Zeker als alternatieve plannen op het continent erop duiden dat het mogelijk is banken te beschermen, een verstandige geleidelijke herinvoering van de dividenduitkeringen toe te staan en de lastige preferente aandelen kwijt te raken – allemaal zonder dwang.

Neem het Nederlandse plan. De banken krijgen een couponrente van 8,5 procent opgelegd, die steeds zwaarder wordt naarmate het langer duurt voordat het overheidsbelang wordt afgelost. Maar zij hoeven die rente alleen maar te betalen, als ze weer een dividend gaan uitkeren. Binnenlandse banken worden daardoor ontmoedigd om op onverantwoordelijke wijze en veel te snel een dividend uit te keren – maar als ze dat toch doen, hebben ze een prikkel om zo snel mogelijk van hun last af te komen, zodat de couponrente niet stijgt.

Het Zwitserse plan werkt anders, maar in dezelfde geest. Bern eist dat de voornaamste begunstigde, UBS, dertig maanden lang een couponrente van 12,5 procent betaalt. Maar als UBS zich in die periode heeft hersteld en geld over heeft, mag zij dividend uitkeren.

De Nederlanders hebben ook een exitstrategie voor de preferente aandelen – een terrein waarover de Britten zich nog steeds niet duidelijk hebben uitgelaten. Nederlandse banken kunnen zich zo snel ze maar willen van de last op hun schouders ontdoen, door 150 procent van de staatsbelegging terug te betalen. Als hun beurskoers beneden het niveau blijft dat de regering voor de aandelen heeft betaald, krijgt de publieke sector nog altijd de oorspronkelijke inleg terug. Ook deze constructie beschermt de belastingbetaler, terwijl de bank wordt geprikkeld.

De zwakke plek in het plan van de Britse regering is dat het dividenden in ‘binaire’ termen ziet: het uitkeren ervan betekent dat de belastingbetalers pijn lijden en de aandeelhouders een onverdiende beloning krijgen. Maar beleggers en belastingbetalers kunnen allebei baat hebben bij een beleid, dat bedrijven meer flexibiliteit gunt op het punt van het dividend.

Als nerveuze beleggers zicht krijgen op het moment waarop hun kreupele banken weer dividenden gaan uitkeren, zou dat waarschijnlijk voor een koersstijging zorgen. RBS kan dan bijvoorbeeld zijn koers zien uitstijgen boven het niveau van 65,5 pence per aandeel, waarop aandeelhouders de aandelenemissie van 15 miljard pond naar zich toe kunnen trekken. Omdat zij heeft gezegd een zo klein mogelijk belang te willen, zou de overheid dit verwelkomen.

Helderheid over de dividenden kan de belastingbetaler baten, zelfs als niemand aandelen van de staat koopt. De regering zal profiteren van een dividendbeleid dat de beurskoers laat stijgen. Zij zou de aandelen tegen een premie kunnen verkopen. Omgekeerd zal zij met een niet-winstgevend belang blijven zitten als de koers door onduidelijkheid laag blijft.

Als Londen zich bewust is van de zwakke plekken in haar plan en de banken nog steeds een lesje wil leren, beschikt zij over de morele basis om dat te doen. Maar als zij niet alle onbedoelde gevolgen heeft doorgedacht, zou ze zich ernstig moeten bedenken. Zij zou dividenden tot 2010 kunnen verbieden, om een stok achter de deur te houden. Als een bank zich dan gezond genoeg voelt om beleggers te betalen, zou Londen de verplichting kunnen opleggen om de preferente aandelen in gelijke mate aan de belastingbetaler terug te betalen. Door een couponrente van 12 procent in rekening te brengen, kan Londen zich nog steeds voordoen als ‘harder’ dan anderen. Zekerheid over het dividend zou er echter voor zorgen dat de aandeelhouders niet langer worden gestraft, maar geen verlies inhouden voor de schatkist.

© Breaking Views

Vertaling Menno Grootveld