Voor de liefhebber van oudere hiphop

Kenneth van Rangelrooij brengt Rock The Bell zaterdag in de Heineken Music Hall.

„Zolang je de rappers geeft wat ze willen, is er goed met ze te werken.”

Blaxtar foto Johannes van Assem den Haag, het crossing boarder festival 15-11-2006 blaxtar
Blaxtar foto Johannes van Assem den Haag, het crossing boarder festival 15-11-2006 blaxtar Assem, Johannes van

„Last Friday he told me he didn’t want the 25 percent… He can get the fuck outta here.” Het interview met Kenneth van Rangelrooij (32) van 1st Priority Entertainment wordt nogal eens onderbroken door dringende telefoontjes. De jonge hiphopzakenman uit Zoetermeer – bruin basketbalpetje met NY-logo en dik bruinleren Avirex-jack – reist met blackberry en laptop en staat voortdurend in contact met een wereldwijd netwerk. Hij schakelt snel. „Sommige mensen moet je niet te lang laten wachten.”

In het voorjaar haalde Van Rangelrooij de succesvolste rapper van dit moment, Lil Wayne uit New Orleans, voor het eerst naar Europa. Een week voordat Lil Wayne in Amsterdam optrad had hij niet eens een paspoort, vertelden medewerkers van zijn platenmaatschappij. Van Rangelrooij was niet de enige die achter de rapper aanzat die dit jaar in één week meer dan een miljoen exemplaren van zijn album Tha Carter III verkocht in de VS. „Andere programmeurs in Nederland hadden misschien twee concerten in de aanbieding – ik meteen tien, want ik zette een tour door Europa voor hem op. Daar wilde hij het vliegtuig wel voor pakken.”

Toen Van Rangelrooy Lil Wayne in de zomer een tweede keer in Amsterdam liet optreden, gingen de onderhandelingen zelfs nog door toen de rapper al op het podium stond. Tijdens het concert in De Melkweg werd Van Rangelrooij naar de tourbus van labelbaas Bryan ‘Birdman’ Williams gesommeerd, die aan het einde van de show ook nog een stukje zou rappen. „Als een soort godfather zat hij daar een dikke sigaar te roken. Hij zei dat hij me een gunst had verleend door Lil Wayne goedkoop te laten optreden, maar dat ik hém was vergeten. Ik wist niet eens dat hij zou komen. Toen ik liet zien dat hij niet op het affiche stond, zei hij dat ik zijn bus uit moest en dat hij de volgende keer veel meer zou vragen.”

Kenneth van Rangelrooij was in de vroege jaren negentig dj en rapper in de groep Madd Audience uit Zoetermeer. Na het uiteenvallen van de groep besloot hij zich op de managementkant van de hiphopindustrie te richten. Hij organiseerde urban feesten, trad op als manager voor acts als MOD, RMXCRW en Big Mike en werkte een periode voor de urban afdeling binnen dancebedrijf ID&T. Hij heeft een netwerk opgebouwd in Amerika en is vooral de laatste jaren actief met tours door Europa voor Amerikaanse rappers. Zo haalde hij KRS-One met de boot naar Europa, een rapper die wegens zijn vliegangst lang niet live te zien was geweest. Ook ging hij zes weken op pad met rappers Redman en Method Man.

In Nederland hebben Amerikaanse rappers de naam vaker niet dan wel op te komen dagen. Dat komt volgens Van Rangelrooij vaak niet door de acts, maar door programmeurs die concerten al promoten voordat de deal rond is of op het laatst op hun financiële afspraken terug komen. Een kleurrijk voorbeeld uit eigen ervaring: „Ik stond met Nas bij een club in Hongarije en pas toen we daar waren, bleek dat de promotor geen geld had. Hij had wel een voorschot betaald en eiste dat Nas zou optreden. We werden door allerlei mensen ingesloten, een van mijn jongens is met mijn laptop met de financiële administratie gevlucht en uiteindelijk zijn we door de Hongaarse politie ontzet. De volgende dag stond in de krant dat Nas de boel op stelten had gezet.”

Zolang je de rappers geeft wat ze willen, is er volgens Van Rangelrooij goed met ze te werken. KRS-One wilde naast een tourbus voor zijn crew ook zo’n enorme wagen voor alleen zijn vrouw en kinderen. De rappers van Bone Thugs-N-Harmony wilden drie bodyguards, want ze hadden gehoord dat Europeanen graag rappers beroven. En veel rappers willen na het concert op hun hotelkamer „nog een privéfeestje kunnen bouwen. Dan zorgen we vaak dat de nodige dames aanwezig zijn.”

Toen Redman eerder dit jaar op het podium van De Effenaar riep dat het grote Amerikaanse hiphopfestival Rock The Bells naar Nederland zou komen, verbaasde hij zijn eigen tourmanager. Van Rangelrooij: „Ik dacht: wat lul je nou. Het was toen nog lang niet rond.” Het lukte uiteindelijk het festival ook hier op te zetten waarmee voor Van Rangelrooij een mijlpaal bereikt werd. „De muziek is al lang populair en ik vond dat daar een groot festival bij hoorde.” Met rappers als Nas, EPMD en De La Soul haalt hij niet de meest commerciële namen naar Nederland. „Nou, Nas is in Amerika een grote jongen hoor… Maar het festival is daar ook meer iets voor de liefhebber van wat oudere hiphop.”

Dat betekent volgens Van Rangelrooij in elk geval dat hij kan bezuinigen op de bewaking. Bij Lil Wayne in de HMH werd aan de ingang extra scherp gefouilleerd door een groep beveiligers die de programmeur zelf had ingehuurd. Die extra service verleent Van Rangelrooij ditmaal niet. „Dat hangt af van het publiek. Lil Wayne is ghetto, dit is meer iets voor de liefhebber van oldschoolhiphop. Op Lil Wayne komt de jeugd af, en over het algemeen niet de liefste.”