Hij staakt niet, lesgeven en vergaderen is juist leuk

Deze week staken docenten in het hele land voor het verlagen van werkdruk. Is een baan in het onderwijs echt zo zwaar? Ja, zegt een docent aardrijkskunde. „Je hebt nooit pauze.”

Actievoerende leraren gistermiddag bijeen in de Brabanthallen in Den Bosch Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold den bosch aktie bijeenkomst onderwijs brabant hallen foto rien zilvold
Actievoerende leraren gistermiddag bijeen in de Brabanthallen in Den Bosch Foto NRC Handelsblad, Rien Zilvold den bosch aktie bijeenkomst onderwijs brabant hallen foto rien zilvold Zilvold, Rien

Hij wil niet klagen. Hij vertelt alleen hoe hard hij moet werken omdat deze krant hem de vraag stelde: is werken in het onderwijs echt zo zwaar?

Ja, zegt Roeland van Westerop. In het onderwijs is werkdruk het belangrijkste probleem. Hij is docent aardrijkskunde op de Goudse Scholengemeenschap Leo Vroman, een school voor mavo, havo en vwo.

Het gaat niet om de lesuren. Hij heeft een fulltime baan, dat betekent dat hij 27 lessen geeft, van 45 minuten. Het gaat om alles wat er omheen zit. Vergaderen, nakijken, voorbereiden, toetsen maken. Je hebt nooit pauze.

Een doorsnee week is 48 uur werken, verdeeld over zes dagen. Hij heeft het uitgerekend in een Excel-bestand. Dat is een week zonder ouderavonden, zonder voorlichtingsdagen, zonder schoolonderzoeken. Niets bijzonders.

De meeste tijd gaat op aan de zorg voor leerlingen. Hij heeft er rond de 260: negen klassen. Veel brugklassers, hij is ook brugklasmentor van 29 leerlingen. Die hebben veel aandacht nodig, want alles is nieuw. Ouders kunnen hem bellen, als er problemen zijn. Ouders gaan scheiden, een opa sterft, een kind wordt gepest. Hij vindt het een goed recht dat ouders en leerlingen hem dan kunnen bereiken. Maar ze bellen vaak ’s avonds, als je net toetsen wilde gaan nakijken of je lessen ging voorbereiden.

Veel tijd gaat op aan vergaderen. Met het brugklassenteam tien keer per jaar. Met het mentorteam één keer per maand. Met de vakgenotensectie één keer per week. Dan zijn er drie keer per jaar rapportvergaderingen. Dan worden alle 1.200 leerlingen van de school besproken. In zo’n week is er elke dag tot half tien ’s avonds een vergadering. Maar hij zou niet minder willen vergaderen. Want vergaderen geeft inzicht, je hebt overleg nodig met je collega’s, je moet over je vak praten.

Vanmiddag gaan docenten in zijn regio staken. Ook een aantal collega’s van zijn school. Ze staken voor drie procent minder werkdruk. En voor meer salaris. Maar hij doet zelf niet mee. Hij gelooft niet in die drie procent.

Want wat bedoelen ze dan? Drie procent minder lesgeven? Dat wil hij helemaal niet, lesgeven is juist leuk. Hij heeft liever minder leerlingen per klas. Bovendien, als alle leraren drie procent minder gaan lesgeven, wie vangt dat dan op? Zoveel docenten zijn er niet. Dan draait het erop uit dat er vollere klassen komen.

Wat je kan doen aan de werkdruk, is schrappen in vakantiedagen. Dat is een heilig huisje voor docenten, maar het kan niet anders. Je moet de pieken gaan uitsmeren, anders wordt iedereen de komende jaren gek, als het lerarentekort nog verder oploopt.

In de zomervakantie kan je het jaarprogramma maken. En schoolonderzoeken en toetsen. Die kan je dan de rest van het jaar blind pakken. Dat scheelt veel stress.

Wat je ook kan doen, is om oudere collega’s jongere te laten begeleiden. Als je geholpen wordt bij het maken van schoolexamens, bij het voorbereiden van lessen en het nabespreken, verlicht dat de druk enorm. En je leert er heel veel van.

Er moet ook meer salaris komen, vooral voor jonge docenten. Om veel meer goede, jonge, hoog opgeleide mensen naar het onderwijs te trekken. Dan kan je het werk écht gaan verdelen. Nu wordt iedereen maar aangenomen.

Het startsalaris is niet eens zoveel lager in het onderwijs, in vergelijking met andere sectoren. Maar dat startsalaris is gebaseerd op een fulltime aanstelling. En een beginnende leraar kan een fulltime baan niet aan, dus krijgt hij veel minder geld. Dan kiezen veel mensen liever een ander beroep.

Journalisten, advocaten, artsen en accountants hebben ook een hoge werkdruk. Daar is het onderwijs niet uniek in. Wat wel uniek is, is dat je in het onderwijs niet even een dag thuis kan werken, zoals in andere banen wel kan. Je kan je ook niet afzonderen op je werk. Als advocaat kan je een paar uur per dag chagrijnig alleen in je kamer zitten werken. In het onderwijs kan dat niet, daar moet je altijd voor de klas. En je moet fris zijn, met de ogen van 31 leerlingen op je gericht.

En ja, dan is salaris niet onbelangrijk. Hij verdient zelf 2.470 euro bruto; 1.883 netto. Dat is weinig voor een academicus van 34. Hij verdiende als manager bij het Luchtvaartmuseum 2.800 euro, drie jaar geleden. Hij kwam uit idealisme naar het onderwijs.

De gesprekken in de leraarskamer gaan nu veel over staken. Het is goed dat er weer even aandacht is voor de problemen in het onderwijs. Die nieuwe CAO, die had er afgelopen juli al moeten zijn.