Buren Hongarije minder in nood

Het zo betrouwbaar geachte Hongarije verkeert in grote problemen door de kredietcrisis. Roemenië en Bulgarije, berucht wegens corruptie, staan er juist goed voor.

Deelnemers aan de Hongaarse nationale top luisteren naar minister van Financiën János Veres. Foto’s AP Participants of a National Summit, Hungary's current and former political leaders and financial experts, watch the speech of Hungarian Finance Minister Janos Veres during their meeting in the Science Academy in Budapest, Hungary, Saturday, Oct. 18, 2008. Hungary's Socialist Prime Minister Ferenc Gyurcsany has called a national summit for Saturday, where parties' representatives, current and former political leaders and financial experts are to debate the effects of the global financial turmoil on Hungary. He added that the meeting would help bring about a broad agreement on the key economic and social issues. (AP Photo/Bela Szandelszky)
Deelnemers aan de Hongaarse nationale top luisteren naar minister van Financiën János Veres. Foto’s AP Participants of a National Summit, Hungary's current and former political leaders and financial experts, watch the speech of Hungarian Finance Minister Janos Veres during their meeting in the Science Academy in Budapest, Hungary, Saturday, Oct. 18, 2008. Hungary's Socialist Prime Minister Ferenc Gyurcsany has called a national summit for Saturday, where parties' representatives, current and former political leaders and financial experts are to debate the effects of the global financial turmoil on Hungary. He added that the meeting would help bring about a broad agreement on the key economic and social issues. (AP Photo/Bela Szandelszky) Associated Press

„Wij zijn geen tweede IJsland”, blijven regering en bankiers in Hongarije roepen. Maar op welke financiële catastrofe stevent het land dan wel af? Die vraag houdt Hongaren dezer dagen wakker. En terecht, stellen analisten in de hoofdstad Boedapest. „De situatie was nog nooit zo kritiek”, zegt János Pelle, columnist van het gezaghebbende politiek-economische weekblad HVG.

Amper elf dagen geleden schoot de Europese Centrale Bank de Hongaarse regering al te hulp met 5 miljard euro. Gisteren kwam daar nog eens de aangekondigde miljardeninjectie van het Internationaal Monetair Fonds bij. Het precieze bedrag is nog onbekend, maar ingewijden verwachten dat Hongarije later deze week van het IMF ruim 12 miljard dollar aan noodhulp krijgt, om de liquiditeit in de financiële markt te herstellen. Maandag kreeg buurland Oekraïne, dat eveneens fors te lijden heeft van de kredietcrisis, 16,5 miljard dollar van het IMF.

Vooraanstaande Amerikaanse economen uiten hun vrees voor het ‘Hongaarse virus’ dat mogelijk ook andere landen in de regio in gevaar brengt. Hongarije, dat in 2004 EU-lid werd, stond lange tijd bekend als een betrouwbaar land voor investeerders. Maar de schuldenlast groeide het afgelopen decennium explosief.

Nu de Hongaarse economie wankelt kijken analisten ook met zorgen naar de nog jongere EU-lidstaten Roemenië en Bulgarije die in 2007 toetraden. In recente EU-voortgangsrapportages kregen de Roemenen en Bulgaren zware kritiek wegens aanhoudende corruptie en zwak openbaar bestuur. Wat zijn in die landen de gevolgen van de kredietcrisis?

„Wij voelen hier vooralsnog niets”, zegt de Bulgaarse econoom Georgi Ganev. Iedere parallel met de Hongaarse situatie wijst Ganev resoluut van de hand. „Bulgarije heeft een enorm begrotingsoverschot en een flinke reserve in buitenlandse valuta’s.” Ganev, die bekend staat om zijn felle kritiek op de gebrekkige aanpak van corruptie door de Bulgaarse regering, is daarentegen lovend als het gaat om het Bulgaarse monetair beleid.

Ook economen in Roemenië, waar al jaren een onstuimige economische groei heerst, achten hun land immuun voor het Hongaarse virus. „De centrale bank voert hier een zeer strakke regie”, zegt de Roemeense analist Radu Florea. Tegelijk noemt hij het „toeval” dat Roemenië de gevolgen van de kredietcrisis niet ondervindt. De combinatie van een rigide centrale bank en een ondoorzichtige, stroperige bureaucratie heeft ervoor gezorgd dat hervormingen in de financiële sector grotendeels uitbleven, zegt Florea. „In Roemenië wordt nog zeer conservatief gebankierd. Daar is veel ergernis over, maar nu is iedereen daar even blij om. Het is een blessing in disguise.”

Over Roemenië en Bulgarije heersen veel vooroordelen die enige bijstelling verdienen, zegt de Bulgaar Ganev. „Er ís in Bulgarije weliswaar corruptie, maar er is meer: een sterke munt [de Leva, red.] en volop liquiditeit.”

Ganev hekelt de modellen die kredietbeoordelaars hanteren bij het beoordelen van economieën. „Een jaar geleden werd Bulgarije nog betiteld als ‘gevaarlijk’, tegenover het ‘veilige’ Hongarije. Men maakt verkeerde inschattingen. Eén voordeel aan deze kredietcrisis: niemand vertrouwt vanaf nu nog een kredietbeoordelaar.”

Enige zorg bestaat in Roemenië en Bulgarije wel over de indirecte gevolgen van de crisis. Analist Florea: „Roemenië is afhankelijk van buitenlandse investeerders. Als die op de rem gaan staan, voelen wij dat straks ook.” De situatie in Hongarije beschouwt hij als uniek in de regio. „Het opbouwen van de schuldenlast is daar enorm hard gegaan. Lenen in Roemenië is daarentegen nog altijd duur, en het wordt particulieren en bedrijven zeer moeilijk gemaakt.”

De Hongaar János Pelle noemt zijn land inmiddels „de zwakste schakel” in Midden- en Oost-Europa. „Alles om ons heen groeit, maar Hongarije stagneert, en de schuldigen zijn onze politici die verstoppertje hebben gespeeld”, zegt Pelle.

Hij vergelijkt de situatie van zijn land met die in buurland Slowakije waar vanaf 2000 rigoureuze hervormingen werden doorgevoerd in het nog op communistische leest geschoeide en onbetaalbaar geworden sociaal stelsel. Pelle: „Daar hebben politici durven snijden. In Hongarije niet. Zowel socialisten als conservatieven hebben om beurten tijdens verkiezingen absurde beloftes gedaan. Door die politieke demagogie is Hongarije nu gedevalueerd.”

Met de miljardeninjectie van het IMF ligt volgens Pelle de waarheid nu op straat. „Het IMF gaat politieke eisen stellen waar Hongarije niet meer omheen kan. Politici kunnen wellicht hun harde bezuinigingen nu beter verkopen aan de kiezers. ‘Het bevel kwam van buiten’, daarachter zullen ze zich verschuilen.”