Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

Steun ING moet economie aanjagen

Met miljardeninjecties in ABN Amro, Fortis en nu ING houdt de Staat meteen ook de hele Nederlandse economie draaiende.

Minister van Financiën Wouter Bos (PvdA) heeft een nieuwe manier ontdekt om de economie te stimuleren. Hij steunt banken.

De 10 miljard euro die de Nederlandse overheid als kapitaal toevertrouwt aan bank en verzekeraar ING, moet voorkomen dat een nieuw, somber economisch scenario werkelijkheid wordt. Dat scenario is dat banken uit angst voor verliezen en onrust hun eigen kapitaal niet meer willen inzetten om bedrijven nieuwe kredieten te geven en consumenten geld te lenen om bijvoorbeeld huizen te kopen. Zo zouden zij de economie lamleggen.

Gisteravond, bij de aankondiging van de kapitaalinjectie van ING, ontvouwde president Nout Wellink van De Nederlandsche Bank de nieuwe vrees publiekelijk. Voorkomen moet worden dat het „bankwezen een zelfstandige bron van negatieve druk wordt.” Afgelopen vrijdag waarschuwde DNB-directeur Henk Brouwer al dat de economische groei in 2009 zal stagneren.

De angst voor bevroren banken begint een Europees verschijnsel te worden. Bedrijven konden de afgelopen maanden nog gebruik maken van eerder toegezegde kredietlijnen van banken. Maar in Frankfurt krijgt de Europese Centrale Bank steeds meer signalen dat de economische groei opdroogt doordat banken hun kredietverlening bevriezen. Banken stoppen met krediet geven, beleggers willen geen nieuwe bedrijfsleningen kopen (zoals Akzo Nobel al ondervonden heeft), bedrijven doen geen nieuwe investeringen en consumenten kopen geen huizen, auto’s en keukens meer.

ING is bij uitstek geschikt als eerste ‘instrument’ voor een nationale economische groei-impuls. De bank en verzekeraar is via de Postbank, verzekeraar Nationale Nederlanden en ING-bank, een grote partij op de particuliere spaar- en hypotheekmarkt, in kredieten aan het midden- en kleinbedrijf en ze is een groeier onder grote bedrijven.

Het harmonicabeleid dat Bos en Wellink nu voeren onderstreept de angst dat banken hun reguliere werk in de economie niet meer willen doen. Dat beleid is: dagen de adem (en het beleid) inhouden en dan weer alle registers opentrekken. Eerst om Fortis Nederland en ABN Amro Nederland te redden, vervolgens om ze te nationaliseren en nu om ING nieuw kapitaal te lenen. Bos maakte gisteravond het grote verschil duidelijk. Fortis stond op punt van omvallen en moest tegelijk met ABN gered worden. Kosten: 16,8 miljard euro, plus maximaal 50 miljard euro aan kortlopende leningen.

De steun van 10 miljard euro voor ING is in essentie een kapitaalsinjectie voor nieuwe bedrijfsgroei voor ING en voor Nederland. ING is kerngezond en wordt goed geleid, zei Bos gisteravond.

De 10 miljard euro is basiskapitaal. Daar bovenop kan ING meer kapitaal aantrekken dat tot de maatgevende financiële buffers mag worden gerekend. Bovenop die verhoogde buffers kan ING vervolgens tot wel 200 miljard euro nieuwe leningen verstrekken aan bedrijven en consumenten.

ING-topman Michel Tilmant zette het nieuwe kapitaal gisteravond al direct om in een groeiverhaal. Nieuw kapitaal is nieuw krediet voor klanten. Zo ontstaat de ongewone situatie dat minister Bos aan ING een kapitaalinjectie voor groei geeft inclusief een dividendverwachting van jaarlijks 850 miljoen euro, terwijl hij ook de enig aandeelhouder is van Fortis en ABN Amro Nederland.

De overheid heeft op deze manier bij twee grote bankgroepen, bij ABN Amro/Fortis én bij ING, ijzers in het vuur. De overheid geeft beide financiers kapitaal, wil op beide beleggingen geld verdienen en gaat met zijn kapitaalinjecties de concurrentie tussen beide instelling aanwakkeren, evenals de concurrentie met andere banken. Ook dat past in een economisch groeibeleid van het kabinet.

[Vervolg ING: pagina 11]

ING

Bos volgt de Britten en de Zwitsers

[Vervolg van pagina 1] Dat is goed voor Nederland, maar of het ook het beste rendement op de bankbeleggingen van de overheid oplevert, is de vraag.

De interventies van de overheid en de nieuwe verhoudingen op de Nederlandse markt worden nu mede geconstrueerd in reactie op internationale maatregelen. De Amerikanen, Britten, Zwitsers en tot op zekere hoogte ook de Belgen hebben het kapitaal van ‘hun’ banken al drastisch verhoogd. Overheden die niet willen dat ‘hun’ banken op achterstand komen, moeten nu bijlappen. Zo is een nieuwe race naar de top begonnen.

Minister Bos gebruikte deze uitdrukking enkele weken geleden met een zweem van ontevredenheid toen de Europese ministers van Financiën overlegden over verhoging van het bedrag in de nationale garantieregeling voor spaarders. Al was Bos kritisch, in de race naar de top verhoogde ook Nederland zonder dralen de maximale garantie per rekeninghouder naar 100.000 euro.

Vervolgens kwam de race naar de top bij Fortis. De eerste reddingactie, met een aandelenbelang van 49 procent in de banken van Fortis bleek eind september onvoldoende. Binnen een week was het 100 procent.

Nu is de derde race naar de top gaande: overheden concurreren met elkaar om ‘hun’ banken zo snel mogelijk naar de top van de kapitaalladder te helpen.

De race naar de top is tevens een race naar toprendement. Overheden steken kapitaal in banken en willen daarop verdienen. Hoeveel? De voorwaarden verschillen, de zekerheid van rendement ook. Overheden proberen wel een eerste recht op winst te claimen. De belastingbetaler moet zien dat zijn kapitaal direct vruchten afwerpt.

De Amerikaanse overheid begint bij haar investering in de grootste negen banken met een vast rendement van 5 procent, oplopend naar 9 procent. Bos heeft bij ING minimaal 8,5 procent bedongen, mits ING ook andere beleggers dividend uitkeert. De Amerikaanse superbelegger Warren Buffett heeft bij een miljardeninvestering in de zakenbank Goldman Sachs een paar weken geleden 10 procent gekregen. De Britse minister van Financiën Alistair Darling kon vorige week nog 12 procent uit de strijd slepen op een deel van zijn kapitaalinjecties. Op een ander deel van diens investering staat het dividend echter niet vast en kan het nul blijken te zijn.

De race naar de top bij ING stimuleert andere financiële instellingen nog niet een kapitaalverzoek te doen. Kennelijk ontbreekt de acute noodzaak daartoe, zoals de koersval van ING afgelopen vrijdag met 27 procent.

De grootste concurrent van ING en ABN Amro/Fortis is de coöperatieve Rabobank. De Rabobank heeft geen aandelen, trekt daarom geen aandacht met een koersval, maar geniet wel het best denkbare oordeel voor financiële soliditeit, de zogeheten AAA-rating. Dat maakt het moeilijk een beroep te doen op Bos. De Rabobank staat al bovenaan. Dat wordt anders als het AAA-oordeel wordt verlaagd, niet omdat de Rabobank minder solide is, maar omdat de beoordelaars in hun eigen race naar de top hun criteria aanscherpen.