Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Sport

Ezel

Tijdens de Ronde van de Vallende Bladeren reed koploper Damiano Cunego met korte mouwen. Op zijn linkerbovenarm kon iedereen een plakplaatje zien. Het was een rond kopje met een glimlach. Smile! Het scheen te betekenen dat hij deze koers ‘schoon’ reed.

Damiano Cunego werd hartstochtelijk toegejuicht, bijna beschermd door de fans. Vergeten waren de zeven betrapte dopingzondaren in de Tour de France, vergeten de stinkende beerput van de Spaanse dokter Fuentes. Het wielerseizoen zat er op. De Italiaanse fans wilden eindigen met een lach.

Schoon. Als je je handen met groene zeep wast en met lauwwarm water afspoelt, ben je dan schoon? Of zitten bacillen zo diep in de poriën dat zelfs uitroken geen zin heeft. Is doping uit te roeien?

CSC-wielrenner Karsten Kroon schoof gistermiddag aan bij de NOS om het hele seizoen nog eens door te nemen. Hij geloofde niet in wielrennen zonder doping. Er is altijd wel weer een zondaar, een pakker die wil valsspelen. Kroon: „Het zit in de mensen.”

Toch had hij geen medelijden met de bedriegers. Hij noemde cera-gebruiker Ricco „een irritant mannetje met grootheidswaanzin, niet helemaal honderd procent”. En de vorige week op het middel betrapte Bernard Kohl was een dommerd, een „schoorsteenveger”.

En ik maar denken dat het peloton één grote familie was waarin men pal achter elkaar stond.

In het afgelopen weekeinde kondigde Ivan Basso na twee jaar schorsing aan weer spoedig op de fiets te zitten tussen zijn makkers. Hij kan niet wachten. Basso wil weer genieten van de simpele zaken van het cyclisme, zoals het opspelden van een koersnummer.

Tranen in mijn ogen bij zoveel valse romantiek. Basso, geknield voor zijn hotelbed, maakt met trillende vingers het nummer met vier speldjes vast aan zijn shirt. Basso wil de koers weer beminnen alsof er niks is gebeurd. Schuld en onschuld zijn soms op een ingewikkelde manier in een en dezelfde persoon met elkaar verweven. Om Karsten Kroon nog maar eens te citeren: „Het zit in de mensen.”

De wielrenner is van een sluwe leugenaar veranderd in een adept van de populaire bekentenisliteratuur. „Ja, ik heb geslikt” is een gangbaar antwoord geworden in het verhoor. „Nee, onmogelijk, ik gebruik niks” is uit de mode.

Ik herinner me hoe de Italiaan Gianni Bugno – denk nog eens terug aan die stille rug op de fiets, aan hem zag je het lijden nooit af – betrapt werd op het gebruik van cafeïne. Bugno woedend. Madonna! Hij was Italiaan, die dronken iedere dag toch een sterke espresso? „Klopt, alleen geen duizend kopjes”, schijnt de dopingcontroleur toen geantwoord te hebben.

Ik bedoel maar; de schoonheid van de naïeve leugen is me ook iets waard.

De fietsen gaan vanaf vandaag in het schuurtje. Kroon meldde dat hij op ezels ging rijden in het Atlasgebergte. Hij gaat afkicken – van het seizoen wel te verstaan.

Mart Smeets vroeg hoe hij tegen de terugkeer van Lance Armstrong aankeek. Kroon klonk laconiek. Hij zou het allemaal wel zien. Al wist hij zeker dat het Armstrong niet om het fietsen zelf gaat. Het uiteindelijke doel van de Texaan is om president van Amerika te worden. Kroon keek bloedserieus.

Ik kneep in mijn vel. Karsten Kroon op een ezel, Lance Armstrong in een fauteuil van het Witte Huis. Wat een magnifiek einde van het wielerseizoen.