Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Milieu en natuur

De lucht geeft aan dat ik op de goede weg ben

Op haar reizen ontdekt schrijfster en fotografe Linda Roodenburg de wereld via de eetgewoontes van mensen. In deze aflevering is zij in Tbilisi.

De markthal van Tbilisi in Georgië. Foto Linda Roodenburg
De markthal van Tbilisi in Georgië. Foto Linda Roodenburg Roodenburg, Linda

Nederlanders noemen het een Franse hurkplee, in Frankrijk heet het een toilette turquoise en in Georgië is het de gewone wc. Een advies voor vrouwen die naar Georgië afreizen: maak gebruik van iedere schone wc die je tegenkomt want het is de enige in de verre omtrek.

Urenlang dwaal ik rond in de overdekte markthal van Tbilisi. Wat een aanbod. Verse en gerookte kazen, worsten van walnoot en druiven, meterslange strengen rode pepers, giga bossen koriander, dille en munt, manden vol okers en nog veel meer. Een voedselparadijs waar veel valt te ontdekken.

Maar dan moet ik plotseling nodig. De blaas is nog vol van de afgelopen nacht, die volgens Georgisch gebruik in veel rode wijn en zout mineraalwater gedrenkt was. Per taxi terug naar het hotel is geen optie. Ik wil nog foto’s maken van de vrouwen achter hun duizelingwekkende sortering kruiden, specerijen en zelfgemaakte sauzen in jampotjes en colaflesjes. Ik ga een wc zoeken.

Met mijn zwarte kleding en geblondeerde haar dacht ik hier onopvallend te kunnen rondlopen, maar toch heeft men door dat ik een vreemde ben. Een man achter een rijtje roze biggetjes spreekt me aan. Uit de klanken maak ik op dat hij mij voor een Russin aan ziet. „Holland”, zeg ik op goed geluk. „Ah, Sandra!!” roept de man, doelend op de Zeeuwse vrouw van de president die een eind beloofde te maken aan de chaos en de corruptie in het land.

En aan de smerige toiletten wat mij betreft.

In een hoek van de markthal verdwijnen vrouwen achter een muur. Ik loop er naar toe. De lucht geeft aan dat ik op de goede weg ben.

Aan het begin van een donkere gang staat een vrouw, ook in het zwart. In ruil voor 20 laricent drukt ze mij zwijgend een grauw stuk wc-papier in de hand. Aan het eind van de gang bevindt zich een ruimte met zwak neonlicht. De betonnen pilaren en de vloer zijn verzadigd van vocht. Er zijn zes hokjes met klapdeurtjes waar je onderdoor en overheen kan kijken. Een vrouw sjort vóór een hokje haar rokken omhoog en maakt het onderlichaam vrij. Een onderbroek kan ik niet ontdekken. Dan stapt ze op het geribbelde voetplateau. De klapdeurtjes blijven open. Ze zakt wijdbeens, lichtjes door de knieën. Blijkbaar hurkt men helemaal niet op hurkplees. Met haar gezicht naar de deurtjes doet ze waar ze voor gekomen is. Het wc-papier werpt ze na gebruik in de hoek op een grote hoop. Doortrekken hoeft niet want er is geen doortrekker. Buiten het hokje maakt ze haar kleding weer in orde. Een andere vrouw moppert over de viezigheid in haar wc en haalt ergens een emmer water om een en ander weg te spoelen.

Nu moet ik met de billen bloot. Ik draag een lange broek, de verkeerde kleding voor deze gelegenheid. Ik betreed een hokje, sluit de deurtjes, maar blijf in het zicht dankzij een royale kier. Ik rol mijn broekspijpen op om ze droog te houden. Dan rits open en broek naar beneden. Om mijn broek niet te raken en wel het zwarte gat moet ik tegen de lokale gewoonte in diep hurken, met mijn gezicht naar de blinde muur. Het lukt en ik val niet om.

Met het mikken van het wc-papier in de hoek heb ik geen moeite. Opgelucht en al enigszins ingeburgerd maak ik mijn kleding buiten het hokje in orde. Ik ben weer niet onopgemerkt gebleven. Een vrouw met zwarte kousen en een dichtgeknoopt bloemetjesschort staat naar me te kijken. Wat zou ze denken? Waarom zat die Russin verkeerd om en zakte ze zo diep door de knieën? Op mijn beurt vraag ik me af hoe zij het klaar gaat spelen met die kousen. Als het een maillot is moet ze volgens mij ook diep door de knieën en als het geen maillot is dan wil ik wel weten waar en hoe die kousen eindigen. Maar de penetrante lucht heeft me draaierig gemaakt. Mijn misselijkheid is sterker dan mijn nieuwsgierigheid en ik vlucht uit deze natte hel.