Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Politiek

Bankbaas IJsland verliest alle steun

De IJslandse banken zijn omgevallen. David Oddson, de president van de centrale bank, is verantwoordelijk, stellen demonstranten, politici en academici.

David idioot, David moet weg, David is verantwoordelijk. Dat waren de leuzen op de spandoeken van de 500 demonstranten die zaterdagmiddag op het plein voor de Althing, het IJslandse parlement, in Reykjavik stonden. Oddson, de president van de Centrale Bank van IJsland, is voor veel IJslanders mede verantwoordelijk voor de ondergang van de drie grote IJslandse banken, die het land in een ongekend diepe financiële crisis hebben gestort.

David Oddson was vele jaren burgemeester van Reykjavik en vervolgens twaalf jaar premier en minister van buitenlandse zaken, voor hij drie jaar geleden president van de centrale bank werd. Maar ook op die post bleef hij de gevreesde machtspoliticus en de invloedrijke leider op de achtergrond van IJslandse grootste politieke partij, de conservatieve Onafhankelijkheidspartij die al vele decennia vrijwel onafgebroken deel uitmaakt van de regering.

Oddson promoveerde zichzelf in 2005 tot bankpresident. In die functie onthield hij zich niet van krachtige uitspraken, ook niet tijdens de crisis van twee weken geleden toen het lot van de IJslandse banken op het spel stond.

In een week stelde de IJslandse financiële autoriteiten de drie voornaamste banken onder curatele. Kaupthing, Landsbanki en Glitnir konden niet meer aan hun verplichtingen voldoen.

Onmiddellijk rees de vraag of de regering van IJsland de tegoeden van de banken zou garanderen. Zo had Landsbanki, via dochterbedrijf Icesave, in Nederland en Groot-Brittannië spaargeld aangetrokken van duizenden particulieren, gemeenten, provincies en zelfs universiteiten.

Op 7 oktober, de avond dat Landsbanki onder directe controle van de staat werd geplaatst, verscheen David Oddson in een actualiteitenprogramma op televisie waarin hij, niet voor het eerst, uithaalde naar de (IJslandse) „roekeloze bankiers” die „de consequenties van hun onverantwoordelijke gedrag” onder ogen moeten zien, in plaats van onschuldige burgers. Vervolgens herhaalde hij enige malen dat IJsland de buitenlandse schulden van de banken niet zal vergoeden.

De Britten waren allerminst gecharmeerd van de uitlatingen van Oddson. De Britse minister van Financiën Alistair Dareling zei tegen de BBC: „Geloof het of niet: de IJslandse regering heeft laten weten dat ze niet van plan is om zijn verplichtingen hier na te komen.” Op basis van de Anti-Terrorismewet uit 2001 werden alle tegoeden van Landsbanki (Icesave) bevroren. Eveneens werd Kaupthing Edge gesloten, de spaarbank van Kaupthing die actief was het het Verenigd Koninkrijk.

Diezelfde avond liet ook Kaupthing zich door de regering in Reykjavik overnemen, net als eerder Glitnir en Landsbanki. Kaupthing gaat een schadevergoeding van 700 miljoen euro eisen van de Britse staat. Maar Oddson is medeschuldig aan de val van Kaupthing zegt Sigurdur Einarsson, de bestuursvoorzitter van Kaupthing. Zijn bank is ten onder gegaan na de „openbare verklaringen” – zoals die van Oddson – dat IJsland de buitenlandse schulden van de banken niet zou betalen.

De uitlatingen van Oddson in de tv-uitzending waren onverantwoordelijk voor de president van de centrale bank, zegt Thorvardur Gylfyson, hoogleraar economie in Reykjavik. Een andere IJslandse econoom schreef vergoelijkend in een Engelse krant dat Oddsons opmerkingen „alleen voor binnenlandse consumptie bestemd waren”. Maar zo zit de wereld niet elkaar, zegt Jon Baldwin Hannibalsson, de sociaal-democratische oud-minister van Buitenlandse Zaken, terwijl betogers „afgelopen met David” schreeuwen. Hannibalsson: „David Oddson is nu de grootste hinderpaal voor een akkoord met het IMF, de enige reddingsboei waaraan IJsland zich nu nog kan vastklampen.” En: „Deze bankpresident geniet internationaal geen enkel vertrouwen meer”, stelt Hannibalson, die gisteren op de IJslandse tv verwees naar andere ernstige beleidsfouten van de Centrale Bank onder Oddsons leiding.

In januari dit jaar werd IJsland met zijn drie grote banken – met twaalf keer zo veel uitstaande tegoeden als het bruto binnenlands product van IJsland – in de Londense City al „één groot hedge- fonds” genoemd. De IJslandse Centrale Bank had toen nauwelijks meer dan 2 miljard euro als reserve – veel te weinig om als bank of last resort te kunnen dienen als de drie commerciële banken in moeilijkheden zouden komen. Pas na een flinke koersval van aandelen en van de IJslandse kroon, eind maart, reageerde de Centrale bank: in mei sloot ze een akkoord met de centrale banken van Denemarken en Noorwegen, die 400 miljoen euro beschikbaar stelde aan IJsland (waarvan de helft de laatste twee weken is gebruikt).

David Oddson wees ook alle kritiek op dit punt af in zijn beruchte tv-gesprek. Oddson: „Mensen begonnen te roepen dat we onze reserves in harde munten moesten opvoeren. Een volkomen verkeerde theorie. We hadden het bankensysteem kleiner moeten maken.”

Tegenover The Wall Street Journal pochte Oddson: „Wij hebben meer reserves per capita dan de meeste landen.” Ook zijn diepe afkeer van de Europese Unie en de euro bleek nog eens toen hem in de uitzending werd gevraagd of hij nog vertrouwen heeft in de IJslandse kroon „als solide munt als de storm voorbij is”. Oddson: „Als we aan de euro waren gekoppeld, zouden we ons moeten onderwerpen aan de wetten van Duitsland en Frankrijk. Ik weet dat alle spindoctors zo over de kroon praten. Maar dit koor zal stoppen, zodra mensen zich zullen realiseren hoe de kroon ons zal helpen een nieuw evenwicht te vinden.”

Oddson reageerde onmiddellijk positief, zo wordt in Reykjavik beweerd, toen de ambitieuze Russische ambassadeur telefonisch liet weten dat Moskou wel een lening van 4 miljard euro kon verstrekken om IJsland aan dringend nodige liquiditeit te helpen. Maar de besprekingen in Moskou die een dag na dit aanbod al begonnen, werden vorige week zonder resultaat afgebroken, omdat Rusland „meer informatie” nodig zou hebben. Tenslotte boerde IJsland in de jaren zestig en zeventig ook goed met barter deals – vis in ruil voor olie – met Moskou. Voor Oddson is alles beter dan de strenge voorwaarden van het Internationale Monetaire Fonds, waarvan experts al ruim een week in Reykjavik de schade van de bankencrisis opnemen – tenminste 10 miljoen kroon voor elk van de ruim 300.000 IJslanders, zo heeft de econoom Olafur Isleifsson berekend. Maar hij waarschuwde: „Het kan nog meer worden.”