Politieke stripfiguren

De Oostenrijkse populist Jörg Haider, die afgelopen week verongelukte, was een drammer maar ook een geestige en vileine debater.

Jörg Haider en zijn woordvoerder Stefan Petzner in september Foto Reuters Leader of Buendnis Zukunft Oesterreich (BZOe) party (Alliance for Austria's future) Joerg Haider (R) and his spokesman Stefan Petzner toast after a news conference in Vienna this September 8, 2008 file photo. Prominent Austrian far-right politician Haider was over the legal drinking limit when he died in a high-speed crash in his car at the weekend, a party official said october 15, 2008. Haider, 58, was killed in the early hours of Saturday when the car he was driving at 142 kmh (88 mph), around twice the speed limit, crashed off a road in the southern province of Carinthia, where he served as governor. REUTERS/Heinz-Peter Bader/Files (AUSTRIA)
Jörg Haider en zijn woordvoerder Stefan Petzner in september Foto Reuters Leader of Buendnis Zukunft Oesterreich (BZOe) party (Alliance for Austria's future) Joerg Haider (R) and his spokesman Stefan Petzner toast after a news conference in Vienna this September 8, 2008 file photo. Prominent Austrian far-right politician Haider was over the legal drinking limit when he died in a high-speed crash in his car at the weekend, a party official said october 15, 2008. Haider, 58, was killed in the early hours of Saturday when the car he was driving at 142 kmh (88 mph), around twice the speed limit, crashed off a road in the southern province of Carinthia, where he served as governor. REUTERS/Heinz-Peter Bader/Files (AUSTRIA) REUTERS

Het is 12 november 1999 en ik sta kleumend voor het hoofdgebouw van de Universiteit van Wenen. Zo ver als het oog reikt, staan mensen te wachten tot de demonstratie tegen Jörg Haiders FPÖ begint. Achter mij ontrollen meisjes met dreadlocks een zwarte lap stof, als afscheiding van het anarchisten-vak. Het doek klappert in de snijdende wind. Om mij heen trekken maoïsten, leninisten, stalinisten, trotskisten, groenen en feministen hun afscheidingen strak. Iedereen achter zijn eigen lap.

Geschiedenis studeren in Wenen. De agressieve FPÖ-folders die op de mat gleden (“Stopp der Überfremdung”) getuigden van een vreemdelingenhaat die veel dieper wortelde dan het bitterbalracisme dat ik uit Nederland kende. Hier werd hardop fysieke verwijdering geëist; een enge echo in een stad die niet zo lang geleden grondig ‘geleegd’ was. Niet alleen ‘bruintjes’ waren buitenlanders, zo consequent waren de Weners wel. Winkelpersoneel reageerde getergd als ik hakkelend naar het juiste woord zocht.

Het was niet moeilijk om verzetsheld te zijn als emotioneel losgezongen buitenlander in dit zwart-wit panorama. Ik ging braaf naast de enige zwarte man in de metro zitten. Maar toen ik in de zomer van 2000 naar Nederland terugkeerde, bleek Jörg Haider meegereisd te zijn. Servus, at your service. Pim Fortuyn was geen nieuw fenomeen, enkel de volgende nationale variatie in het genre. Jörg Haider werd altijd achtervolgd door geruchten over homoseksualiteit. In wisselende pakjes pendelde hij tussen het landelijke leven met vrouw en dochters, en de society-feestjes in Wenen, met een jonge mannelijke assistent aan zijn zijde. Plattelandkitsch, skikitsch, familiekitsch, nouveau-riche-kitsch. Ook Fortuyn schakelde graag tussen poses. De landheer op zijn landgoed, de zakenman met chauffeur, de dandydiva met dikke dassen. De huisdierenliefde van de herenliefhebber. Het verlangen naar het ‘onder elkaar zijn’ van de knusse jaren vijftig, maar mét dark room en supertechnologie. Een toekomstvisioen dat Haider ongetwijfeld aansprak.

Dat zulke stripfiguren politieke helden konden worden, mag niet verbazen. Zoals Oostenrijkers zijn ook Nederlanders geneigd heen en weer te springen tussen nuchterheid en volslagen hysterie. Bruin brood met een glas melk doordeweeks, en anderhalve fles (gratis) champagne op de première van een musical op zaterdagavond. Oostenrijk en Nederland werden lang in balans gehouden door compromissen tussen sociaal-democraten, conservatief-liberalen en christenen van beider neiging. Die stabiele machtsverdeling zat veel mensen dwars. Compromissen sluiten betekent namelijk ook: nooit helemaal je zin krijgen. En iedereen zou wel graag één ding radicaal veranderd zien. Haider en Fortuyn waren drammers. Ze zouden hun zin krijgen, en niet zo’n beetje ook. En daarbij waren ze geestige, vileine debaters. Zoals alleen Paul Rosenmöller zich niet liet wurgen door het gekronkel van Fortuyn, bleef enkel toenmalig kanselier Viktor Klima (SPÖ) overeind in de drogredenstorm van de zegevierende volktribuun Haider in 1999.

Maar van waar toch dat verlangen naar een reiniging van de natie, waarmee Haider en Fortuyn alle rangen en standen voor zich wonnen? Oostenrijkers en Nederlanders doen dingen via-via. Beide samenlevingen draaien op netwerk, op voorrang en voorkeur voor vrienden en bekenden. Huizen, banen, klusjes: het liefst lost men dingen binnen het ‘maatschappelijk middenveld’ op. In zo’n samenleving is het niet alleen gemakkelijk om vreemden buiten te sluiten, maar vanzelfsprekend. ‘Samen’ geldt alleen voor zuil, subgroep, klasse, vereniging, straatgenoot, in vaste dienst.

Oostenrijkers en Nederlanders dragen hun selectieve saamhorigheid ostentatief uit. De minachting voor de vreemdeling gaat veel dieper dan ‘moslims’ of ‘Polen’. Ook Amerikanen, Fransen en Italianen zetten de woorden zo ‘schattig’ op de verkeerde plek in de zin, en kennen niet altijd het juiste jargon. Kent u die mop niet? Of kunt u er niet om lachen? Dan is deze baan toch niets voor u. De druk om te conformeren is groot. Maar het is nooit goed genoeg. Ben je uiterlijk moeilijk te onderscheiden, dan struikel je wel over je tong. Die vanzelfsprekende afscheidingen kun je politiek gebruiken, als je de juiste woorden kiest.

Zowel Haider als Fortuyn kenden de woorden die mensen binden in hun walging van elkaar. Over de vreemdeling: „Het land is vol, de grens moet dicht, er kan niemand meer bij.” „Asielzoekers worden steeds crimineler. Het einddoel moet uitzetting zijn.” Islam: „De meest wrede, bedreigende ideologie van het moment.” „Een sluipende bedreiging, een totaal andere cultuur.” Over het werk van voorgaande politici: „Puinhopen.” „Miskraam.” Over populisme: „Complexe vraagstukken helder vertellen.” „De democratisering van de democratie.” En over zichzelf: „Ik doe wat ik zeg.” „Ik praat niet alleen, ik doe het ook.” En nu in koor, heren: „Fatsoen, fatsoenlijk, fatsoensmensen.”

De dood van Haider biedt gelegenheid om zich uitgebreid te laven aan de maffe verhalen uit het leven van een fascinerende politicus. Maar al hun kostuumpjes en stoutigheidjes ten spijt, met Haider en Fortuyn was de grap ervan af. Hun stijl, hun toon, hun woorden, hun gedachten hebben collectieve walging ontketend. Mensen hebben elkaar gevonden in de walging. Wij walgen. En niet alleen van de vreemdeling. De achterbuurt walgt van de opgeklommen zakenman. De opgeklommen zakenman walgt van familiedynastieën. De provincie walgt van de stad. De stad walgt van de provincie. ‘Den Haag’ walgt van Geert en Rita en die walgen van iedereen. Wie koos voor Jörg of Pim of een van hun wapenbroeders, stemde daarmee zijn persoonlijke walging weg. En als je goed luistert, hoor je dat dit genre politici geen enkel goed woord over heeft voor wie dan ook, behalve zichzelf.