Het nieuws van 11 oktober 2008

Het klopt, weinigen weten wat van geschiedenis

Je kunt je na lezing van het artikel over vaderlandse geschiedenis (Opinie & Debat, 4 oktober) afvragen waarom de redactie twee hoogleraren heeft uitgenodigd voor dit artikel en geen ervaren docent of vakdidacticus gevraagd heeft. De beide schrijvers blunderen. De uitspraak dat geschiedenisonderwijs ongeveer door maatschappijleer werd vervangen is onjuist. Toon dat eens aan met hulp van bijvoorbeeld een analyse van enkele opgaven van het Centraal Schriftelijk Eindexamen van de laatste dertig jaar. Die uitspraak is bovendien een klap in het gezicht van de vele docenten die jaar in jaar uit bezig zijn geweest met historische vorming van hun leerlingen. Voorts vergeten de schrijvers dat in het basisonderwijs de vaderlandse geschiedenis in het geheel niet verdwenen is. En wie de eindexamenonderwerpen zelfs maar oppervlakkig bekijkt, moet vaststellen dat ook de vaderlandse geschiedenis nooit geheel is verdwenen uit het voortgezet onderwijs. Dat veel leraren na 1945 juist onder invloed van de Tweede Wereldoorlog minder behoefte hadden aan een centrale plaats van de vaderlandse geschiedenis, wordt niet vermeld. De grootste misser is ten slotte dat nergens vermeld wordt dat leerlingen in het beroepsonderwijs geen of nauwelijks geschiedenisonderwijs krijgen. Een krachtig pleidooi vanuit de academische wereld richting de politiek om hier verandering in te brengen heb ik tot nu toe gemist. Wat dat betreft is de kop van het artikel veelzeggend: `Iedereen vindt dat Nederlandse geschiedenis belangrijk is, maar slechts weinigen weten er wat van`.

Hoe blij waren de Indonesiërs nu met ons? 1

”Indonesiërs hebben in alle rust een regering kunnen samenstellen, anders was er zeker een binnenlandse oorlog uitgebroken”, stelt de heer Roijmans (Opiniepagina, 6 oktober). Een beter voorbeeld van geschiedvervalsing en arrogantie kan ik mij nauwelijks voorstellen. Die oorlog was er, en de Hollanders waren erbij. In NRC Handelsblad van 4 juli 2008 staat een recensie van het boek De Njai. Het concubinaat in Nederlands-Indië van Reggie Baay. De kop van die recensie: `Verzwegen, Verlaten en Verguisd`. Misschien is het begrip `Njai` de heer Roijmans onbekend. Een Njai was een `inlandse` vrouw, die vooral drie taken had: minnares, huishoudster en dienstbode van Nederlandse bestuurders. Uit dit soort verbintenissen zijn veel kinderen geboren, zoals Baay en ikzelf. Wij en zoveel anderen waren zo `geliefd` (in Indonesië en in Nederland) dat wij onze werkelijke identiteit decennialang moesten verdoezelen. Als kind lukt dat aardig, later wordt dat lastiger. Een ander boek, op school verplichte kost, was Douwes Dekkers Max Havelaar. Beide verslagleggingen verhalen de lange aanloop naar wat Roijmans ziet als `het in alle rust vormen van een regering`. Dit verleden en dat wat er in Rawagede, en vele andere plekken in Nederlands-Indië gebeurde, werkt nog steeds door in de Nederlandse maatschappij, als een langzaam werkend gif. Het zou de heer Roijmans sieren te erkennen dat Mr. Pulles en het Comité Nederlandse Ereschulden zich namens een door de tijd uitgedund, aantal eenvoudige overlevenden van het drama in Rawagede inzetten voor een betere samenleving.

Gedegen gemanipuleerd 4

Nou ja zeg, de milieubeweging moet wel oliedom zijn, dat ze zich zo blijven verzetten tegen genetische manipulatie. Tien jaar toxicologisch onderzoek heeft immers geen gevaren kunnen bespeuren? Oeps, foutje! Sinds de eerste introductie van GM-gewassen zijn er tal van producten van de markt gehaald of zelfs vóór de marktintroductie teruggetrokken. Niet zelden waren de gezondheidseffecten de reden.In zijn boek `Genetic Roulette. The documented health risks of genetically engineered foods` (2007) geeft Jeffrey Smith een uitvoerig overzicht van alle gedocumenteerde gevallen. Natuurlijk worden de producten getest op schadelijke effecten, maar alleen door middel van kortlopend onderzoek, dat vooral is toegespitst op de effecten van de beoogde verandering. Onbedoelde effecten, die kunnen ontstaan doordat essentiële genen vernield of veranderd worden, slapende genen wakker worden, of omdat het regelsysteem verstoord wordt, zijn veel moeilijker te onderzoeken. Alle effecten zijn gevonden in kortlopend onderzoek. Langlopend onderzoek wordt niet gedaan en mochten er langetermijneffecten zijn, dan is het meer dan waarschijnlijk dat die in de epidemiologische ruis onopgemerkt blijven. Onafhankelijk onderzoek naar schadelijke effecten is ook nauwelijks te financieren. Multinationals beheersen de markt en de informatie. Duizenden schapen, die na de oogst graasden op de katoenvelden in India gingen dood. Mensen, die de katoen verwerken ontwikkelden ademhalingsklachten en huidproblemen. Boeren, die traditioneel zaaigoed willen kopen, kunnen het niet krijgen, omdat Monsanto en Syngenta alleen nog maar gemanipuleerd zaad verkopen. Maar India is ver weg en de doofpot groot. Hoezo onschadelijk? Het onderzoeksprotocol waaraan GM-gewassen moeten voldoen om markttoelating te krijgen is zo lek als een mandje.