Luister naar mij!

ILLUSTRATIE IRENE GOEDE
ILLUSTRATIE IRENE GOEDE Goede, Irene de

Bij tropische regenwouden denk je aan papegaaien, en aan andere vogels met kleurige snavels, kuiven en staarten. Maar in de tropische wouden van Costa Rica, in Midden-Amerika, leven ook vogeltjes die zo onaanzienlijk zijn als een mus. Met hun grijze en roodbruine tooi vallen ze tussen alle bladeren en takken amper op. En daar hebben ze zelf ook last van. Hoe moet een mannetje zijn vrouwtje terugvinden tussen het dichte groen? En hoe weet een vrouwtje waar haar mannetje uithangt?

De oplossing van deze vogeltjes, rood-witte winterkoninkjes, is: duetten zingen. Het vrouwtje begint een riedeltje en het mannetje maakt het af, of omgekeerd. En als het nodig is, hippen ze intussen steeds een stukje dichter op elkaars geluid af.

Biologen die in het Costa-Ricaanse woud twee jaar lang achter deze vogeltjes aanliepen, zagen dat stelletjes elkaar zo terugvonden in de bomen, zelfs als ze 140 meter (dat is iets langer dan een voetbalveld) van elkaar vandaan zaten.

Maar toen deden die onderzoekers iets onaardigs. Ze hingen in de buurt van elk van die stelletjes luidsprekers in de bomen. En daaruit lieten ze het gezang komen van een ander stel. Soms een heel duet, soms alleen het beginnetje daarvan, gezongen door een mannetje of een vrouwtje.

Raakten de ‘echte’ winterkoninkjes daardoor in de war? Nee, dat deden ze niet. Ze werden nijdig. Als er uit de luidsprekers een duet klonk, dan gingen ze zelf heel veel duetten zingen. Alsof ze wilden zeggen: wegwezen, dit is ons gebied. En dat deden ze ook bij beginnetjes van duetten. Alsof ze tegen hun echte man of vrouw wilden zeggen: luister niet naar die ander. Luister naar mij!