Het teleurstellende optreden van de politie

Wie staat er voor de rechter en waarom? De politie krijgt niet altijd gelijk. Zelf de officier van justitie vindt Marlons verhaal „best overtuigend”.

De zaak van Marlon (32) zou zo maar een gevalletje ombudsman kunnen zijn. Maar Marlon is er de man niet naar om veel stampij te maken. Lang en slank, in zijn werkkleren, komt hij de rechtszaal binnenslenteren. Niet onverschillig, eerder verlegen. Hij praat zacht, met een licht Surinaamse intonatie en vertelt dat hij die avond in januari iets af moest geven op een plein in Amsterdam. Marokkaanse jongens waren er rotzooi aan het trappen. Dat zag hij wel, maar hij sloeg er geen acht op. Tot de politie kwam aanrennen. Weg waren de Marokkanen. Maar toen werd hij ineens staande gehouden. Of hij zich kon identificeren. Dat kon hij, zegt hij, hij wou het ook wel, maar hij vond dat de agente dat niet zo onbeschoft hoefde te vragen. Hij stelde, met alle respect, een normale vraag: waarom ze zijn papieren wilde zien? Zij weigerde daarop te antwoorden. En toen stonden er ineens zes agenten. Hij werd naar de vlakte gebracht, traangas in zijn ogen, knie op zijn hoofd, handen op de rug. Mee naar het bureau. En daar moest hij de cel in. Wegens verzet tijdens de arrestatie.

De agente heeft verklaard dat ze Marlon acht keer gevraagd heeft om zijn papieren. Daarop heeft ze Marlon gesommeerd zich te identificeren. Toen hij bleef weigeren, besloot ze hem te arresteren. Bij het aanleggen van de ‘transportboeien’, zegt ze, ging het mis. Marlon rukte zijn arm los. En dat is verzet.

Marlon vindt het optreden van de agenten, zegt hij, nogal teleurgesteld. Hij was in de veronderstelling dat ze hem daar op dat pleintje misschien wilden horen als getuige. Hij had die jongens bezig gezien. Hij begrijpt niet waarom ze hem als een crimineel behandelden. Waarom meteen zo’n grote mond, waarom die toon? Hij begrijpt wel dat ze geëmotioneerd waren dat ze die Marokkanen niet te pakken kregen, maar moesten ze dat op hem af reageren? Bij de arrestatie werd zijn telefoon vernield, en op het bureau is hij zijn pinpas kwijtgeraakt. Pas de volgende ochtend mocht hij zijn raadsman bellen en toen die nét de auto stond te parkeren, werd hij ineens vrijgelaten. Dat klopt toch niet?

De officier van justitie vindt het verhaal van Marlon „best overtuigend” overkomen. Hij heeft, zegt hij, zelf ook een beetje het gevoel dat Marlon onterecht is aangehouden. Maar wat echt een fout was van de politie, is dat ze hem hebben vastgezet. Dat had niet gemogen. Daarvoor is het niet erg genoeg wat Marlon deed: zich verzetten tijdens de aanhouding. Ze hadden hem maximaal zes uur binnen mogen houden. Strikt genomen hebben ze die zes-uurstermijn niet overschreden. Marlon is om half acht ’s avonds aangehouden. Tussen 12 uur ’s nachts en 9 uur de volgende ochtend telt de celtijd niet mee, en hij is om half tien ’s ochtend weggestuurd. Vijf uur in totaal dus. Maar het blijft een nacht zitten. En dus vindt de officier Marlon wél schuldig – hij heeft zich verzet – maar hoeft hij wat hem betreft geen straf.

De advocaat lijkt een oudere, academische versie van Marlon. Hij spreekt hetzelfde plechtstatige Nederlands. Hij complimenteert de officier met zijn sympathieke eis. Eindelijk eens een officier die niet roept: gelogen, gelogen, de politie heeft het gelijk aan zijn zijde. Hij kent Marlon als een jongeling die het leven heel serieus neemt. Die deskundig is in de autobusiness (Marlon is plaatwerker) en die er altijd uitziet zoals vandaag, met kleding uit de werksfeer. Een beleefde jongen, die geenszins de intentie heeft de politie erbij te lappen of in een kwaad daglicht te stellen. Deze jongen, zegt de advocaat, vertelt de waarheid. Het relaas zoals Marlon het vandaag deed, wijkt niet af van de versie die hij zelf uit de eerste hand heeft mogen vernemen. Hij vraagt, kortom, vrijspraak.

De rechter zegt dat de politie het recht heeft om zonder opgaaf van redenen naar de identiteit te vragen. Marlon had zich kenbaar moeten maken. Maar dat het die avond zo vervelend uit de hand is gelopen, is volgens haar niet alleen te wijten aan Marlons gedrag. Marlon heeft zich verzet, maar krijgt daarvoor geen straf.