Denken en geloven

De hersenen kunnen hun eigen muziek, beeld en herinneringen maken. Wie doof is, denkt te horen.

Als hersenstructuren niet de normale informatie ontvangen gaan ze zelf informatie maken. Dat algemene principe geldt voor gebrek aan informatie uit het oor, het oog, het geheugen en uit de ledematen. Bij een man van 57 jaar, die al 20 jaar aan een ziekte van het binnenoor leed, ging het laatste jaar zijn gehoor sterk achteruit. Hij droeg twee hoorapparaten. Dat jaar was het nooit meer stil in zijn hoofd. Hij hoorde dag en nacht het Wilhelmus, Kerst- en Sinterklaasliederen, psalmen en soms kinderliedjes. De liederen waren wat vervormd maar goed herkenbaar, en soms zong hij mee. Dit is een bijzondere vorm van oorsuizen (Muzikale Tinnitus Aurium), die beter bij de Tinnitus Patiënten Vereniging bekend is dan bij de meeste artsen, zoals zijn vrouw mij vertelde.

Als de informatie ter plaatse gemaakt wordt, wordt deze geïnterpreteerd alsof deze langs de normale weg, van buiten het brein binnen komt. De gehoor-hersenschors gaat harder werken als de normale informatie uit het oor niet meer binnen komt, en produceert iets wat dat deel van de hersenschors normaal verwerkt: muziek. Je zou dus verwachten dat die liederen, waar hij dol van werd, moeten verdwijnen als je dat deel van de hersenschors weer stimuleert. Het was niet gemakkelijk iemand te vinden die het wilde proberen, maar bij Prof. De Ridder in Antwerpen kon hij terecht. Meteen nadat hij een kortdurende elektromagnetische proefstimulatie van de gehoor-hersenschors kreeg was de tinnitus weg en kwam pas enige dagen daarna geleidelijk weer terug.

Een soortgelijk fenomeen, waarbij de hersenen bij gebrek aan input zelf informatie produceren, treedt op bij het syndroom van Bonnet. Dit treft oudere mensen met een stoornis in het zien zoals staar, glaucoom of een bloedinkje in het netvlies. In de schemering in een rustige omgeving kunnen ze dan opeens heel kleurrijke beelden zien. Vaak zijn het bekenden, die mooi zijn aangekleed. Ze weten dat die beelden niet echt zijn, en als ze hun ogen sluiten verdwijnen de beelden meestal. Als de hersenschors waarmee je normaal ziet, niet voldoende informatie via het oog binnen krijgt, gaat deze zelf beelden maken. Hetzelfde gebeurt bij het uitvallen van het geheugen, bijvoorbeeld bij het syndroom van Korsakoff, een dementie door alcoholmisbruik. Hierbij ontstaan nepherinneringen aan gebeurtenissen die nooit hebben plaats gevonden, die confabulaties genoemd worden. Ook fantoomsensaties na een amputatie lijken gebaseerd te zijn op hetzelfde principe. Hierbij verzint het brein de aanwezigheid van een verdwenen arm of been bij gebrek aan de gewone informatie uit het ledemaat.

Bij schizofrenie is er ook een verminderde input naar hersenschorsgebieden. Hallucinaties bij schizofrenie zouden dus door hetzelfde mechanisme tot stand kunnen komen. Afhankelijk van welk hersenschorsdeel een verhoogde activiteit vertoont, zien of horen patiënten met schizofrenie dingen die er niet zijn. Inderdaad heeft de groep van Prof. René Kahn in Utrecht in verkennende experimenten laten zien dat elektromagnetische stimulatie van de hersenen de hallucinaties bij schizofrene patiënten doet verminderen.

Bergbeklimmers hebben soms, vooral in eenzaamheid, heftige ervaringen, zoals het gevoel van iemands aanwezigheid of hallucinaties zoals het horen van stemmen, het zien van mensen of van het eigen lichaam zoals bij een bijna-dood ervaring, en heftige angst. Daarom is het interessant dat er een periode van eenzaamheid in de bergen vooraf ging aan de openbaringen aan de leiders van de drie wereldgodsdiensten. Mozes ontving van de Here tweemaal de tien geboden op de berg Sinaï. De tweede maal was hij daar in eenzaamheid voor veertig dagen en veertig nachten. Brood at hij niet en water dronk hij niet. Toen de discipelen Petrus, Johannes en Jacobus met Jezus de berg Tabor of Hermon opgingen om te bidden verschenen Mozes en Elia voor hun ogen. Mohammed zag de aartsengel Gabriël toen hij in eenzaamheid op de berg Hira verbleef. Die ervaringen gingen gepaard met lichtsensaties, het horen van stemmen en met angst, zoals ook bij bergbeklimmers is beschreven. In grote eenzaamheid gaat het brein ook produceren wat er eerder door bedacht was en in opgeslagen is.

Dick Swaab

De auteur is hoogleraar in de neurobiologie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij is verbonden aan het Nederlands Instituut voor Neurowetenschappen. Vragen en reacties kunt u sturen naar zbrieven@nrc.nl