... en de politieke kant

Na een lange week van weinig woorden heeft president Bush vannacht gesproken. In een toespraak tot het Amerikaanse volk schetste Bush een zwart scenario, mocht het Congres niet instemmen met het reddingsplan van de regering. Door de hypotheekcrisis „loopt onze hele economie gevaar”, zei hij. Zonder onverwijld ingrijpen van de staat zou „financiële paniek” kunnen uitbreken, met een „lange en pijnlijke recessie” tot gevolg, aldus Bush.

Als een president, wiens „instinct” naar eigen zeggen juist altijd „tegen overheidsinterventies” is, zo radicaal de steven wendt, laat hij doorschemeren dat hij meer weet dan de gewone sterveling, dat de kredietcrisis nog dieper gaat dan we weten maar dat de oplossing in goede handen is.

Zeker is dat Bush de politieke greep op het saneringsproces is kwijtgeraakt. In feite geeft minister Paulson van Financiën thans leiding aan de uitvoerende macht in de VS. Intussen stelt de eigenlijke president zich nu zo nadrukkelijk boven de partijen op. De dreiging die van de crisis uitgaat, is immers zo groot dat kleine politiek ongepast is.

De Republikeinse presidentskandidaat McCain ging gisteren zelfs zo ver zijn verkiezingscampagne tijdelijk op te schorten en Obama op te roepen naar Capitol Hill in Washington terug te keren en daar gezamenlijk de handen uit de mouwen te steken. Deze zogeheten maverick, wiens campagne overigens steeds meer traditionele en Bush-achtige trekken begint te vertonen, schetste daarbij een beeld van de Amerikaanse economie alsof eigenlijk de staat van beleg zou moeten worden afgekondigd.

Mogelijk was de oproep van McCain niet gemeend en juist onderdeel van de verkiezingsstrijd zelf. Campagnemanagers over en weer gingen gisteren in ieder geval onverdroten door met hun aanvallen op elkaar.

Maar zelfs als dit idee een uiting was van diep patriottisme en dus geen truc om als gelouterde senator uit Arizona de jeugdige collega uit Illinois in de hoek van kleingeestige politiek te manoeuvreren, is zo’n apolitieke houding buiten de orde. De kredietcrisis heeft namelijk ook politieke oorzaken. En de bestrijding ervan zal zeker politieke consequenties hebben. Die kunnen variëren van een versterkte positie van de Amerikaanse staat en gelieerde controlerende agentschappen op de financiële markten tot een verzwakte positie van diezelfde staat in de mondiale arena. De uiteindelijke winst- en verliesrekening zal het resultaat zijn van beslissingen en wetgeving in onder meer het Congres. En hoewel de details nog onduidelijk zijn, zal de prijs mede worden betaald door de Amerikaanse kiezers die 4 november naar de stembus mogen. Niet voor niets gaat het debat in het Congres over de vraag of de belastingbetaler in Main Street wel moet opdraaien voor een ‘socialisatie’ van Wall Street.

Het reddingsplan is geen lapmiddel, maar legt de basis voor een nieuwe financiële infrastructuur. De kiezer heeft recht op een campagne waarin beide kandidaten ingaan op de fundamentele vragen die Bush heeft opgeworpen.