Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Zorg

Netvliestransplantatie met foetaal netvlies geeft vaak beter zicht

Het netvlies van patiënt no. 8 voor transplantatie (links) en een jaar later (midden). Het omstippelde deel geeft aan waar een klein stukje netvlies werd getransplanteerd. Rechtsboven een zijaanzicht van het net getransplanteerde netvlies. Een jaar later (rechtsonder) is het ‘bubbeltje’ weg. foto AJO
Het netvlies van patiënt no. 8 voor transplantatie (links) en een jaar later (midden). Het omstippelde deel geeft aan waar een klein stukje netvlies werd getransplanteerd. Rechtsboven een zijaanzicht van het net getransplanteerde netvlies. Een jaar later (rechtsonder) is het ‘bubbeltje’ weg. foto AJO AJO

Een netvliestransplantatie bij tien blinden gaf zeven van hen een verbeterd gezichtsvermogen. Soms kon iemand weer een groteletterboek lezen. Het effect is waarschijnlijk tijdelijk, hoewel bij één patiënt het betere gezichtsvermogen al vijf jaar stand houdt. Wonderlijk genoeg nam bij drie van de tien patiënten het gezichtsvermogen in beide ogen toe, hoewel steeds maar in één oog (het slechtste) een stuk netvlies werd getransplanteerd (American Journal of Ophthalmology, augustus).

De 40- tot 80-jarige zeer slechtzienden leden aan netvliesdegeneratie door retinitis pigmentosa of door droge maculadegeneratie. Dat zijn ziekten die zich doorgaans op oudere leeftijd openbaren. Als die patiënten met een netvliestransplantatie zouden zijn te genezen, zijn er alleen in de westerse wereld al miljoenen mensen die baat kunnen hebben bij zo’n transplantatie.

Maar het onderzoek naar netvliestransplantatie verloopt moeizaam. De tien patiënten waarover oogartsen van een paar Amerikaanse klinieken nu rapporteren doen mee in het kader van een onderzoek dat tien jaar geleden begon. Een belangrijke beperkende factor voor succes is dat de ‘donoren’ bij deze transplantaties geaborteerde foetussen zijn.

De patiënten kregen een miniem stukje (4 vierkante millimeter) foetaal netvlies in hun eigen netvlies getransplanteerd. Het eerste idee was dat het donornetvlies zelf zenuwverbindingen zou aanleggen om de lichtgevoelige cellen te laten werken in het donororgaan. Maar of dat gebeurt is niet opgehelderd. De mogelijkheid bestaat dat alleen groeifactoren uit het foetale donornetvlies de oude lichtgevoelige cellen reactiveren.