Neanderthaler baarde zwaar

De zwangerschap van de Neanderthaler verliep net als bij moderne mensen: negen maanden lang en een lastige bevalling. Dat tonen scans van de best bewaarde Neanderthalerbaby’s.

Neanderthalervrouwen hadden dezelfde zware bevallingen als moderne mensen. Dit blijkt uit een computerreconstructie waarbij een 3D-model van een pasgeboren Neanderthalerbaby door een 3D-model van het bekken van een Neanderthalervrouw werd gevoerd. Het bekken is iets wijder dan dat van moderne vrouwen, maar de baby moest met zijn grote hoofd toch dezelfde moeilijke draai maken als alle mensenbaby’s in het geboortekanaal.

Uit de reconstructie bleek ook dat de hersenomvang van de Neanderthalerbaby ongeveer 400 kubieke centimeter (cm3) was, even groot als bij mensen. Dat maakt het erg waarschijnlijk dat de zwangerschap van Neanderthalers ook negen maanden duurde, zo schrijft een onderzoeksteam onder leiding van Marcia S. Ponce de León en Christoph Zollikofer (Universiteit van Zürich) deze week in de Proceedings of the National Academy of Sciences (Early Edition, online).

Uit vergelijking van de babyreconstructie met een 3D-model van twee iets oudere Neanderthalerkinderen (van anderhalf en twee jaar) leidden de onderzoekers verder af dat de hersengroei bij Neanderthalers in de eerste jaren groter was dan bij mensenkinderen. De groei valt nog wel net binnen de moderne menselijke variatie.

De onderzoekers benadrukken dat die snellere hersengroei niet betekende dat Neanderthalerkinderen eerder klaar waren met hun groei dan mensenkinderen. Ze moesten ook groter groeien, want volwassen Neanderthalers hadden gemiddeld grotere hersenen dan moderne mensen: ruim 1.500 cm3 tegen 1.350 cm3 voor Homo sapiens.

Ponce de León en Zollikofer baseerden hun computermodellen op unieke Neanderthalerskeletten: de drie enige redelijk overgebleven jonge Neanderthalerkinderen en de enig bekende Neanderthalervrouw. Het babymodel is gebouwd op een vrij compleet skelet van een pasgeboren Neanderthalerkind uit de Russische Mezmaiskaya-grot in het noorden van de Kaukasus. Het werd in 1993 gevonden en is ongeveer 60.000 jaar oud. In een ziekenhuis in St. Petersburg gingen de botten de CT-scan in en werd het lichaam elektronisch weer in elkaar gezet. De twee oudere kinderen leefden bij de Dederiyeh-grot in Syrië, circa 50.000 jaar geleden – toevallig werden hun botten ook in 1993 opgegraven. Die werden gescand in een ziekenhuis in Tokio.

De reconstructie weerlegt een hardnekkige theorie dat Neanderthalers een langere zwangerschap hadden dan moderne mensen. Want, zo redeneren de onderzoekers, als Neanderthalersbaby’s sneller groeien maar met een even groot hoofd ter wereld komen als moderne mensen, zal hun verblijf in de baarmoeder echt niet langer hebben geduurd.

De 400 cm3 hersenomvang is waarschijnlijk het maximum waarmee een mensachtige ter wereld kan komen, vermoeden ze. Het bekken van de vrouw kan niet veel breder worden zonder dat ze ernstige problemen met lopen krijgt. Ze vermoeden verder dat de moeizame draai die de baby met het hoofd door het geboortekanaal moet maken al 450.000 jaar oud is. Want rond die tijd leefde de laatste gemeenschappelijke voorouder van de moderne mensen en de Neanderthaler, met ook al behoorlijk grote hersenen (ca. 1200 cm3).

Dat Neanderthalers een langere zwangerschap hadden en dus ook minder hulpbehoevende kinderen ter wereld brachten, werd lange tijd gedacht. Ze hebben een langer schaambeen dan de mens, en dat kan betekenen dat ook het geboortekanaal groter is. Met de vondst van een complete (mannelijke) Neanderthalerheup in 1983 bleek die bekkenopening helemaal niet zoveel groter. Het idee van de langere zwangerschap bleef nog lang rondzingen, ook al omdat het zo mooi zou passen bij ideeën dat Neanderthalers een veel kortere jeugd hadden. Tegen beide ideeën nemen Ponce de Léon en Zollikofer deze week dus stelling.

In hun interpretatie worden ze gesteund door andere Neanderthaler-onderzoekers. Chris Stringer van het Natural History Museum in Londen laat weten dat hij achttien jaar geleden al tot vergelijkbare conclusies kwam over het levenstempo van onze naaste hominide verwanten. „De Neanderthalers hadden ten minste even grote hersenen als wij en het kost nu eenmaal tijd om zo’n brein te laten groeien.”

Ook archeoloog Wil Roebroeks van de Universiteit Leiden, die veel onderzoek doet naar de leefwijze van Neanderthalers, is blij. „Dit past helemaal in het idee dat grote, kostbare hersenen, een lang leven met een lange jeugd en een op kennis gebaseerde manier om voedsel te verzamelen, één pakket vormden. Dat was de evolutionaire niche van de jagers-verzamelaars. Wat we weten van Neanderthalers past daar goed in: grote hersenen én veel vlees in het dieet.”