Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

Boeken

Bij El Bezaz wordt diep gevoeld en diep geleden

Naima El Bezaz: Het gelukssyndroom. Contact, 256 blz. € 17,50
Naima El Bezaz: Het gelukssyndroom. Contact, 256 blz. € 17,50

Naima El Bezaz: Het geluks-syndroom. Contact, 256 blz. € 17,50 *

Zwaarmoedigheid is sinds mensenheugenis een thema en een inspiratiebron geweest voor kunstenaars die hun wanhoop of angst alle mogelijke vormen hebben gegeven, van pessimistische bespiegelingen tot ijzingwekkende kreten van afschuw. Maar dat betekent niet, omgekeerd, dat het ‘verwerken’ van een psychische aandoening die als vitale depressie te boek staat een geheid recept is voor een kunstwerk. De tallozen die therapeutisch aan het schilderen of schrijven slaan, kunnen daar baat bij hebben, het publiek hoeft er niet mee geconfronteerd te worden.

Naima El Bezaz is schrijfster en zij heeft een depressie doorgemaakt. De combinatie van deze twee gegevens is geen garantie voor literatuur. El Bezaz beseft dit wel, getuige het eerste hoofdstuk van haar nieuwe roman Het gelukssyndroom, waarin de ik-figuur de volgende waarschuwing uitspreekt: ‘Dit wordt geen meesterwerk, want pretenties heb ik niet. [...] Ik ben goed in verhalen, maar stilistisch geen talent’. Dat laatste was al bekend voor wie haar vorige boeken heeft gelezen: de novelle De weg naar het noorden, de verhalenbundel Minnares van de duivel en de roman De verstotene. De lezer mag nu dus wél rekenen op een goed verteld verhaal, maar wordt in deze verwachting teleurgesteld.

Wat op de verontschuldigende aanhef volgt is een uit stoplappen samengesteld relaas over een onwaarschijnlijke vriendschap tussen twee jonge vrouwen, de één, Marit, van gegoede Nederlandse komaf, de ander, Layla, van Marokkaanse herkomst. De één kan het leven niet aan, de ander is dodelijk ziek.

Marit heeft kanker en wil in de tijd die haar rest zo veel mogelijk van het leven genieten. Layla daarentegen kan niet genieten. Dat ligt mede aan haar Marokkaanse milieu waar alles altijd op haar neerkomt. Zij moet met nare baantjes de kost verdienen voor haar afgekeurde vader, haar ziekelijke moeder, haar macho broertjes en jongere zusje. Haar familieleden minachten haar omdat ze geen man heeft en van de weeromstuit is ze zichzelf ook gaan minachten. Er wordt veelvuldig ‘diep’ gevoeld en ‘diep’ geleden en op het eind gaat Marit dood, de lezer verbijsterd achterlatend over zoveel tergende onbenulligheid.

De ik-figuur die het verhaal opschrijft heeft geen publiek voor ogen. ‘Een troost: niemand dan ik zal het lezen, want de vol geschreven vellen zullen aan het vuur worden toevertrouwd in de open haard van dit prachtige hotel. Het verhaal zal door het vuur worden verteerd, zoals de mens uiteindelijk door de aarde zal worden verzwolgen. Stof wordt weer stof.’

In een nawoord legt El Bezaz uit waarom ze het verhaal over Marit en Layla toch maar wel heeft gepubliceerd. Ze schreef het tijdens een depressie die volgde op ernstige bedreigingen door een Marokkaanse jongen die op internet opriep haar te stenigen wegens haar roman De verstotene.

Te erg voor woorden allemaal. En dat is ironisch genoeg ook het kenmerk van een depressie: er zijn geen woorden voor, er valt nauwelijks uit te drukken wat een mens in zo’n geestestoestand doormaakt, er is geen ‘verhaal’ van te maken omdat iemand met een depressie juist zijn verhaal kwijt is.

Naima El Bezaz beoogt, aldus het naschrift, met deze publicatie het taboe op depressiviteit te doorbreken. Volgens haar leeft dit taboe vooral in islamitische kringen. Ik wil dat wel aannemen, maar betwijfel of deze zielloze vertelling detaboeïserend zal uitwerken.

Elsbeth Etty