Borstvoeding

In het artikel `Zachte lading, harde feiten` (Zaterdag &cetera, 30-8) wordt beschreven hoe een gezinsverzorgster van Bureau Jeugdzorg noteert dat de moeder de drie maanden oude baby borstvoeding geeft wanneer het wil en dat hier `geen structuur in te ontdekken is`. Als klap op de vuurpijl, zo voegt ze hieraan toen, biedt de moeder bij wijze van grapje haar zoontje van drie 3 ook de borst aan. Deze als negatief uitgelegde waarnemingen getuigen van ondeskundigheid van Jeugdzorg op dit terrein.

De Marokkaanse vrouw behoort tot die kleine groep van moeders die drie maanden of langer borstvoeding geeft. Ze voldoet daarmee in de eerste plaats precies aan wat de Nederlandse consultatiebureaus/de overheid bepleit. In de tweede plaats doet ze dat naar moderne opvattingen. In de jaren zeventig werd de moeders een strak voedingsschema gedicteerd (`om de drie uur exact en maximaal twintig minuten drinktijd`), maar tegenwoordig is `voeden op verzoek` gebruikelijk.

Het vrij laten van het vraag- en aanbodmechanisme komt namelijk de borstvoedingsproductie ten goede: hoe meer de baby vraagt, hoe meer melk de moeder aanmaakt. In de derde plaats is zelfs het aanbieden van de borst aan een al wat ouder kind, zo schokkend nog niet. Het tegelijkertijd voeden van een ouder kind en een jonge baby komt vaker voor en wordt tandemvoeden genoemd.

De observator van Jeugdzorg had het geven van borstvoeding in het algemeen en het voeden op verzoek in het bijzonder positief moeten uitleggen. Het borstvoedingsgedrag van de Marrokaanse moeder voldoet meer aan de moderne Nederlandse gepropageerde lactatienorm dan de ouderwetse jaren-zeventig opvattingen van de Nederlandse gezinsverzorgster. Het is een treurige constatering in al even zo treurige zaak.