Bakje doen met zicht op Italiaanse akker

Televisieprogramma’s als ‘Ik vertrek’ lokken tientallen Nederlanders naar Italië. Integratie blijkt er moeilijk, dus zoeken ze elkaar op. „Nederlanders vinden dat fijn.”

Andrea Bocelli streelt de oren, het glooiende landschap betovert de ogen en de pizza’s van Ben Stroo doen de rest voor het dozijn Nederlanders dat hij vanavond ontvangt aan de dis. Alsof hij nooit anders deed, schept hij met zijn pala de pizza’s uit de withete oven.

Twee jaar geleden was hij nog projectmanager bij telecomgroep KPN met een burn-out. Nu is hij de trotse eigenaar van ‘Casa Tartufo’, een Agriturismo in de Italiaanse regio de Marken.

En hij is niet de enige Hollander in deze streek ten oosten van Umbrië en Toscane. Alleen al rond het stadje Pergola zijn de afgelopen jaren zes Nederlandse agriturismi geopend. Makelaar Claudio Guatelli schat dat hij vijftig tot zestig Nederlanders aan een huis heeft geholpen. En hij is maar één van de vele makelaars in het gebied. „Het landschap is net zo mooi als in Toscane, het is minder toeristisch en het is goedkoper”, zegt hij ter verklaring van de Nederlandse interesse.

‘Het roer om’, ‘De Italiaanse droom’, ‘Ik vertrek’ heten de programma’s over Nederlanders die het voor gezien houden en emigreren. Op vakantie in de Marken kun je zien hoe ze aankomen en of het ze bevalt.

Ben en zijn vrouw Sabine Stroo (40) vertrokken een jaar geleden richting Italiaanse zon, begeleid door de camera’s van het tv-programma ‘Ik vertrek’. Ze hebben een oude Casale voor 365.000 euro overgenomen van een Nederlander die het niet was gelukt om er een bloeiende Agriturismo te openen. Inmiddels runt het echtpaar Stroo hier een camping met vijf tenten en zijn er vier appartementen in de verhuur.

„We zaten op de automatische piloot in Nederland. We wilden weg uit het keurslijf van afspraken en voorspelbaarheid”, zegt Sabine, die grimeur was en nu hard moet werken om de was te doen en de appartementen schoon te houden. Tot nu toe is ze zeer tevreden over haar keuze. „Het is hier back to basics. Het leven is intenser, je zit in de natuur.”

Maar de inkomsten zijn nog onvoldoende om er van te kunnen leven. „Je hebt minstens zes appartementen nodig”, zegt Ben (42). Om bij te verdienen, werkt hij als klusjesman bij de vele buitenlanders die in deze streek een huisje hebben gekocht: „Je leert hier creatief te zijn”. Creatiever dan een projectmanager bij KPN.

Het heeft iets bizars. Een Nederlandse Agriturismo op een Italiaanse berg met louter Nederlandse gasten. „Wat je wilt is integreren in dit land, maar dat mis ik nog”, zegt Ben. Hij is zó druk met zijn werk, dat de Italiaanse taalcursus erbij inschiet.

Ook de Italiaanse televisiezenders ontvangt hij nog niet goed, terwijl de schotel alle Nederlandse zenders luid en duidelijk binnenvoert: „Ik mis discussie, het voeren van dialogen met Italianen”, zegt Ben. En dus zoeken hij en Sabine met regelmaat hun Nederlandse lotgenoten op „om gezellig een bakje te doen”. Want al ben je Nederland zat, je kunt niet helemaal zonder, zo blijkt ook uit de voorraadkast van Sabine.

Ook hun kinderen van zes en negen zijn nog volop aan het schakelen. „Sabine: Ze missen hun vriendjes en mopperen over de lange schooldagen en het vele huiswerk.”

Dat probleem hebben Gemma van Beekveld (47) en Bert van Grinsven (46) niet. Ze hebben geen kinderen. „We gingen ons steeds meer ergeren aan het ieder voor zich en het materialisme in Nederland. We hadden het huis en de keuken al twee keer verbouwd. We kochten steeds een grotere auto. Voor afspraken met vrienden moesten we de agenda trekken en soms drie maanden wachten.”

Toen Bert voor de tweede maal in drie jaar werd ontslagen bij hetzelfde bedrijf dacht hij: „Voor de zekerheid hoef ik niet te blijven.” De emigratieprogramma’s op tv brachten hen op het idee. Vervolgens ging het snel. In twee weken vonden ze dit huis. En binnen een paar maanden hadden ze hun bed&breakfast ‘Rosa nel Pozzo’ volgeboekt.

Ze wonen in een kom tussen omgeploegde akkers. In de verste verte is geen mens te zien. Maar Bert en Gemma zijn tevreden. „Als je denkt hetzelfde leven en dezelfde luxe als in Nederland aan te treffen, kom je bedrogen uit. ’s Winters kan het hier kouder en klammer zijn dan in Nederland.” ’s Zomers verandert ook hun stulp in een kleine Nederlandse enclave. Gemma: „Nederlanders vinden dat fijn. Ze zoeken elkaar op en dat kan hier.”

Hoe graag ze bij elkaar kruipen en wat de impact van televisie is, wordt pas echt duidelijk in de bed&breakfast ‘Terrazza Piticchio’ van Thomas en Sandy Broos in het vestingstadje Piticchio. Dit stel streed het afgelopen jaar in het KRO-programma ‘Italiaanse Droom’ dertien afleveringen lang om het recht een half jaar een bed&breakfast in Italië te mogen runnen.

Het succes van dat programma lokt nog dagelijks Nederlanders naar Piticchio. Thomas: „Meer dan vijftien Nederlandse auto’s per dag komen hier langs. En de bestuurders bellen hier allemaal aan. Ze willen alles van ons weten. Hoe het ons bevalt, of we blijven?”

Om aan de vraag van tv-kijkend Nederland op vakantie tegemoet te komen, besloot Thomas rondleidingen door het dorp aan te bieden, en de Nederlanders een blik achter de schermen van het programma te gunnen. Deelnamekosten: 10 euro per persoon. Heel wat dagen verdiende het stel meer aan de nieuwsgierigheid van Hollanders die hun Italiaanse droom wilden mee beleven, dan aan de gasten in de bed&breakfast.